Nieuwe lesbische premier Servië lijkt zich niet in te willen zetten voor homotolerantie

Ana Brnabic is sinds donderdag de eerste vrouwelijke en openlijk homoseksuele premier van Servië. Dit zou vooral goed zijn voor een land waarin ruim tweederde van de bevolking homoseksualiteit ziet als ziekte. Een positief geluid voor de LGBT-gemeenschap in Servië, zo lijkt het. Maar Brnabic zelf lijkt zich niet in te gaan zetten voor homotolerantie: “Ik ben geen LGBT-activist.”

“Hardwerkend,” omschreef de Servische president Aleksandar Vučić de 41-jarige Ana Brnabic toen hij haar voorstelde als nieuwe premier van Servië. Hij loofde onder andere haar professionele en persoonlijke kwaliteiten. Maar het zijn niet deze kwaliteiten waarmee Brnabic een wereldprimeur wist te behalen. Ze is de eerste vrouwelijke premier die daarnaast ook nog eens openlijk uitkomt voor haar homoseksualiteit. Dit feit zou met name goed zijn voor het conservatieve Servië waarin homotolerantie niet hoog op de agenda staat.

De Servische burgerrechtenactivist Goran Miletić noemt de benoeming van Brnabic dan ook goed nieuws voor de LGBT-gemeenschap. “Zelfs in westerse landen zou het groot nieuws en een positief geluid zijn als een homo of lesbienne minister of premier zou worden,” zegt Miletić. “Dit is in het bijzonder belangrijk voor een land waarvan 65% van de bevolking homoseksualiteit bestempeld als een ziekte. De benoeming van een lesbische premier kan alleen maar iets positiefs zijn.”

Lesbische premier

Brnabic zelf is niet blij met de manier waarop zij wordt neergezet als de ‘eerste Servische lesbische premier’. Vorig jaar werd ze benoemd tot minister van Openbaar Bestuur en sprak toen al haar hoop uit om na enige tijd niet meer bekend te staan als homoseksuele minister. Ook in haar nieuwe functie als premier legt ze de nadruk op de taak die ze zal vervullen. “Professionaliteit en competenties van ministers zijn belangrijk voor ons,” vertelt ze in een recent interview met de BBC. “Dat heeft niets te maken met seksuele oriëntatie of etnische achtergrond, of iets dergelijks. De focus ligt op het verbeteren van Servië.”

“Ik ben geen LGBT-activist,” reageert Brnabic wanneer ze wordt gevraagd naar tolerantie tegenover homo’s en lesbiennes in Servië. “Hoewel ik zelf homoseksueel ben, ga ik niet in op details rond de beleidsuitdagingen. Homofobie is echter nog steeds een probleem, maar ik heb het idee dat het wel langzamerhand beter wordt.” Ter illustratie noemt Brnabic de Servische Gay Pride in 2016 en legt vooral de nadruk op de steun voor de Pride vanuit de regering. Zo kwamen vier ministers uit de vorige regering steun betuigen en zorgde de burgemeester van Belgrado voor een gedegen controle betreffende de veiligheid van het evenement. Inderdaad een verbetering ten opzichte van voorgaande jaren, waarin het evenement geregeld afgeblazen moest worden voor een gebrek aan veiligheid.

Toetreding EU

Naast de verbeterde Gay Pride is het in Servië sinds kort bij wet niet meer verboden om een geslachtsverandering te ondergaan. Deze succesverhalen staan overigens prachtig op de Servische sollicitatiebrief voor toetreding tot de Europese Unie. Sinds 2014 is het land in onderhandeling over de toetreding tot de EU. Deze politieke prioriteit moet in 2020 verwezenlijkt worden. Met hulp van Servië om oorlogsmisdadigers voor het Joegoslaviëtribunaal te leiden, wist het land het eigen profiel al enigszins te verbeteren.

De aanstelling van een homoseksuele premier zou opnieuw een stap in de goede richting zijn. Brnabic zegt blij te zijn met het ‘Europese pad’ dat Servië wil bewandelen. “De nieuwe regering zal moeten doorgaan met het doorvoeren van ingewikkelde diplomatieke hervormingen, In dit proces zie ik voor mezelf een belangrijke sleutelrol.”

Sleutelrol

Hoe zal ze deze sleutelrol vervullen? Er zal in ieder geval weinig aandacht zijn voor homotolerantie. Een beter beeld van haar visie lezen we in uitgebreid interview met Brnabic in het Engelstalige Servische maandblad CorD. Als wordt gevraagd naar haar visie op de prioriteiten van de regering zegt ze: “Het is belangrijk om kernhervormingen in onderwijs en gezondheidszorg te starten en de productie vooral te stimuleren door de ontwikkeling van de landbouw- en IT-sector. We zien dat laatste als een potentieel belangrijke sector voor toekomstige ontwikkeling, omdat er vandaag daadwerkelijk behoefte is aan enkele duizenden programmeurs.” Verder noemt ze financiële transparantie in het bedrijfsleven als ‘absoluut noodzakelijk’.

Met een eigen achtergrond in het bedrijfsleven heeft Brnabic weinig politieke ervaring, iets wat haar invloed volgens critici niet ten goede komt. Ondanks haar ambitie ziet politicoloog Boban Stojanović van de Universiteit van Belgrado haar invloed als minimaal. “Ik geloof niet dat Brnabic een grote invloed zal uitoefenen op het buitenlandse beleid”, vertelt de politicoloog aan The Guardian. “Dit zal het exclusieve domein van president Vučić blijven. Het probleem is dat dit de ware situatie van burger- en mensenrechten in Servië zal verhullen. De keuze voor een lid van de LGBT-gemeenschap als premier zal gebruikt worden als een indicator voor de toestand van de burger- en mensenrechten en dat is niet realistisch.”