Remake van een organisch bedoeld gedrocht in Amstelveen

Gebouwen die bijna niemand mooi vindt zijn er genoeg. Maar hoe komen ze er? En kan er nog wat aan ge­daan worden? Architect Marjolein van Eig zoekt het uit en stelt verbete­ringen voor. Deze week het (voormalige) KPMG kantoor in Amstelveen.

Lelijke kantoorgebouwen zijn er in groten getale en vormen een onuitputtelijke bron voor deze rubriek. Het is echt smullen vanachter het stuur in de auto of vanuit de trein; wat een enorme rijkdom aan lelijkheid. De lelijkheid komt meestal niet alleen; ‘ze’ staan vaak in groepen bij elkaar; langs de A10, de A20 of de ring van welke stad dan ook (lekker bereikbaar, let op: A-locatie!!). En om de aanblik nog wat treuriger te maken hangen er sinds enige jaren grote borden op met het aantal vierkante meters dat te huur is. En dat is dan vaak het hele gebouw.

amstelveen
Het KPMG-gebouw in Amstelveen                                                           Via Streetview

 

Gedrocht op A-locatie
Die A-locatie houdt kennelijk geen enkel verband met het uiterlijk van het gebouw. Dat het gebouw en zijn omgeving er niet uitziet doet er niet toe; je bent er snel en daar gaat het om in het leven. Er snel zijn. Dat je wel met je ogen dicht het naar het gebouw moet lopen neem je maar op de koop toe, want de auto staat immers voor de deur naast een ligusterhaagje dat niet hoger komt dan de enkel. Als je binnen bent hoef je niet naar buiten te kijken want je tuurt de hele dag naar een beeldscherm en anders naar de zonwering die automatisch dicht gaat als het een beetje lekker weer wordt. Gelukkig.

Achter het gebouw van deze week zit wel degelijk een visie over hoe het eruit ziet. Het is eigenlijk geen gebouw maar een groep kantoren, een zogenaamd gebouwencomplex. Het bestaat uit 7 geschakelde panden met in totaal zo’n 50.000m2 beschikbaar vloeroppervlak. Het is beschikbaar gekomen omdat KPMG een paar honderd meter verder een nieuw kantorencomplex heeft laten bouwen, dat de potentie heeft om net zo’n gedrocht te worden als het huidige, als het dat niet al is. De beweegredenen van het bedrijf om deze move te maken vormen natuurlijk stof tot uitgebreide discussie, die ik graag even buiten deze rubriek laat. Liever heb ik het over de architectuur.

Allesbehalve natuurlijk en organisch
En deze architectuur is er eentje uit de koker van het architectenduo Alberts & Van Huut. Zij noemen dit organische architectuur. Dat betekent dat zij zich in hun ontwerpen laten inspireren door de natuur; de vormentaal die de natuur toont, achten zij vriendelijk en goed in harmonie met de mens. Ook zijn ze geïnspireerd door de historisch gegroeide oude stad, waar het nergens hetzelfde is en men voortdurend verrast wordt door kromme straatjes en verschillende pandjes. Uniformiteit leidt tot verveling en negatieve energie, staat er dan ook op hun website. Daar kan niemand het mee oneens zijn. Ik heb in ieder geval weinig vrienden die tijdens een stedenbezoek eens lekker de kantoorblokken langs de snelweg bezoeken. Gezellig een kopje koffie op de parkeerplaats tussen de struikjes, wie neemt er een foto?

Het woord organisch impliceert een natuurlijke en vanzelfsprekende vormentaal. Voor Alberts & Van Huut lijkt het een reden om veel schuine lijnen toe te passen. In de bouw is dit allesbehalve natuurlijk: schuine lijnen zijn een hels karwei om te maken, hoe rechter, hoe beter. Een grid van 1m80 is in elk kantoorgebouw standaard, alles dat anders moet kost geld. Dezelfde ‘onnatuurlijkheid’ van schuine lijnen geldt ook voor het interieur: zet maar eens een kast in een hoek die geen 90 graden is. Valt niet mee.

amstelveen-sjop (2)
Korte metten maken met de kneuterigheid (bewerking: Marjolein van Eig)

 

Karakteristieke vormen behouden
Maar goed, alles voor de architectuur. Voor veel mensen is functionaliteit een reden om de dingen te doen zoals men ze doet. Daarmee ben je snel uitgepraat, zij lijken een onbetwistbaar punt te hebben – want het is gewoon niet handig. Schoonheid echter, is ook wat mij betreft, een net zo goede reden om iets te doen. Goede architectuur echter, doet beiden. Het KPMG gebouw doet beide niet; het is functioneel noch schoon. Daarnaast is het ook niet gelukt om er de spanning en afwisseling van de bestaande stad in te brengen: het is een uniform en standaard kantoorgebouw met een modieus organisch sausje dat na ruim 20 jaar al hopeloos ouderwets aandoet.

Aan de slag dus. En dan blijkt het gebouw wat subtieler in elkaar te zitten dan je op het eerste gezicht denkt. Het is een erg groot gebouw, dat door de verschillende vlakken metselwerk, erkertjes en glas, een verdeling krijgt die de schaal inderdaad menselijker maakt. Een menselijk gedrocht, kan dat?

Maar goed, toch wat geprobeerd. Het terrein, de entree en de torentjes zijn karakteristiek en hebben mooie vormen, deze heb ik dan ook behouden. Het buitenblad van het gebouw kan eraf (de binnenkant van de buitenwand inclusief de isolatie kan blijven, daarmee blijft de gevelstructuur behouden), en wordt vervangen door een lichtroze steen die goed bij de entree en het terrein past. Stroken van ramen met een betonnen kader maken tot slot korte metten met de kneuterigheid.

Meer leuke content? Like ons op Facebook