Op pad met Pim

Waarin de lijsttrekker van de LPF drie taarten van braaksel, pies en poep in zijn gezicht geduwd krijgt, de neef van Remco Campert op de persmappen gaat zitten en Martin Ros zich verkneukelt over de verbrijzeling van ‘het rode kasteel’.

Pim presenteert in perscentrum Nieuwspoort het boek met alle antwoorden. Het heet De puinhopen van acht jaar Paars. Hoewel de Lijst Pim Fortuyn (LPF) officieel nog geen partij is, heeft de beweging al een leger vrijwilligers en sympathisanten. Belangeloos zetten ze zich in voor Pim. Ze zijn vaak kaal of grijs en, net als de lijsttrekker, geroepen of gezonden om het land te genezen.

Meneer Campert – “Ik hou van heel veel duidelijkheid” – heeft alleen aan de zijkanten van het hoofd nog haar en is vandaag verantwoordelijk voor het uitdelen van de LPF-persmap. Dat doet hij graag voor Nederland. Hij heeft weleens overlegd met Pim, en die heeft hem toegezegd dat hij ‘hoogstwaarschijnlijk’ de 45ste plaats van de LPF-lijst krijgt toegewezen. En ja – “Wellicht aardig om te vermelden” – hij is in de verte familie van Remco Campert. “Thuis spreken wij van neef Remco.” Of de columnist van de Volkskrant dit ook weet, is niet bekend.

In de persmap zitten volgens Campert een foto van Pim met daarop de tekst ‘At your service’, een zeer beknopte samenvatting van Het Boek en een lijst met telefoonnummers van iedereen die belangrijk is binnen de LPF. Omdat er steeds meer journalisten om die persmap komen zeuren – “Pim heeft gezegd: uitdelen NA de presentatie” – houdt hij de stapel stevig tegen zijn rode-beertjes-stropdas geklemd.

Wie straks zeker wil zijn van zo’n mooie map moest naast hem gaan zitten. Als hij plaatsneemt op een stoel aan de zijkant van de zaal, kijkt hij naar opzij en zegt: “Ik ga jou straks echt niet voortrekken, hoor.” Dan staat hij op, legt de persmappen op zijn stoel en gaat erbovenop zitten. “Zo,” zegt hij, “nu kan niemand ze meer pakken.”

Op een stoel in de rij voor hem zit een bekend gezicht. Het is mevrouw Seline Minke. Ze hoort ook bij de partij in wording en heeft ook voor ieder probleem een simpele oplossing. Ze komt uit Leidschendam en is fan van Pim. Dit fan-zijn houdt in dat ze overal is waar Pim is. Ze draait shagjes voor straks en heeft zelfgemaakte buttons met LPF erop bij zich.


Ook heeft ze een oranje fototoestel waarmee ze foto’s van Pim maakt. Waarom ze zoiets doet, weet ze niet. Het is een opdracht van boven.

Vandaag is ze gezonden om de pers te helpen. Ze controleert aantekeningen en legt uit wat Pim vindt. Uit het gesprek wordt duidelijk dat Pim strenger en vooral harder wil gaan straffen. Over zijn WAO-plannen maakt ze zich geen zorgen. “Je hebt de goeden en je hebt de slechten. De goeden blijven over. Die blijven gewoon krijgen.”

Een paar stoelen verder zit uitgever Martin Ros. Hij heeft een baard van drie dagen en wacht met een notitieblok op schoot op Pim. Hij wil het verschijnsel analyseren en heeft het boek al gelezen. “Het leest niet als een trein. Het leest als een tank! Het verbrijzelt het rode kasteel!”

Na een tirade van tien minuten over ‘smerige linksen’, de opkomst van het nieuwe denken’ en ‘de van boven gezonden Fortuyn’ zijgt hij, happend naar adem, terug in zijn stoel om daar even later weer uit op te veren met de woorden: “Nu komt het binnen!”

Het is het eenmanscircus Fortuyn. Voorop loopt Mat Herben. De woordvoerder van het ministerie van Defensie is door Pim gekozen tot spreekstalmeester. Hij loopt parmantig en met grote stappen richting het podium. De rug een beetje krom, de borst vooruit en hij trekt met zijn snor. Aan alles is te zien dat ook hij straks belangrijk wordt voor ons land.

Drie meter achter hem volgt een kluwen. Pim in het midden. “Hij heeft een gele stropdas om,” schreeuwt Seline Minke, die zich met haar oranje camera tussen de professionele fotografen heeft gemengd en met enige regelmaat berichten als ‘Pim heeft er zin in’ komt melden.


Achter ons vallen stoelen om. Het is de schuld van een jongen met een bril en veel puistjes. Hij rent naar voren met een doos in zijn hand. Rondom Pim is nu nog meer beweging dan normaal.

Geschreeuw.

