Nasynchronisatie of ondertitels? In Tsjechië zijn ze er nog niet uit

Samen met de Spanjaarden zijn de Tsjechen de Europeanen die het slechtst Engels praten. En daar balen ze van. Een groep middelbare scholieren heeft nu een verzoek ingediend om nasynchronisatie van televisieprogramma’s en bioscoopfilms af te schaffen. De groep pleit voor ondertitels.

Spanje, Italië, Frankrijk, Duitsland, Tsjechië, Hongarije, Zwitserland, Oostenrijk, in al deze landen worden vrijwel alle programma’s nagesynchroniseerd. In Nederland zijn we gewend aan ondertitels, zelfs worden sommige kinderprogramma’s in de originele taal getoond. Onze kennis van de Engelse taal wordt dan ook vaak ‘gewijt’ aan het aanbod van Engelstalige programma’s op televisie. Dankzij de ondertiteling leer je meteen de vertaling van woorden die je nog niet kende. Weinig mis mee, lijkt ons.

Maar ondertiteling kan ook negatieve effecten hebben, zoals een onderzoek uit 2009 uitwees. Door Nederlandse woorden te lezen die niet overeenkomen met de klanken die je hoort, verstaan we minder goed wat er nou echt gezegd wordt. Dankzij ondertiteling leren we de verkeerde fonologie, klankelementen van woorden herkennen we daarentegen wel weer makkelijker, volgens het onderzoek.

Hoe dan ook: op de lijst scoort Nederland behoorlijk goed en ook de Tsjechische minister van Onderwijs Dalibor Štys steunt het verzoek van de scholieren: hij roept de nationale zenders op meer educatieve programma’s in het Engels uit te zenden. Daar is overigens lang niet iedereen het mee eens. Tegenstanders noemen de nagesynchroniseerde programma’s een kunstvorm.

Meer leuke content? Like ons op Facebook