Spring naar de content
bron: ANP

Voor Jan Jambon zijn kunstenaars te mondig, te kritisch, en vooral: te links

De culturele sector van onze zuiderburen verkeert in zwaar weer; zestig procent van de kunstsubsidies wordt geschrapt. Met Jan Jambon als minister van cultuur is dat niet verrassend, vindt Roderik Six, maar toch: “Wie niet snapt waarom kunst in een maatschappij belangrijk is, heeft in die maatschappij niets te zoeken.”

Gepubliceerd op: Geplaatst in de volgende categorieën:
Geschreven door: Roderik Six

Wie een aantal cultuurminnend Vlaamse vrienden in zijn Facebook-tijdlijn heeft staan, heeft het misschien al gemerkt: halve profielfoto’s, gezichten die geblindeerd zijn door een gele balk. Net iets meer dan de helft is weggegomd. Het gaat, om precies te zijn, om zestig procent van de foto, net het bedrag dat geschrapt wordt in de kunstsubsidies. Een nieuwe kaalslag in de sector, nadat ze tijdens de vorige legislatuur ook al zwaar moesten besparen, bovenop de indexstop. Jongeren die zich nu nog als kunstenaar willen ontwikkelen, zijn maar beter voorbereid op dagelijks droog brood en een job bij Starbucks.

Erg verrassend is het niet. Niemand minder dan Jan Jambon is minister van cultuur. Of beter gezegd: hij combineert zijn job als Vlaams minister-president met die van cultuur. Dat kan je op twee manieren interpreteren. Of cultuur is niet belangrijk genoeg om er een aparte ministerpost voor te creëren, of hij beschouwt cultuur als een vehikel om zijn keizerlijke aspiraties mee te decoreren.

Door het financieel wurgkoord aan te spannen, snoer je hen de keel en de mond toe.

‘Iedereen moet besparen,’ is het mantra. Maar dat klopt niet helemaal. Zo krijgen bedrijven massaal overheidssteun – Jambon blijft natuurlijk een rechtse neoliberaal – en is de keuze om te hakken in cultuur, overduidelijk ideologisch geïnspireerd. Hedendaagse kunstenaars zijn te mondig, te kritisch, te links, en door het financieel wurgkoord aan te spannen, snoer je hen de keel en de mond toe. Want niet alleen kunstenaars moeten zwijgen. Ook de fondsen voor onafhankelijke journalistiek worden geschrapt. Op expliciet verzoek van Bart De Wever, voorzitter van de NVA. Die had nog een eitje te pellen met de kritische journalisten die zijn liefde voor de Antwerpse bouwlobby hadden blootgelegd. Het onafhankelijk nieuwsplatform Apache bericht al jaren over dubieuze constructies in de vastgoedsector, rare handeltjes waar de naam van De Wever telkens opduikt. In plaats van Apache van weerwoord te bieden, kregen ze een proces aan de broek. Dat wonnen ze glansrijk maar de juridische strijd eiste een zware financiële tol. En dat was net de bedoeling. Nu neemt De Wever dus wraak.

Ook de VRT moet drastisch besparen op journalistiek. In ruil moet de ‘Vlaamse stem’ meer gehoord worden. Jambon wil zich niet meteen mengen in de redactievergaderingen – stel je voor – maar het zou toch tof zijn mochten er wat meer Vlaams nationalisten worden uitgenodigd in nieuwsprogramma’s. Ach ja, ook klimaatontkenners moeten de kans krijgen om hun onzin op de publieke omroep te verkondigen. De NVA gelooft namelijk niet in de klimaatopwarming. Dat is allemaal linkse bangmakerij, één groot hippiecomplot waar ook alle wetenschappers op aarde bij betrokken zijn.

Niet iedereen moet inleveren. NVA-vriend en haven-bobo Fernand Huts krijgt wel subsidie om zijn privécollectie in het buitenland te promoten. Ter info: Huts zwemt in het geld, het is een raadsel waarom net hij geld nodig zou hebben, geld dat trouwens naar een fonds gaat dat een financieel adres heeft op het belastingparadijs Jersey. Zo beloon je dus je politieke vriendjes.

De artistieke waarde van Studio 100 is ronduit nul.

Ze werden ook beloond met een cultuurprijs: Gert Verhulst en Hans Bourlon, eigenaars van Studio 100 en bedenkers van K3 en Samson. Niemand minder dan Bart De Wever gaf hen een lofrede voor hun culturele bijdrage aan Vlaanderen.

De artistieke waarde van Studio 100 is ronduit nul. Ze maken dwaze kinderprogramma’s en verkopen koekjes. Meer niet. Maar Gert Verhulst heeft ook een komisch praatprogramma waar De Wever regelmatig mag aantreden. Een jolige talkshow zonder kritische journalisten – een natte droom van elke politicus.

Jambon trekt ook geld uit voor een Museum van de Vlaamse Geschiedenis én voor een Vlaams canon. Dat laatste moet alle grote Vlaamse verwezenlijkingen en waarden oplijsten, en die blauwdruk moet dan onderwezen worden aan alle kindjes. Zo krijgt de schooljeugd het trots Vlaams-nationalisme met de paplepel mee. Zo zullen we een grootse natie worden, vol fiere Vlamingen die tijdens de week braaf gaan werken en in het weekend zangstonden organiseren waarbij uit volle borst Samson-liedjes zullen gekeeld worden. Ook mooi meegenomen: die paar allochtone kindjes in de klas zullen perfect geassimileerd worden en hun eigen achterlijke cultuur vergeten.

Wie niet snapt waarom kunst in een maatschappij belangrijk is, heeft in die maatschappij niets te zoeken.

Maar de kunstensector weigert deze keer mee te werken en dreigt met acties. Lege theaterzalen, lege musea, lege podia – het zit er aan te komen en dan mag Jambon in het buitenland gaan uitleggen waarom onze geroemde kunstensector in elkaar gestuikt is. Want Vlaanderen heeft wereldklasse in huis. Ivo Van Hove – ironisch genoeg onlangs nog met een Nederlandse staatsprijs geëerd -, Anne Teresa De Keersmaeker, Michael Borremans, Luc Tuymans… de lijst van beroemde kunstenaars die ooit dankzij subsidies aan hun oeuvre konden werken, is ellenlang. Maar dat zijn niet de kunstenaars waar Jambon van houdt. Te moeilijk. Te experimenteel. Niet Vlaams genoeg. Te links vooral.

De pesterige vraag waarom kunst gesubsidieerd moet worden, ga ik zelfs niet beantwoorden. Wie niet snapt waarom kunst in een maatschappij belangrijk is, heeft in die maatschappij niets te zoeken.