Een brief aan alle mannen

De reetgate met GeenStijl, Katja’s kont tegen seksisme en Mees die boos wegliep uit een radioprogramma. De eeuwige strijd tussen mannen en vrouwen is weer actueler dan ooit. Stella Bergsma vindt het maar saai en achterhaald. Hoe kan er nou ooit vrede op aarde komen als het tussen de seksen al niet lukt? Daarom schreef ze een verbindende brief.

“Lieve mannen,

Lieve, lieve mannen. Met jullie haren, jullie armen, jullie schitterende schouders, soms gebeeldhouwde torso’s en jullie diepe stemmen. Met jullie mooie woorden, jullie kunst, jullie muziek. Jullie trots, jullie werk, jullie wereld. Hier spreekt Stella Bergsma, woordkotster, briefbreister, borrelbefster, feminist fatale. Dat laatste alleen als het uitkomt, hoor. Op een conferentie over emancipatie laat ik me dat etiket graag opplakken om het vervolgens op Twitter met ferme kracht los te rukken en van me af te smijten. ‘Feminisme? Nooit van gehoord,’ roep ik daar. En van harte. Hoe ik mezelf noem heeft namelijk geen enkele invloed op mijn denkbeelden, dus je m’en fucking fous. Totaal geen feministe, ik.

Je hebt een ander voor ogen. Je moet bij Asha, Sasha en alle Elma’s wezen. Ik gooi zo mijn zusters onder de bus. Net zo makkelijk. Anders moet ik namelijk de hele dag over de islam discussiëren met woedende anonieme eieren. En dat ben ik zo spuugzat, dat ik nog liever in een moskee naar Mekka ga mekkeren. Ik heb echt zoveel betere dingen te doen met mijn tijd.

Jullie deze brief schrijven, bijvoorbeeld. Als feministe. Dat ben ik namelijk enorm. Dat is me gevraagd en ik krijg er geld voor. Opportunisme voor elke gelegenheid. Ik ben überfeministe. De feministigste feministe die er is en ik wil me verbinden. Met jullie. Jullie mannen. Zoveel mogelijk. Het liefst allemaal. Handenvol, landenvol mannen en ik. Jullie en ik in een stevige verbinding. Een legering.  Een brug, een ontmoeting. In grote kring met jullie om de wereld. Die mooie, grote handen pakken. Die zware stemmen horen bulderen. En dansen, dansen met zijn allen. Ik maak geen grappen. Ik ben echt gek op jullie allemaal. Groot, klein, dik, dun. Macho metro, hipster, punk. Zakenman, sporter, kunstenaar, junk. Van alpha- tot omegaman. Ik houd er zoveel van.

Stuk voor stuk vind ik jullie schitterend. Prachtige penii op pootjes. Met praatjes vaak. Enorme praatjes, maar die vind ik meestal ook heel mooi. Hadden vrouwen maar zulke babbels. Hadden ze maar een tiende van jullie zelfvertrouwen, jullie moed en vooral jullie schijt. Ik bewonder jullie echt, kijk tegen jullie op. Hoe jullie jezelf durven te zijn. Je niets aantrekken van wat anderen van jullie vinden of over jullie zeggen. Hoe jullie jezelf en elkaar feliciteren. Hoe jullie met elkaar omgaan. Ik vind jullie wereld oprecht leuker en jullie maken de mijne beter.

Soms komt mij ter ore dat jullie denken overal de schuld van te krijgen. Van het patriarchaat, van de onderdrukking en voor de witte exemplaren van jullie: van racisme. Maar dat is onzin. Dat is niet jullie schuld. Zo eenvoudig zijn dingen nooit en dingen zijn nooit eenvoudig.  Niemand is de schuld, er bestaat geen schuld. Er bestaan aanleidingen, oorzaken en vaak schier onontwarbare redenen en systemen.

Onopgeloste problemen

En who cares ook? Ik vind dat zo’n infantiele neiging van mensen. De schuldige aanwijzen. Berbertje moet hangen. En dan? Is dan alles beter? Welnee. Zijn de problemen dan opgelost? Not even close. De toekomst, daar gaat het tenslotte om. Daar dansen we toch naartoe met zijn allen?

Dus, mannen, kerels, snuiters, gozers, binken, heren.  Brogers, mijnheren, peren. Vaders, broers, ooms, zoons, vrienden. Ik wilde jullie even eren in deze brief. In het testosteronnetje zetten. Jullie een goed gevoel geven en zeggen dat jullie het prima doen. Een zogezegd hart onder de piem. Sommigen van jullie zijn natuurlijk klootzakken, maar sommige mensen zijn nou eenmaal klootzakken. De meesten van jullie zijn lief, tof en zo stoer als ik zou willen zijn. Zo doortastend en onaantastbaar. Ik leer heel veel van jullie.

Over hoe je om moet gaan met kritiek. Hoe je moet vechten en niet zeiken. Hoe je altijd je eigen gang moet gaan, in jezelf moet geloven en niet de hele dag voor de spiegel om je kont moet jammeren. Hoe je dingen kunt doen in plaats van alleen maar te zijn. Hoe je bergen kunt verzetten in de tijd die je anders aan het harsen van je benen besteedt en hoe je mensen van repliek dient en hoe je met je eigen lichaam omgaat. Eerlijk gezegd heb ik mijn beste feminisme van mannen geleerd.

Ik ben niet kwaad op jullie, ik neem jullie niets kwalijk. Ik vind jullie lief, kwetsbaar, feilbaar en dapper. Ik weet dat het leven ook niet makkelijk is voor jullie. Dat je heel wat moet overwinnen om zo te zijn als jullie. Een kusje van mij aan jullie, lieve mannen. Jullie zijn tenslotte ook maar mensen.

P.S. Op Twitter ontken ik alles.”