Wilders’ wonderlijke verweer over ‘minder Marokkanen’

Tijdens de eerste regiezitting van het hoger beroep in de ‘minder Marokkanen’-zaak tegen PVV-voorman Geert Wilders heeft de Limburger in zijn verweer Mark Rutte voor de bus proberen te gooien. De gewraakte uitspraak van Wilders zou namelijk enkel een oproep zijn aan diens adres.

Wilders staat opnieuw terecht voor zijn ‘minder Marokkanen’-uitspraken uit maart 2014. Zijn advocaat Geert-Jan Knoops betoogde tijdens de regiezitting in de zwaarbeveiligde rechtbank op Schiphol dat de uitspraken van de politicus niet hebben geleid tot ‘feitelijke achterstelling van Marokkanen’. De oproep was in de ogen van Wilders’ verdediging volledig in lijn met het PVV-programma.

De politicus werd in de eerdere behandeling van de zaak vrijgesproken van het aanzetten tot haat, maar werd wel veroordeeld voor groepsbelediging en het aanzetten tot discriminatie. Tijdens het hoger beroep – dat pas op 17 mei 2018 inhoudelijk start – wordt deze veroordeling opnieuw tegen het licht gehouden. Eerst zal Wilders zijn partij leiden tijdens de gemeenteraadsverkiezingen. De eerste knauw richting Mark Rutte — met wie hij vaker botste — is al uitgedeeld.

Politiek spel Wilders

De uitspraak zou volgens Knoops namelijk gezien moeten worden als een oproep aan de regering – en Rutte in het bijzonder.

Door de politieke inzet komt het Openbaar Ministerie van een koude kermis thuis. Volgens het OM is er vanuit haar burelen immers geen sprake van een politiek proces. Het recht op vrije meningsuiting is een groot goed en dat geldt met name voor een politicus, zei advocaat-generaal Birgit van Roessel tegen de NOS. Maar de politiek moet geen misbruik van dit recht maken, vindt ze. “Een mening mag stevig zijn maar discriminatie wordt niet getolereerd.”

Het gaat heel lastig worden voor het OM om dit een apolitiek proces te houden, hoe graag het dat ook wil.  Het biedt Wilders namelijk opnieuw de kans om zich op te stellen als ‘verkozene’ van een ondeelbaar volk ‘wiens unisono stem vertolkt wordt door de leider’, zoals Volkskrant-columnist en cultuurhistoricus René Cuperus het afgelopen november verwoordde.

De inhoudelijke behandeling van het hoger beroep start op 17 mei 2018.