Griekenland heeft ons flink te pakken

Vorige week schreef ik dat we eigenlijk maar een beperkt idee hebben welke maatregelen we van de Grieken verlangen en al helemaal niet in welke mate afspraken worden nagekomen.

Ik had daar toen een vluchtig onderzoekje naar gedaan, en omdat dingen in je hoofd soms proporties aannemen die misschien niet meer helemaal correleren met de werkelijkheid ben ik gisteren en vandaag nog eens wat grondiger gaan zoeken. Zonder resultaat. Dat wil zeggen: in hoofdlijnen is wel bekend wat we van ze vragen. Wat ervan is bereikt: geen idee, nergens te vinden.

What else is new
Het leidt tot amusante vergezichten. Maandagavond werd op de valreep overeenstemming bereikt – what else is new?. Er komt ruim 43 miljard beschikbaar, voor een groot deel een tranche die er op 1 juli al had moeten zijn. En er is wat bijgekomen, laten we daar niet moeilijk over doen. ‘Griekenland heeft aan alle voorwaarden voldaan,’ heet het.

Vandaar natuurlijk die ruim tien miljard méér en die twee jaar uitstel ‘om aan alle voorwaarden te kunnen voldoen.’

Economische katalysatoren
Die tien miljard extra snap ik nog wel: het gaat economisch zo slecht dat er zelfs bij een constante staatsschuld en een krimpende economie altijd sprake zal zijn van een in verhouding tot het BBP te hoge staatsschuld. Dat kan eigenlijk alleen maar toenemen de komende jaren.

Ooit werkte ik bij het CBS en daar leerde ik dat er grosso modo twee katalysators van een economie zijn: de binnenlandse consumptie en de export.

Om met de export te beginnen: wat zouden we eens willen hebben uit Griekenland? Het land heeft geen belangrijke industriële productie. Er zijn niet veel delfstoffen. Ongeveer één procent van de Griekse bedrijven richt zich op de export, waar dat gemiddeld in Europa bijna tien maal zoveel is. Griekse bedrijven zijn gemiddeld ook heel klein: 97 procent heeft minder dan tien werknemers. Ze richten zich op de lokale markt.

Unilever
Op termijn zal dit, mede door de huidige ellende die van Griekenland al bijna een lagelonenland heeft gemaakt, als vanzelf verbeteren. Zo maakte Unilever vorige week bekend een flink deel van haar productie naar Griekenland te zullen verplaatsen. Die producten zullen uiteindelijk worden uitgevoerd naar, bijvoorbeeld, Nederland. Het zijn processen met een lange adem, het gaat op heel lange termijn helpen.

Vanwege de afweging van Unilever – Griekenland is zo langzamerhand een lagelonenland – zal het met de binnenlandse consumptie ook niet snel goed komen, Grieken hebben nauwelijks nog vrij besteedbaar inkomen.

Minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem gaf het gisteren al aan: het principe is het dat landen geleend geld terugbetalen. Maar voor Griekenland gaat dat heel moeilijk worden, dat erkent hij. Ik voorspel dat een voorstel tot kwijtschelding van de schuld er bij de volgende top zal liggen. Want het mag dan wel een principe zijn, daar heb je niks aan als de vlammen uit het dak slaan.

 

Dr. Doom is een pseudoniem. Als belegger is hij verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid van Beleggingsvereniging Fibonacci. Op het moment van het schrijven van deze column heeft de vereniging posities in Ahold, Akzo Nobel, DSM, Heineken, KPN, Shell en Unilever en is Neutraal in de AEX. De positie in de AEX is kortlopend en wisselt regelmatig. Die kan dus nu al anders zijn.

———
Volg HP/De Tijd ook op Twitter.

Meer leuke content? Like ons op Facebook