Job liegt nog steeds over Theo van Gogh

Job Cohen zei vorige week dat Bevrijdingsdag elk jaar een vrije dag moet zijn en refereerde daarbij aan Theo van Gogh. Maar Cohen heeft Van Gogh bij leven laten zitten en gaf diens nabestaanden nog een trap na. ‘Job Cohen is een doortrapte cynicus en een rasopportunist bovendien.’

Natuurlijk, iedereen heeft vrijheid van meningsuiting. Ook mensen met wie je het hartgrondig oneens bent. De repliek op onenigheid heet debat. Discussie. Polemiek, zo u wilt. Te vaak echter verwarren mensen vrijheid van meningsuiting met liegen. Onwaarheden vertellen. Of selectief putten uit dan wel interpreteren van feiten.

Er zijn genoeg domme mensen die dit soort dingen doen, waar je vervolgens je schouders over ophaalt. De zaak verandert echter als de leugenaar solliciteert voor het ambt van premier der Lage Landen en zijn selectieve geheugen betrekking heeft op het enige slachtoffer van een politieke moord die in zijn stad, onder zijn burgemeesterschap, heeft plaatsgevonden. Job Cohen mág alles zeggen over Theo van Gogh. Maar dan wel de waarheid. Ik stel voor dat het hele PvdA-campagneteam dit artikel niet alleen uit zijn hoofd leert, maar altijd op zak draagt. Dan hoeft Job niet constant te jokkebrokken.

Laat het nu op 4 mei geweest zijn dat ik in het boek van Hugo Logtenberg en Marcel Wiegman, Job Cohen – Burgemeester van Nederland, las dat de ouders van de vermoorde cineast aan de burgemeester vroegen of hij niet een nieuwe woning kon regelen voor Van Goghs zoon en diens moeder. Job Cohen was op condoleancebezoek in Wassenaar, met de ouders van Van Gogh ‘kon hij tenminste een beleefd gesprek voeren’. Volgens de auteurs van het boek over Cohen antwoordde de burgemeester dat Heleen Hartmans, de moeder van Lieuwe van Gogh, ‘hem kon bellen’. De alinea wordt vervolgens afgesloten met ‘daar hoort hij nooit meer iets van’ (pagina 169).

Wat moet zo’n selectief geheugen toch zalig zijn. Wat moet het toch lekker zijn om niet meer te weten hoe vaak en hoe hard er gevraagd, gesmeekt, geroepen en uiteindelijk gebeukt is om hulp en aandacht. Van de burgemeester. En hoe lekker moet het zijn om vooral níet herinnerd te worden aan alle andere dingen die hij heeft nagelaten met betrekking tot de nabestaanden van Van Gogh. Zoals het geen gehoor geven aan hulp bij de uithuisplaatsing van de familie. Geen gehoor geven aan het bewaren van de muurschildering van Van Gogh jr., die hij daags na de moord op zijn vader maakte. Geen gehoor geven aan begrip voor het spijbelgedrag van Van Gogh jr… En dan heb ik het nog niet eens over de dingen die hij naliet tijdens het leven van Theo van Gogh (hem beveiligen), tijdens de begrafenis van Theo van Gogh (wegblijven) of vijf jaar na dato (Van Gogh inzetten als verkiezingspropaganda). Ja, want waarom zou je de man die jou in zijn laatste column, voordat hij de kans kreeg vermoord te worden door Mohammed Bouyeri, ‘burgemeester in oorlogstijd’ noemde, niet omarmen als je een stapje hoger wilt naar het ambt van minister-president? Waarom zou je Van Gogh ongelijk geven, wanneer hij in dezelfde column stelt dat ‘onze burgemeester een doortrapte cynicus is en rasopportunist bovendien – geen slechte eigenschap voor iemand die premier wil worden’?


Terug naar het begin. 4 mei. Het boek van Hugo Logtenberg en Marcel Wiegman over Job Cohen, pagina 169. “Cohen zegt dat ze (Heleen Hartmans – EU) hem kan bellen, maar daar hoort hij nooit meer iets meer van.”

