HP/De Tour #9: Geschonden velden

De Tour de France heeft Frankrijk jaarlijks drie weken volledig in haar greep. Tourkenner en journalist Jeroen Wielaert reist de renners drie weken lang achterna en vertelt u in zijn Tourkronieken het verhaal achter de Ronde.

De Langste Dag in de Tour werd D-Day voor Nederland, met een geweldige afterparty in Chartres ter ere van Dylan Groenewegen. Dat staat, hebben wij ook wat. Deze zaterdag is het gewoon weer nationale feestdag voor de Fransen, 14 juli en voor hen is het nog maar de opmaat naar de climax van een mogelijke nieuwe wereldtitel voor Les Bleus. Ook daarom: Dylan bedankt, na de gebroken spaak van Tom Dumoulin. Het vaderland had het nodig.

Quatorze Julliet is een routineuze Franse feestdag, met een ongewone volkse oorsprong. Het is de viering van een immense onderlinge slachtpartij, de grootscheepse afrekening die aan het eind van de achttiende eeuw begon en daarna tot ver in de negentiende duurde – het volk maakte de gehate adel af en bestormde ook nog de Bastille, de vervloekte gevangenis midden in Parijs.
Dat alles in het kader van een ouderwetse slogan die het nog steeds geweldig doet als framing voor dubbele agenda’s: Liberté, Égalité, Fraternité – U weet wel, Vrijheid, Gelijkheid, Broederschap. Destijds kwam er ook nog Ou la Mort achteraan, Of de Dood, maar dat was weer minder wervend.

Op deze feestdag gaat de Tour vanuit Dreux naar Amiens en fietsen ze een gebied binnen waar menselijke broederschap niet meer telde, vrijheid met geweld teniet gedaan werd en gelijkheid het lot was van de tallozen die er dezelfde gruweldood vonden: la Grande Guerre. 1914-1918. Op elf november is het honderd jaar geleden dat er een eind kwam aan de Eerste Wereldoorlog.

Het is ook om die reden dat de Tour na Bretagne in twee dagen door noordelijk Frankrijk trekt. Dat zal nog menige helikopterzwaai over de immense erevelden opleveren. Hier moet Dylan Groenewegen eigenlijk nogmaals zijn vinger voor zijn gesloten lippen houden.
Er zijn nogal wat vedetten begraven, Tourwinnaars die ten oorlog gingen. Octave Lapize, Lucien Petit-Breton, François Faber. Nog meer liggen er die een belofte waren voor de Tour, maar er nooit aan hebben kunnen deelnemen – over de honderd. Aan Duitse zijde sneuvelden tal van amateurs, maar ook beroepsrenners als Georg Finn, Georg Grosskopf en Richard Löwenberg. Frankrijk zag ze nooit als renners langskomen.

Luistert u liever de hele kroniek? Jeroen spreekt iedere aflevering in. De tekst loopt zelf hieronder door.

Het is niet voor te stellen dat Greg Vanavermaet, Romain Bardet en Chris Froome op deze manier naast elkaar de wapens opnemen tegen John Degenkolb, Marcel Kittel en Andrei Greipel.
Ik heb de laatste dagen aan nogal wat Engelstalige militairen gedacht, geen renners, wel soldaten die dichters werden, in de stress voor de strijd, of de nood nadien, als ze aan het ergste ontkomen waren.
Wilfred Owen, Siegfried Sassoon, John McCray.
In hun geest probeer ik dit gedicht.

In het hoge Franse Noorden
Staan veel kruizen, rij aan rij
Tekenen van het grensloos moorden
Met aldoor wisselend loopgraaftij

Door die zwaar geschonden velden
Doemt nu het bont gekleurd peloton
Honderd jaar na het schreeuwen, schelden
Na het vuur van menig grof kanon

Ze zullen niet denken aan de Groten
Die sneuvelden ver van hun fiets
Zij die eerst Tourglorie genoten
Voor ze vergingen in het niets

Hun aanval heet een demarrage
Op het terrein van de verstilde hel
Nog leidt het niet tot totale ravage
Het is verhit offensief, maar blijft een spel.

Lees en luister hier alle Tourkronieken van Jeroen Wielaert.