De AIVD treedt onbedoeld op voorgrond rond discussie sleepwet

De nieuwe Wet op Inlichtingen- en Veiligheidsdienst houdt al weken de gemoederen bezig. In een tweeluik op deze site leggen voor- en tegenstanders van de wet het belang ervan uit. In deel twee: hoe kijkt inlichtingendienst AIVD naar de zogenaamde sleepwet? 

Normaal is de AIVD een organisatie die graag op de achtergrond blijft. Vanwege een interne miscommunicatie is dat bij dezen niet gelukt. De informatie die u hieronder gaat lezen is afkomstig uit interviews met werknemers van de dienst. Door het bescheiden karakter van de AIVD wilde de dienst alle citaten geparafraseerd vrijgeven om toch de onbedoelde andere kant van de medaille te laten zien.

Laten we het nuanceren

Allereerst moet een en ander genuanceerd worden. De AIVD krijgt er vanaf 1 januari 2018 niet gek veel bevoegdheden bij. De tegenstanders van de wet maken zich onder meer zorgen over het uitruilmechanisme met buitenlandse overheden en de mogelijkheid dat iedereen op elk moment afgeluisterd kan worden. Op dit moment kan de AIVD ook al gegevens delen met buitenlandse overheden, dus die bevoegdheden zijn niet veranderd.

Vroeger verliep alle communicatie via de ether. Tegenwoordig gaat bijna al het verkeer via de kabel, waardoor de bestaande wet (uit 2002) verouderd is. De AIVD kan momenteel namelijk niet bij gegevens die via de kabel lopen, zoals mobiele telefoongesprekken. Om de bevoegdheden in lijn te brengen met de technische ontwikkelingen is deze nieuwe wet gemaakt. Dat maakte een werknemer van de AIVD duidelijk in het interview dat eigenlijk niet mocht plaatsvinden.

98 procent wordt verwijderd

Het klinkt inderdaad logisch om bij de tijd te willen blijven. De wet is verouderd, dus aan vernieuwing toe. Toch zijn er veel zorgen over de wet en de ongerichte interceptie. De AIVD mag afluisteren, maar volgens de dienst hoeven we ons geen zorgen te maken dat onze hele wijk wordt afgetapt. De inlichtingendienst verzamelt gericht metadata op het moment dat het die gegevens voor een onderzoek nodig heeft. De geheime dienst kan zien wie met wie contact heeft, maar uit die bulk van informatie wordt direct 98 procent verwijdert. Dat is voor onderzoek niet van belang.

Wel is de AIVD geïnteresseerd in de inhoud van datgene wat overblijft. Echter, om dat materiaal nader te onderzoeken, heeft de geheime dienst tweemaal toestemming nodig: van de minister van Justitie en van de Toetsingscommissie Inzet Bevoegdheden, een onafhankelijke commissie.

De AIVD bekijkt alleen de inhoud van mensen die voor onderzoek van belang zijn, dus niet van onschuldige Nederlanders. Daarnaast heeft de onafhankelijke CTIVD (Commissie van Toezicht op Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten) gedurende het hele proces onbelemmerd toegang tot alle systemen van de AIVD.

Geen interesse in willekeurige burgers

Tegenstanders van de wet maken zich ook zorgen over de DNA-databank. Zij stellen dat wat het dichtst bij jezelf staat — uw DNA —  terecht kan komen in zo’n databank. De AIVD zegt niet geïnteresseerd te zijn in het DNA van willekeurige burgers. De inlichtingendienst mag inderdaad een DNA-profiel opslaan: een cijferreeks op basis waarvan die dienst vindt dat die iemand kan identificeren, wat volgens de dienst nodig is voor bijvoorbeeld een aanslag.

De geheime dienst heeft bevoegdheden om dit te tappen en een DNA-profiel op te stellen, maar iemand die geen bedreiging vormt voor de nationale veiligheid hoeft zich geen zorgen te maken over zijn privacy. Er zouden heel veel mensen nodig moeten zijn om dat allemaal aan te kunnen, dus praktisch gezien kan dat niet. Daarbij komt dat het volgens de AIVD helemaal niet nodig is omdat die niet geïnteresseerd is in de informatie van willekeurige burgers.

Voor de duidelijkheid: de regering bepaalt wat de AIVD moet onderzoeken. Daarnaast mogen geen gegevens worden verzameld op het moment dat de TIB er geen toestemming voor geeft. Dat oordeel is dus bindend. De CTIVD controleert of de AIVD zich aan de wet houdt. Dus zolang de machtsstructuur niet verandert in ons land, hoeven we ons niet echt zorgen te maken.

Wel opvallend op de website van de dienst: “U kunt niet e-mailen met de AIVD. E-mailverkeer via internet is kwetsbaar omdat anderen ongewenst en ongemerkt kunnen meelezen. Daarom kan alleen telefonisch en schriftelijk contact gezocht worden met de AIVD.”

Bent u bang om continu in de gaten gehouden te worden? Mail niet en heb enkel contact via brieven per post. Dan hoeft u niet bang te zijn dat uw privacy geschonden wordt — al kan een brief natuurlijk ook onderschept worden. De AIVD gaat met de tijd mee en er zijn te allen tijde strikte voorwaarden verbonden aan de bevoegdheden, waar heftige controles op zitten. Zo heftig, dat zelfs een interview niet mag.

De zorgen van de tegenstanders van de wet leest u in het eerste deel van dit tweeluik. Bovendien leest u daarin hun standpunt over het belang van privacy.