Özcan Akyol twijfelt over de noodzaak van hoofddoekjes bij de politie

Het College voor de Rechten van de Mens gaat een klacht behandelen van een Rotterdamse medewerker van de politie. Zij wil tijdens haar werk een hoofddoek dragen, wat door haar werkgever verboden wordt. In zijn dagelijkse column in het Algemeen Dagblad vindt schrijver en columnist Özcan Akyol er het zijne van.

Özcan Akyol
In het Verenigd Koninkrijk zijn de regels soepeler. Beeld: ANP/AFP Foto/Dominic Lipinski

De Nederlandse korpsleiding verbiedt namelijk al zes jaar kenmerken die in strijd zijn met de neutrale uitstraling van politiemedewerkers. Dit kunnen tatoeages zijn of zichtbare piercings, maar ook keppeltjes en hoofddoeken horen niet. Maar moet deze regeling worden versoepeld? In andere landen — zoals het Verenigd Koninkrijk — wordt er soepeler omgegaan met dit soort uitingen. Het aanpassen van deze gedragscode kan namelijk leiden tot grotere diversiteit in het politiekorps.

Hellend vlak

Akyol twijfelt aan deze mogelijke oplossing. “Het politieapparaat moet een onafhankelijke en homogene organisatie zijn, waar secularisme een cruciaal element voor de beroepsgroep is,” schrijft hij. “Een rechercheur met een hoofddoek kan natuurlijk onpartijdig zijn, ook als ze een moskeebrand moet onderzoeken, maar de verdachten in deze hypothetische zaak zullen dat anders ervaren. Het zorgt voor onrust.”

Volgens de columnist kan er een hellend vlak ontstaan. “Misschien besluit ze over een jaar wel dat ze mannelijke collega’s geen hand wil geven, omdat dit in strijd is met haar geloofsovertuiging. Moet dat dan ook door de korpsleiding worden geaccepteerd?”

Conservatieve libertijn

In een recent interview met dit blad vertelt Akyol dat hij zichzelf ziet als een ‘conservatieve libertijn, die vooral tegen godsdienst is’. “Godsdienst is gewoon een gif,” zegt hij in het interview met Tom Kellerhuis. “Dat is het probleem. Ik zie jongens en meisjes die bijna schizofreen door het leven gaan omdat ze op de een of andere manier godsdienst in hun leven hebben meegekregen en zich daardoor niet meer normaal durven te uiten.”

In zijn columns spaart Akyol dan ook niemand. Dat levert hem de nodige bedreigingen op. “De ene week schrijf ik de PvdA kapot, de andere week de PVV. Dus de boze reacties, de hatelijke mails en de dreigementen komen telkens uit een andere hoek.” Deze week nog deelde de schrijver een dreigement aan zijn adres op Twitter.

Akyol erkent in zijn AD-column dat neutraliteit essentieel is in ‘een sterk polariserend land’. “Wie voor de politie wil werken, moet zich daarom voegen naar de eisen van die organisatie,” sluit hij af. “Als agenten nog meer gezag verliezen door expliciet duidelijk te maken voor welke overtuiging ze privé staan, heeft de korpsleiding een veel groter probleem dan het gebrek aan diversiteit.”