Weg met die halfbakken zebrapaden

Een regenjas in de Atacama-woestijn. Een moskee op Urk. Wijnkoelers op een bijeenkomst van de Anonieme Alcoholisten. De mededeling dat ‘dit een niet-rokenvlucht betreft’. Een boekenkast voor je e-reader. Voilà, een zwik overbodige zaken, maar niets is zo zinloos als enkele strepen lichtreflecterende wegenverf die in de lengterichting op rood asfalt zijn gekwakt. Onder u allicht beter bekend als een zebrapad op een fietspad.

Zebrapad
Beeld: ANP/Patrick van Katwijk

In de Nederlandse verkeerswet staat het zebrapad omschreven als voetgangersoversteekplaats. Volgens dezelfde wet moeten bestuurders ‘voetgangers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, die op een voetgangersoversteekplaats oversteken of kennelijk op het punt staan zulks te doen, voor laten gaan’. Wie zich hier niet aan houdt pleegt een strafbaar feit.

Klinkt heftig, maar volgens onderzoek stopt slechts 12 procent van de fietsers bij een zebrapad. Geen wonder dat voetgangers mij verbaasd aankijken wanneer ik op de fiets afrem en gebaar dat ze mogen oversteken. Overigens wil ik meteen de illusie doorprikken dat u hier met een heilige van doen heeft. Als onderdeel van mijn hoofdstedelijke integratie pleeg ik ook wel eens een strafbaar feit op de tweewieler. Wanneer ik vlak achter iemand van de 88 procent fiets, haast heb of de voetganger zich twijfelachtig opstelt trap ik wel door. En wat kan het voor kwaad?

Als voetganger wekt de fietser die doorrijdt geen agressie bij mij op. In tegenstelling tot automobilisten die geen voorrang verlenen bij het zebrapad. Zo overwoog ik standaard een handje kiezels in mijn jaszak te stoppen, om deze naar het doorrijdende tuig te gooien. Zul je net zien dat zo’n bestuurder zijn auto op z’n Russisch heeft ingericht, met een honkbalknuppel onder de bijrijdersstoel. De angst voor deuken in mijn gezicht won het van de wens van deuken in het autolak.

Sindsdien prevel ik een gebedje waarin ik wens dat de doorrijder tot in de eeuwigheid driemaal daags zijn telefoonbotje stoot, natte sokken draagt en de verkeerde kassarij uitkiest. Tenminste, dat doe ik als de zon schijnt. Bij regen, als die k*tautomobilist droog zit, fantaseer ik over foltertechnieken die in Guántanamo Bay zijn afgeserveerd als misdadig.

Doorrijdende fietsers wens ik een fijne dag. Fietsers gaan relatief traag en het fietspad is smal. Zelfs bij betrekkelijk veel fietsverkeer ga je zo, hups, tussen twee fietsen naar de overkant. Als voetganger kun je fietsers dwingen in de remmen te knijpen door aanstalte te maken. Het risico is echter dat fietsers op elkaar klappen en jij als voetganger bedolven wordt door een gevallen peloton.

Juist deze angst voor dit soort kop-staartbotsingen deed de gemeente Amsterdam er drie jaar geleden ertoe besluiten dat de zebrapaden op de fietspaden moest verdwijnen. Ze zouden ‘schijnveiligheid’ bieden. Een soortgelijk argument werd tien jaar eerder gehanteerd in de landelijke gemeente Eemsmond. Zonder zebrapaden zouden voetgangers beter opletten. Blijkbaar vertrouwde men deze strategie niet helemaal, want via Google Streetview is minstens één zebrapad in de gemeente te vinden.

De plannen in Amsterdam stuitten ook op verzet. Kwetsbare groepen als ouderen, gehandicapten en kinderen zouden niet veilig kunnen oversteken. Dus staan er ook in Amsterdam nog steeds witte strepen op het fietspad behoorlijk zinloos te wezen.

Bij fietspadzebrapaden heb je simpelweg twee opties. Opheffen of handhaven. En onder dat laatste moet dan niet verstaan worden dat je de verf niet verwijderd, maar dat je overtreders gewoon op de bon slingert.