Laat ik nu toevallig weten dat het eerste deel van die zin wáár is. Laat ik nu toevallig weten dat Heleen Hartmans heel blij was met de uitgestoken hand. Laat ik nu toevallig weten dat Heleen en Lieuwe gewéldig woonden in Watergraafsmeer, vlak bij Theo. Laat ik nu toevallig weten dat Lieuwe, destijds nog maar 13 jaar oud, inmiddels zelfstandig van zijn moeder naar het huis van zijn vader mocht lopen. En laat ik nu óók toevallig weten dat Lieuwe en Heleen eigenlijk helemaal niet wilden, maar gedwongen werden te verhuizen. Wie wil dat zijn kind elke dag naar school en weer terug moet langs de plek waar zijn vader is vermoord? Of langs de alternatieve route, waar de moordenaar van zijn vader in zijn voet werd geschoten? Wie wil dat zijn kind opgroeit in een buurt die onveilig is gebleken voor het kind zelf? Wie wil dag in, dag uit geconfronteerd worden met een moord die heel Nederland heeft gechoqueerd?

Dus, opluchting bij iedereen. De burgemeester in oorlogstijd gaat dan toch zijn prioriteiten bijstellen. Na de thee met de radicalen is het tijd voor aandacht voor de overblijvers.

Of niet?

Ik weet dat Heleen Hartmans gebeld heeft met Job Cohen, de burgemeester die beweerde haar en haar zoon te willen helpen. Dat ze hem heeft verteld te willen verhuizen, dat de beveiliging die is toegezegd, faalt en dat het niet fijn is dat haar zoon dagelijks minimaal twee keer langs de plek komt waar zijn vader vermoord is. De burgemeester stamelde wat en delegeerde Heleen Hartmans weg. Hij beloofde dat Martin Verbeet, voorzitter van het stadsdeel Watergraafsmeer, contact met haar zou zoeken. Einde gesprek, NEXT!


Heleen Hartmans is volgens veel mensen een irritant k-wijf, maar hoe je ook over haar mag denken, ze is en blijft de moeder van een zoon wiens vader is vermoord. Als een leeuwin ontfermde ze zich over Lieuwe. Hij mocht geen kwaad woord over Marokkanen zeggen (en heeft dit ook nooit gedaan), media die foto’s van hem afbeeldden werden direct aangepakt en daags na de moord op zijn vader duwde ze hem spuitbussen in zijn handen: “Maak maar een schilderij voor Theo.” Van kinds af aan schildert Van Gogh jr., dus de spuitbussen waren welkom. Met wat vriendjes veranderde de vier meter lange muur in zijn slaapkamer in een monument voor zijn vader: ‘Theo Forever’. Niet dat je daarmee uit gerouwd bent, of momenten van radeloosheid, woede, frustratie en angst verdwijnen. Maar je hebt afleiding in een veilige, vertrouwde omgeving met mensen die je lief hebt. En verhuizen, ja, dat zal wel het beste zijn. Hartmans belde met Martin Verbeet, burgemeester Job Cohen had immers gezegd dat Verbeet zou helpen. En Verbeet deed zijn best. Want naast het feit dat Heleen Hartmans volgens velen een irritant k-wijf is, is ze ook een mooie vrouw. Een woning kon Martin Verbeet, de vooruitgeschoven post van de Amsterdamse Job Cohen, niet regelen – ondanks het feit dat hij zich liet adviseren door de directeur van de GG&GD, de dienst Vangnet en Advies. Ter compensatie voor zijn falen wilde Verbeet wel een keer voor haar koken. Kóken! En stuurde en passant twee Leger des Heilssoldaten op haar af – die konden haar vast wel bijstaan. Met inpakken. Of eigenlijk, nee, ze woonde toch geweldig? Waarom zou ze verhuizen? Theo was toch dood, de dader was toch opgepakt, wat had ze nou te vrezen?


Tot zover de bijdrage van de Amsterdamse burgemeester en zijn adjudanten. In Amsterdam worden mensen hun huis uit gepest, daar kan de burgemeester niets tegen doen. Mensen willen, móeten verhuizen en Job Cohen, Martin Verbeet en nog een stoet politici sturen heilssoldaten in plaats van verhuizers op slachtoffers af. Want de burgemeester is een man zonder macht. Die is dan wel de baas van de grootste stad van Nederland, maar meer dan de boel bij elkaar houden doet hij niet. Verhuizen, een andere woning vinden – tja, dat soort dingen zeg je misschien voor de bühne tegen de ouders van Theo van Gogh. ‘t Is toch een vorm van respect tonen, maar die mensen zullen toch wel begrijpen dat een burgemeester geen macht heeft? Dat zijn beschaafde mensen, het persoonlijke meng je niet met het politieke. Of zakelijke. Dat Heleen Hartmans dat nou niet begrijpt… Gelukkig heb je dan mensen als Martin Verbeet, die dat – namens jou – wel duidelijk maken.

