De eeuwige vernieuwzucht van een nieuw kabinet

Het is de formerende partijen gelukt. Ze hebben het record formeren van Van Agt I – 207 dagen overleggen in 1977 – verbroken. En o, er wordt ook een regeerakkoord gepresenteerd vol beleid dat weer anders is dan al het gevoerde beleid van de afgelopen jaren.

Regeerakkoord
Zalm presenteert het akkoord aan kamervoorzitter Arib. Beeld:

Het is alsof de heren en vrouwen van de formatie het erom hebben gedaan. Eén dag nadat ze recordhouder formeren zijn geworden, wordt er een akkoord aan de Tweede Kamer aangeboden. De komende dagen zal Mark Rutte als formateur worden aangewezen om de poppetjes in te vullen voor zijn derde kabinet. Hij heeft de afgelopen maanden met ChristenUnie, D66 en het CDA vrolijk gesleuteld aan alle plannen van het voorgaande kabinet.

Bruggen slaan

Het beleid dat hij in 2012 voor Rutte II in samenwerking met de PvdA had uitonderhandeld, bestond uit een stroom beleidsplannen die ‘bruggen moesten slaan’. Zijn tweede kabinet wilde ‘de onderlinge verbondenheid, het optimisme en de kracht van Nederland versterken’.

Dat deed het met een nieuwe zwik plannen. Zo werd de basisbeurs voor studenten afgeschaft, werd besloten het hoogste belastingtarief van 52 procent naar 49 procent te verlagen, verviel de wietpas, werd de hypotheekrenteaftrek beperkt en werd er besloten dat er geen kilometerheffing komen.

Vertrouwen in de toekomst

Regeerakkoord
Beeld: ANP/Jerry Lampen

Inmiddels zijn we vijf jaar verder en wordt er door de coalitie van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie gesleuteld aan alle plannen van het voorgaande kabinet. Onder de noemer ‘Vertrouwen in de Toekomst’ krijgt Nederland een andere beleidsvisie voorgeschoteld.

Zo kiest het nieuwe kabinet voor het invoeren van een kilometerheffing voor vrachtwagens, wordt de hypotheekrente versneld verlaagd, wil het experimenteren met legale wietteelt, verhoogt het het laagste btw-tarief en komt het met een heel nieuw belastingsysteem.

‘Draaikonten’

Is het nieuwe beleid van Rutte III eigenlijk wel zo vernieuwend? Volgens hoogleraar public affairs Arco Timmermans is het voortborduren op vorig beleid een logische vervolgstap voor Rutte III. Dat levert in zijn ogen echter geen nieuwe visie op. “Dit regeerakkoord heeft wel veel nieuwe voornemens maar het is geen echte vernieuwingsdrang. Ik noem dat weleens ‘draaikonten’. Dan moeten er op een heleboel dossiers beleidsvoorstellen komen die beter uitpakken dan we hebben ervaren met het beleid dat we tot nu toe hadden.”

Als je kijkt naar het beleid van Rutte II zijn er volgens Timmermans genoeg voorbeelden die niet goed uitpakten. “Neem het beleid rond de studiefinanciering en de behandeling van onze studenten. Dat is echt een never ending story.”

Hypotheekrenteaftrek

Ook de nieuwe plannen voor de hypotheekrenteaftrek zijn volgens de aan de Universiteit Leiden verbonden politicoloog niet volledig te danken aan de onderhandelaars. “Dat komt vooral door internationale druk. We waren op dit vlak een vreemde eend in de bijt. Dat zorgt voor weerstand, en je merkte dat de druk op het beleid rond de hypotheekrenteaftrek zich verder opbouwde. We zaten nu op een omslagpunt.”

Formatieonderhandelingen zijn een goed moment daarvoor, vindt Timmermans. “Er is nu doorgepakt op thema’s waarin ons beleid haken en ogen kende. Beleid maken lijkt soms op hollen en stilstaan.”

Dat erkent ook Anne Michiels Van Kessenich, al vindt de politicologe dat het beleid wel erg dichtgetimmerd is. “Het regeerakkoord ademt dat de onderhandelaars dingen dicht hebben willen regelen. Maar tegenwoordig kunnen maatschappelijk thema’s heel snel opkomen. Dan moet je in mijn ogen een zekere wendbaarheid hebben,” stelt ze.

regeerakkoord
Beeld: ANP/Jerry Lampen

Vertrouwen in Rutte III

Het is echter niet dat de kiezer minder vertrouwen heeft in Rutte III, schat Tom van der Meer. De hoogleraar politicologie aan de Universiteit van Amsterdam is gespecialiseerd in kiezersvertrouwen. “Over het algemeen geldt dat kiezers een nieuwe regering – in welke samenstelling dan ook – welwillend tegemoetzien,” zegt hij.

Volgens de hoogleraar is er sinds de eeuwwisseling slechts één kabinet geweest dat erboven uitstak. “Dat was Balkenende IV. Dat lag aan de tour door het land, die de bewindspersonen toen maakten. Dat was natuurlijk geweldige pr. De burgers werden toen heel erg gemotiveerd, er werd vaak naar hun vertrouwen en hun ervaringen gevraagd. Later kwam deze aanpak als een boemerang terug toen de regering niet de besluiten kon nemen die werden verwacht.”

Goede kant van de medaille

Er is volgens Van der Meer geen reden om aan te nemen dat het vertrouwen in Rutte III lager zal zijn dan dat in voorgaande aantredende kabinetten. “Dat vertrouwen hangt namelijk samen met goede vertegenwoordiging, corruptie en economische prestaties. Over het algemeen zit Nederland op die vlakken aan de goede kant van de medaille. Je kunt vertrouwen ook niet uitdrukken in procenten, dat is heel link. Elke vraagstelling zou namelijk weer een ander percentage op kunnen leveren.”

‘Wij moeten het doen met Henry Keizer’

Van der Meer wijst op schandalen in andere landen. Wij hebben in ons kikkerlandje namelijk geen partijbrede bonnetjesaffaires als in Engeland in 2009 had. “Toen hadden oppositie en coalitie leden in het parlement die tweede huizen of drijvende eendenhokken declareerden bij de staat,” vertelt Van der Meer. “Even afkloppen, maar er is iets in onze politieke cultuur dat ervoor zorgt dat we daar geen last van hebben. Wij moeten het doen met Henry Keizer (voormalige VVD-voorzitter die eerder dit jaar verdacht werd van zelfverrijking – red.). Maar dat zijn vaak incidenten die bij een partij blijven, of een individu en die niet het vertrouwen in het hele politieke bestel aantasten.”

De komende dagen worden de ministers- en staatssecretarisposten ingevuld. Het grote werk voor Rutte III is achter de rug. Het echte regeren met dit iets nieuwere beleid kan beginnen.