Het nipte verlies van twee Democratische kandidaten tijdens de speciale verkiezingen voor het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden is voor de geplaagde partij een zware dobber. Grote financiële steun en hulp van activisten en vele nationale sterren bleken niet genoeg voor een overwinning. De vraag is wat er nu rest. Gaan de Democraten door op dezelfde lijn?Het was als Amerikaanse Democraat al moeilijk om het zesde kiesdistrict in de staat Georgia blauw te zien kleuren. Hoe hard Jon Ossoff, de Democratische kandidaat voor de zetel in het Huis van Afgevaardigden, zijn best deed en hoeveel steun hij ook kreeg. Het district – waar Trump afgelopen november met 1,5 procentpunt won – kleurde immers bijna veertig jaar Republikeins rood.
Juist die krappe winst van Trump was reden voor de Democraten om hoog in te zetten. Liefst 25 miljoen dollar aan donaties stroomden binnen om Ossoff de zetel te laten winnen die was vrijgekomen nadat Tom Price begin dit jaar als minister van Volksgezondheid plaatsnam in het Trump-kabinet. De race tegen de Republikeinse kandidaat Karen Handel werd de duurste om een Huis-zetel ooit. Daarmee werd het in het recordgeile Amerika een hot item.“Georgia heeft een symbolische betekenis gekregen voor de twee partijen,” zei Michael Malbin, hoogleraar Politicologie aan de State University of New York vooraf op deze website. “Als Ossoff wint dan laat dat potentiele Democratische kandidaten in moeilijke” –conservatieve kiesdistricten – “zien dat ze volgend jaar een kans maken”.De tekst gaat hieronder verder.http://www.hpdetijd.nl/2017-06-19/georgia-strijd-tegen-trump/De hoop op een overwinning bleek ongegrond. De al gedemoraliseerde Democraten stonden na een nieuwe nederlaag in dit district -- net als in afgelopen november – met lege handen. Deze keer scheelde het 3,8 procentpunten.Het roept de vraag op of de intense anti-Trumpcampagne, de protesten en het binnenstromende geld en blikken nieuwe vrijwilligers niet enkel een theatraal en symbolisch effect hadden.






