De eenzame panda’s van die arme, arme Marcel Boekhoorn

Gisteren heb ik twee kaarten gekocht voor Ouwehands Dierenpark, de dierentuin waar pandaberen Wu Wen en Xing Ya verblijven. Niet dat ik sta te trappelen om de wollige wezens te zien. De kaarten zijn vooral een steunbetuiging aan Marcel Boekhoorn, de ondernemer die de panda’s naar Nederland haalde.

Geen sinecure. Boekhoorn heeft zich vijftien jaar een verzwikte tong gelobbyd, kreeg drie minister-presidenten zo gek om bij elk Chinees overleg over die panda’s te beginnen, tikte 7 miljoen euro af voor het pandaverblijf en betaalt jaarlijks 1 miljoen euro aan leasekosten voor die bamboeknagers. De ondernemer had grote verwachtingen. Honderdduizenden zouden de panda’s komen aanschouwen. Hij maakte zich zorgen of er wel genoeg parkeergelegenheid bij de dierentuin zou zijn.

Zelden druk

“Veel lost zich vanzelf op, maar er zullen aanloopproblemen ontstaan. Want wie kan ze weerstaan? Met hun zwartomrande ogen, die witte snoet,” vroeg Boekhoorn zich af. Best veel mensen blijkt nu. Ondanks alle media-aandacht is de stormloop op de panda’s uitgebleven. Op de website van de dierentuin kun je zien op welke dagen het ‘gezellig druk’, ‘druk’ of ‘vol’ is. Vol is het nooit, (gezellig) druk zelden.

In mijn fantasie staat Boekhoorn in een lege dierentuin met vochtige ogen naar zijn leasepanda’s te kijken. Het project wat hij ‘sociaal gezien’ zijn ‘beste deal ooit’ noemde. Een diep medelijden maakt zich van mij meester. Misschien vindt u dat niet nodig. Als doorgewinterde ondernemer snapt Boekhoorn dat niet ieder project in goud verandert. En op zijn vermogen van 1,3 miljard euro kan hij die paar miljoen ook wel missen. Maar daar gaat het niet om. Boekhoorn heeft een onhollandse bravoure.

Boekhoorn Wordt Lachend Rijk

Zo heette een van zijn eerste bv’s Bowolar, wat naar verluidt stond voor Boekhoorn Wordt Lachend Rijk. Tijdens een gesprek met een journalist zou hij de saldofoon van zijn bank hebben gebeld. Waarop een krakende stem mededeelde: Uw saldo is vierhonderdachtmiljoen..negenhonderdtweeëndertigduizend…zeshonderdenveertien euro en tweeënvijftig cent. Da’s 408.932.614,52 euro in cijfers, maar ik kan er een eurootje naast zitten. Sommigen vinden zulke streken arrogant of misplaatst, maar ik vind het brutaal en geestig.

Bovendien hanteert de ruimhartige miljardair het levensmotto ‘Als je niet kunt delen, kun je niet vermenigvuldigen’. Dan is het sneu dat zijn voorliefde voor panda’s, een dier dat zelf zeldzaam slecht is in vermenigvuldigen, niet (tegen betaling van 20-25 euro) gedeeld wordt.

En dat allemaal in het jaar waarin zijn favoriete voetbalclub NEC — ondanks zijn financiële steun — degradeerde uit de Eredivisie. Het zit die arme, arme Marcel niet mee. Mijn vriendin en ik komen deze zomer in ieder geval de panda’s bewonderen. Al hoop ik stiekem een glimp van de dierentuineigenaar op te vangen. Wie kan hem nou weerstaan? Met z’n innemende glimlach, z’n vrolijke streken en guitige kop. En nog rijk en vrijgezel ook. Ik hou de hand van mijn vriendin in ieder geval goed vast.

Foto: ANP/Jerry Lampen