De behoefte aan een nieuwe woning blijft uiteraard, maar hoe vind je een andere woning in een stad als Amsterdam? Het idiote puntenstelsel en de nog achterlijker prijzen weerhouden doorstroming. 250 vierkante meter voor een sociale-woningbouwprijs in Watergraafsmeer is fijn, maar aan alles komt een eind. De kelder van Hartmans’ woning verging van het vocht, huurbaas Rappange laat weten dat de huur gehalveerd kon worden door dit ongemak en stuurt iemand langs om de boel te onderzoeken. Terwijl Hartmans en haar zoon met vakantie gaan, zal er een nieuwe vloer in de kelder, een aangepaste badkamer en nieuwe keuken worden geplaatst, zo belooft de medewerker van Rappange, die zwaar onder de indruk van Lieuwes muurschildering is. Na terugkomst wacht Heleen en Lieuwe geen gerenoveerd huis, maar een gerechtelijk bevel. Hartmans zou niet volgens de huurovereenkomst gehandeld hebben en wordt gesommeerd de woning zo snel mogelijk te verlaten. Vader vermoord, de hele wereld huilt mee met de wolven en Rappange zet je doodleuk op straat? Ik belde onmiddellijk mijn advocaat, die me meteen onderbrak. Een rechtszaak zou niet baten. “Ik werk voor Rappange, ik kan je vrienden niet vertegenwoordigen.” Terwijl Heleen haar huis leegruimt, komt het verlossende telefoontje van een vriend. Hij heeft een woning weten te regelen. Meer dan de helft kleiner dan ze nu hebben en bijna dubbel zo duur, maar het is een woning.


Terwijl iedereen inmiddels de mond vol heeft van ‘een monument voor de vermoorde cineast’, krijgen ook de verzoeken richting het stadsdeel Watergraafsmeer om alsjeblieft Lieuwes ‘Theo Forever’-muur uit het huis te halen geen gehoor. Hoewel, dat is een leugen, toe te schrijven aan mijn selectieve geheugen. Heleen Hartmans laat me weten dat vanaf stadsdeel Watergraafs-meer Tanja Groen er persoonlijk voor instaat dat Lieuwes muur bewaard zal blijven. Huiseigenaar Rappange wil het hele pand van onder tot boven renoveren en is van plan de muur in Lieuwes kamer te slopen. Tot in Het Parool laat Groen optekenen dat de muur de renovatie zal overleven, maar vrienden van Hartmans vertrouwen het niet en lopen regelmatig langs het pand om te informeren wat er gebeurt. Geen van de bouwvakkers durft iets te zeggen. “Latexen.” “Slopen.” Het klinkt wat absurd natuurlijk, ‘die muur kan toch gewoon uit het huis gehaald worden?!’, maar niet als je weet dat de boel klaargemaakt wordt voor de sloop. De ramen van het huis zijn inmiddels geblindeerd, je kunt niet meer zien wat er binnen gebeurt. Het zijn fotografen Thomas Kist en Thomas Schlijper die de muur van Lieuwe, het enige echte monument voor Theo van Gogh, gemaakt uit liefde in plaats van financiële, politieke of propagandistische motieven, vastleggen en vereeuwigen. Terwijl Lieuwes ‘Theo Forever’ onder de sloophamer komt, lopen de emoties bij Hartmans en co. hoog op. Theo had zoals altijd gelijk, Cohen is een burgemeester in oorlogstijd, een raspopportunist. Lieuwe zelf is een stoer jongetje. Hij haalt zijn schouders op. “Het geeft niet. Ik heb het toch gemaakt en we hebben de foto.” Nog geen jaar later krijgt Jeroen Henneman 90.000 euro om een kunstwerk ‘ter nagedachtenis aan Theo van Gogh’ te ontwerpen. Hartmans waakt over Lieuwes veiligheid terwijl Job Cohen vraagt of Van Gogh jr. voor het oog van de wereldpers het monument wil onthullen. Hartmans laat de keuze aan haar zoon, die zonder aarzelen bedankt voor het hele evenement en de eer. Op de ochtend van de onthulling van het beeld wenst Heleen dat Cohen een Napolitaanse hagelbui over zich heen krijgt. Aldus geschiedde; alleen als Hans Teeuwen aan zijn speech begint, breekt de zon door.


