Het traditionele gezin is anno 2017 vervangen door een breed scala aan gezinnen

In de huidige HP/De Tijd stelt Oswin Schneeweisz de vraag of het gezin nog wel de hoeksteen van de moderne samenleving is. Er zijn in ieder geval genoeg nieuwe gezinsmodellen die het traditionele hoeksteengezin.

“Het gezin als kleinste leefeenheid waarbinnen kinderen met liefde en warmte kunnen opgroeien zal niet verdwijnen, maar als hoeksteen is het verkruimeld,” stelt socioloog Cas Wouters in het artikel.

De tekst gaat hieronder verder.

Het gezin als hoeksteen van de samenleving verkruimelt

“Het traditionele gezin met mannetje, vrouwtje en 1,7 kind gaat op in een waaier van nieuwe vormen en opvoedstijlen: homohuwelijken, eenoudergezinnen, meeroudergezinnen, patchworkgezinnen. Dat is een voortzetting van emancipatie en informalisering.” We hebben tegenwoordig een scala aan gezinsvormen.

Het kerngezin

Een volwassen man en vrouw leven samen en hebben kinderen met elkaar. Ze zijn de biologische ouders van de kinderen.

Het patchworkgezin

Gezin waarvan in elk geval een van beide ouders een of meer kinderen heeft uit een of meer eerdere relaties en waarvan de ouders gezamenlijk ook een of meer kinderen kunnen hebben.

Het eenoudergezin

Een volwassene met kinderen van wie hij of zij de biologische ouder is.

Het holebi-gezin

Twee mannen of twee vrouwen die samenleven en kinderen hebben, uit een vorige heterorelatie, geadopteerd of als pleeggezin. Een van de twee kan ook de biologische vader of moeder zijn via draagmoederschap of zaaddonatie.

Het pleeggezin

Eén of twee volwassenen zorgen voor meerdere kinderen. Ze zijn niet de biologische, maar wel de sociale ouders. De biologische ouders blijven vaak betrokken en hebben inspraak bij belangrijke beslissingen. Dit betreft meestal een tijdelijke constructie. Vanaf het moment dat volwassenen beslissen om het kind te adopteren spreken we van een adoptiegezin.

Het adoptiegezin

Eén of twee volwassenen hebben kinderen waarvan ze niet de biologische ouders zijn. Ze zijn dan de sociale en juridische ouders. Bij een adoptie wordt het kind wettelijk het eigen kind van één of twee volwassenen. Het kind krijgt de achternaam van de adoptieouders.

Het co-oudergezin

Gescheiden ouders delen het ouderlijk gezag over de kinderen. Ze zijn beide verantwoordelijk voor de gezamenlijke opvoeding van hun kind. Gezagsco-ouderschap komt voor bij kinderen die op twee adressen wonen, dus afwisselend bij één van beide ouders. Maar ook als het kind op één adres woont bij de ene ouder en de andere ouder op bezoek gaat, kan er sprake zijn van gezagsco-ouderschap. Eventuele nieuwe partners (plusouders) hebben juridisch geen ouderlijk gezag, maar oefenen vaak wel ouderlijke taken uit.

Birdnesting

Variant van het co-oudergezin waarbij de kinderen na een scheiding in het ouderlijk huis blijven wonen en de ouders elkaar op dat adres afwisselen.

Het generatiegezin

Ouders en kinderen leven in familieverband met grootouders, tantes, ooms, enz.

Het mee-oudergezin

Eén of twee volwassenen met een gezin zorgen, naast de ouders, mee voor de kinderen en zijn nauw betrokken bij de op- voeding. Het verschil met een pleeggezin is dat de biologische ouders bij een mee-oudergezin meer aanwezig zijn in het leven van het kind/de kinderen.

Het meeroudergezin

Gezin waarin door omstandigheden meer dan twee ouders in het spel zijn, bijvoorbeeld als er sprake is van een draagmoeder; gezin met meer dan twee ouders.

Het tienergezin

Hier deelt een minderjarige de opvoeding van zijn of haar kind met een volwassene, meestal met de eigen ouder(s).

Het lat-gezin

Twee volwassenen leven niet samen, maar hebben wel een relatie én kinderen met elkaar.