Kan iemand corpsballen de wet uitleggen?

Oud-studenten die ooit een ontgroening hebben doorstaan geven doorgaans hoog op over de traditie die zou leiden tot unieke vriendschappen. “Je hebt toch hetzelfde meegemaakt,” klinkt het dan. Gemeenschappelijk lijden als fundament en cement. Een raar argument voor een ontgroening, in mijn ogen.  Zonder (studenten)verenigingsverleden onderhoud ik zeer hechte vriendschappen, sommigen al ruim twintig jaar.

En dat terwijl minstens de helft van de betrokkenen nooit nachtenlang is uitgekafferd door een ouderejaars. Ontgroeningen kunnen ongetwijfeld leiden tot hechte vriendschappen, maar zijn geen noodzakelijke voorwaarde voor een vriendschapsband. Toch is er weinig op tegen dat jongvolwassen semi-vrijwillig tot hun navel in een Drentse baggersloot gaan staan of urenlang in een stinkend hok zoemgeluiden maken.

Dit gaat sommige ontgroeningsleiders — zoals de student Wouter B. van de Groningse studentenvereniging Vindicat — echter niet ver genoeg. Hij plantte zijn schoen op het hoofd van een 18-jarig jochie waar hij eerder een onbenullig akkefietje mee had gehad. Gevolg? Een licht traumatisch hersenletsel. Het OM eist voor B.  één dag gevangenisstraf, 180 uur schoffelen en een schadevergoeding van 5.000 euro. We moeten tenslotte niet willen dat het menselijk hoofd gelijk wordt gesteld aan een nasmeulende peuk.

Kromme argumentatie Vindicat

Gezien het verweer van de dader had een cursusje wetgeving en ethiek misschien ook een nuttig onderdeel van de straf kunnen zijn. “Een ontgroening is vernederend, om iedereen gelijk te krijgen.” Dat is inderdaad een prima reden om iemands benen onder het lijf vandaan te trappen of een schoen op zijn hoofd te parkeren.

Met zo’n argumentatie kun je eveneens betogen dat we onszelf allemaal een paar weken moeten onderwerpen aan een Afrikaanse hongersnood, of in de Abu Ghraibgevangenis wat stroom door onze testikels moeten jassen. Gewoon zodat we als mensen allemaal gelijk zijn. “Een jaar eerder gebruikten we nog stokken om mee te intimideren,” zei Stijn Derksen, oud-rector van Vindicat in de Volkskrant . Ah, oké dan is het goed.

Dat een lesje wetgeving bij Vindicat geen overbodige luxe zou zijn blijkt ook uit dit Volkskrant-vraaggesprek met Derksen, de voorzitter ten tijde van het bovengenoemde incident. Hij vindt dat leden binnen de deuren de ruimte moeten hebben om fouten te maken, bijvoorbeeld door iemand op zijn muil te slaan. In de kroeg kan dat aangifte+strafblad opleveren, maar bij Vindicat is met een keertje de plee schrobben de kous af.

Straffen laten ze bij studentencorpsen — net als bij motorclubs — het liefst aan interne organen en niet aan de rechter. Een geruststellende gedachte als je bedenkt dat hier toekomstige rechters zitten. Je zou denken dat sowieso iedere achttienjarige de simpele boodschap dat je van andersmans lijf en leden afblijft wel heeft meegekregen, maar dat valt tegen.

Daarom een ontgroeningstipje voor Vindicat voor volgend jaar. Allemaal de hele nacht artikel 1 uit de Nederlandse Grondwet opdreunen. En als dat te mild is kan artikel 5 uit de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens erachteraan. Dat schept ongetwijfeld een goede (gemeenschaps)band.