De nobele Jan Roos en de graaiende politici

Kent u Jan Roos nog? Een bebrild kereltje bij wie zijn vrolijke stekeltjes ietwat contrasteren met zijn driftig aandoende karakter. Roos was in het verleden grafisch vormgever, journalist, columnist en vervolgens kreeg hij het idee dat het land gered moest worden.

Hij werd partijleider van VoorNederland. Zijn uitgestoken hand werd door de kiezer niet gepakt. Nul zetels kreeg Roos tijdens de verkiezingen en toen moest hij zijn oude beroep maar oppakken. De Dagelijkse Standaard, een blog dat wanneer je het leest je afvraagt waarom we in het levensgevaarlijke Nederland nog geen avondklok hebben, gaf hem een column.

Daarnaast vlogt Roos er lustig op los. Deze week hyperventileerde hij in de webcam over Nederlandse politici. “Van de 150 Kamerleden zijn er hooguit 10 die er voor het landsbelang zitten. Het overgrote deel is carrièrepoliticus zonder ideologie, mening of langetermijnvisie,” weet Roos.

Hij voedt de populaire kroegfilosofie dat ‘ze in Den Haag alleen maar voor zichzelf zitten’. Politici zouden het Kamerlidmaatschap slechts als opstap naar een burgermeesterschap, Europese post of ander bestuurdersbaantje gebruiken.

Een blik op de anciënniteitslijst van de Tweede Kamer leert ons dat exact 1 op de 6 Kamerleden (25) langer dan 10 jaar in de Kamerbankjes zit. Nog eens 1 op de 6 zit langer dan 5 jaar in de Kamer.  Nu daalt de gemiddelde zittingsduur van Kamerleden, maar kun je dit, zoals Roos doet, afschuiven op  carrièregedreven beroepspolitici?

In de afgelopen 15 jaar zijn er 6 verkiezingen geweest waarbij nieuwe partijen in het parlement kwamen (PVV, Partij voor de Dieren, 50Plus, DENK, en Forum voor Democratie) en soms ook weer verdwenen (LPF, Leefbaar Nederland). Tezamen met enkele grote politieke aardverschuivingen zorgt dit ervoor dat veel Kamerleden eerder dan door henzelf gewenst op zoeken moesten naar een nieuwe baan.

Anciënniteit

Dat in tijden waarin werknemers steeds korter voor een baas werken, 1 op de 3 Kamerleden langer dan vijf jaar in de Kamer zit — kort na aanvang van een nieuwe termijn — lijkt mij eerder een teken dat het met de Kamer als springplank wel meevalt. Misschien zijn er wel meer dan 10 Kamerleden die niet puur uit eigenbelang  de blauwe stoeltjes bezethouden.

Al zegt anciënniteit natuurlijk niets over de intrinsieke motivatie van Kamerleden, want die laat zich lastig meten en goede bedoelingen kunnen door wantrouwigen immer betwijfeld worden. Misschien draait de baantjescarroussel wel niet snel genoeg of zit het parlement nu eenmaal vol met hele matige baantjesjagers.

In ieder geval gaat Jan Roos, die blijkens zijn publiek bekende carrièreprofiel het bij geen enkele werkgever langer dan vijf jaar uithield, hier geen verandering in brengen. De naar eigen zeggen politiek geëngageerde Noord-Hollander die op zijn elfde al twee kranten per dag las (“Ik ben erg bezig met mijn land en zijn toekomst”) verdween net zo snel uit de politiek als hij kwam. Na acht maanden en slechts één nederlaag gaf hij er de brui aan.

Je zou haast denken dat zijn plotsklapse lijsttrekkerschap een opportunistische poging was om als parlementariër eens lekker te gaan verdienen, al kan men natuurlijk niet uitsluiten dat Jan Roos echt begaan is met ons land en nu in alle stilte — en onbezoldigd — werkt aan een plan voor Nederland.