Seline zegt ‘godverdomme’, gaat op haar stoel staan en schreeuwt: “Antiglobalisten!” Nu gaat iedereen op zijn stoel staan. Alleen meneer Campert niet. Die kijkt naar opzij, ziet dat ze naar zijn persmappen loeren en blijft zitten. “Ze gaan hem vermoorden!” raspt de stem van Martin Ros. “Ze ruimen hem uit de weg.” Wie het doen, weet hij ook al: “Het linkse tuig!”

Maar Pim leeft nog. De rimpelnek en de kale kop met de uitstaande oren bewegen. Dan draait hij zich om. De voorkant zit onder de bruine drab. Ze hebben Pim drie taarten in het gezicht geduwd en gegooid onder het roepen van ‘Op naar de nul zetels’ en ‘Geen stem voor racisme’.

De terroristen zijn twee meisjes en de puistenkop. Ze zijn van de Biologische Bakkers Brigade (BBB) en verklaren: “De taarten dienen het charisma van de onaantastbare extreem-rechtse populist te doorbreken en hem van zijn voetstuk te stoten.”

In de zaal hangt nu een naar geurtje. Dit was overgeefsel, stront en pies. “Ze willen hem smoren met stront,” zegt Martin Ros. “And this is just the beginning… Ze kunnen hem besmeuren, maar niet smoren. Deze geest van de vrijdenker zal de linksen overwinnen. Hij rukt de maskers af!”

“Wie thuis taarten bakt met pies en poep is gek,” zegt Seline Minke. Ze heeft een van de daders van dichtbij gezien en eist dat zijn signalement wordt gepubliceerd. “Een goor hoofd. Hij zag eruit als een antiglobalist.” Ze zal hem straks aanwijzen en ervoor zorgen dat er recht gedaan wordt. “Een maand lang hangen in een boom.”


Ze onderbreekt haar betoog. Pim komt weer langs. Ze wil hem aanraken en troosten, maar hij is weer eens omringd door de pers. “Laat hem met rust, klootzakken!” Pim blijft rustig en praat in microfoons. “Het is vies en het stinkt, maar vooral de van haat vertrokken gezichten van de daders doen pijn.”

Op de gang beklaagt hij zich over het gedrag van de fotografen. “Ze weken gewoon opzij!” Daarna: “Maar jullie krijgen je zin: weer vijf zetels erbij.” Iedereen mag mee naar de wasbak waar Pim de bruine smurrie van het gezicht wast. Daarna gaat hij naar een andere kamer. Daar wrijven de grijze en kale vrijwilligers van de LPF met doeken het kale hoofd op. Als het weer glimt, trekt Pim zijn colbertje uit – “Kijk, helemaal verpest” – en loopt in zijn overhemd met bretels terug naar de zaal.

Mat Herben valt uit tegen de directeur van Nieuwspoort. Het is te gek! De beveiliging is zo lek als een mandje. Het gerucht gaat dat er zelfs iemand binnen was die over Pim heen wilde plassen. De directeur van Nieuwspoort buigt het hoofd. Er staat voor hem veel op het spel. Als Pim straks premier is, moet hij hier nog wel willen komen.

Pim beent de zaal binnen. Geraakt, maar ongeschonden. Hij doet de leesbril op het hoofd en praat door de microfoons tegen Wim Kok. “Minister-president, u bent er voor alle Nederlanders. Dus ook voor mij. U bent ook mijn minister-president!” Het is een emotioneel moment, waarop geroezemoes volgt. Daarna drukt Pim nadrukkelijk op de sprekersknop en zegt: “Over tot de orde van de dag.” Hij gaat over zijn boek praten en de pers mag vragen stellen.


Dat gaat leuk, totdat ze domme vragen stellen. Een Belgische journaliste krijgt een snauw en een journalist met krullen, die vraagt waarom Pim als republikein geen stelling neemt tegen het koningshuis en hem toevoegt ‘Politiek is keuzes maken, meneer Fortuyn’, een uitbrander. “Smeer dat antwoord maar in je haar.”

Mat Herben kijkt naar zijn baas, trekt met zijn snor en constateert dat Pim een drukke dag heeft, dat er door het gegooi met taarten weinig tijd is en kondigt aan dat Pim gaat.

Pim gaat naar zijn woonplaats, waar hij de burgemeester Dickerdack mag noemen, zijn Jaguar op de stoep van het stadhuis mag parkeren en er wel voldoende dienders zijn om hem te beschermen. Straks gaan ze hem in de raad installeren, maar eerst gaat hij thuis douchen en een nieuw pak aantrekken. Dat is nodig, want ‘s avonds moet hij ook nog langs bij 2Vandaag, B&W, Netwerk en Den Haag Vandaag.

De puinhopen van acht jaar Paars zou Fortuyns laatste boek zijn. 51 dagen na de presentatie werd hij vermoord door Volkert van der Graaf. Negen dagen later haalde zijn partij, de Lijst Pim Fortuyn, 26 zetels bij de Tweede-Kamerverkiezingen. In 2006 verdween de LPF uit de Kamer, en in 2008 werd de partij opgeheven.

Meer leuke content? Like ons op Facebook

Marcel van Roosmalen