Hartmans houdt haar zoon na de moord twee weken thuis, daarna moet hij weer naar school. Op 10 december 2004 wacht ze op het schoolplein op haar zoon als de telefoon gaat. Het is de buurvrouw van Theo, die tot twee keer toe bij de politie gemeld heeft dat twee jongens met een pistool kinderen bedreigen en rondvragen waar Van Gogh jr. woont. Hartmans belt onmiddellijk met de haar toegewezen rechercheur en het halve korps rukt uit. Een calamiteitencontainer draait de hele nacht stationair voor het huis van de vermoorde cineast, maar de twee jongens worden nooit meer gevonden. Niet lang daarna, Hartmans en haar zoon staan dan nog onder politiebescherming, wordt Lieuwe belaagd door vier jongens terwijl hij de hond uitlaat. Hij loopt flink wat blauwe plekken op, maar zegt tegen zijn moeder, die hij niet ongerust wil maken, dat deze komen door een valpartij op het schoolplein. Uiteindelijk komt het hoge woord eruit. Hartmans voelt zich gedwongen om te verhuizen, nu blijkt dat na de moord op Theo van Gogh ook haar zoon doelwit is. Lieuwe, het jongetje van 13 dat zijn vader kwijt is, krijgt op school weinig steun, en naar goed Nederlands gebruik moet het maar snel afgelopen zijn met de aandachttrekkerij. Je vader is vermoord, tja, er gaan wel meer mensen dood. Kinderen kunnen wreed zijn, en Lieuwe pakt zijn kans om niet naar school te gaan. Dat wil zeggen: hij komt wel naar school, zijn moeder brengt en haalt hem dagelijks, maar hij blijft op het schoolplein of zit in het Wilhelminapark. Hij heeft zijn vaders vredelievende aard, is niet gewelddadig of crimineel, alleen recalcitrant. Lieuwe moet de moord op zijn vader op zijn manier verwerken. Wederom heeft Hartmans te stellen met de autoriteiten, die geen begrip voor de huiselijke situatie hebben. Pas na een maandenlange discussie met de schoolinspecties, die dreigen met rechtszaken en strafprocedures, weet Hartmans ook die papiertijgers van zich af te schudden.


Hartmans of wie dan ook uit haar directe omgeving is nooit naar buiten getreden met de huiselijke gevolgen van de moord op Theo van Gogh. Dat Job Cohen, elk jaar weer op 2 november, 4 dan wel 5 mei, meent iets over Theo van Gogh te moeten zeggen, schoot me dit jaar in het verkeerde keelgat. De leugens die ik lees in het boek dat Logtenberg en Wiegman over hem schreven, maakte de zaak er niet beter op. Ik belde vorige week Heleen om mijn frustratie te delen. Ze sms’te me: “5 mei ieder jaar vieren, zeker na de moord op tvg. Kus Heleen”.

Kus Heleen.

Dat betekent net zoveel als take care, Theo.

Ja, Job Cohen, voormalig burgemeester van Amsterdam, is een doortrapte cynicus en een rasopportunist bovendien. Geen slechte eigenschap voor iemand die premier wil worden. Nederland, take care.

“De heer Cohen heeft in de tijd dat hij burgemeester was talloze contacten gehad met inwoners van de stad over problemen waar zij mee te maken hadden. Het is geen gebruik daarover in detail te treden. Daar willen we ons ook nu aan houden.

In algemeenheid kan worden gesteld dat de burgemeester zich indertijd heeft ingespannen om de veiligheid van de ex-vrouw van Theo van Gogh en hun zoon Lieuwe van Gogh te waarborgen. Ook kan worden bevestigd dat er rechtstreeks contact is geweest met de ex-vrouw van Theo van Gogh. Dat heeft ertoe geleid dat de heer Cohen zich heeft ingespannen om andere huisvesting mogelijk te maken.”

Meer leuke content? Like ons op Facebook

ebru umar opinie