Zoals al heel lang voorspeld liep midden in de drukke zomervakantie het luchtverkeer op Eindhoven Airport vast en werden duizenden reizigers getroffen door grote vertragingen. De oorzaak was dat de luchthaven gebruikmaakt van het militaire vliegveld Vliegbasis Eindhoven, waar de militaire luchtverkeersleiding verantwoordelijk is voor al het vliegverkeer. En die kampt met een snel toenemende onderbezetting. De reden daarvoor is glashelder: een ervaren militaire verkeersleider verdient ongeveer 5000 euro per maand, terwijl de civiele collega van Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL), die anderhalve meter verderop in de kamer exact hetzelfde werk doet, meer dan het dubbele mee naar huis neemt. Er zijn weinig redenen waarom militaire verkeersleiders dus niet zouden besluiten van werkgever te veranderen, om voor precies hetzelfde werk twee keer zoveel salaris te ontvangen.
Ondertussen wil demissionair staatssecretaris Tuinman (BBB) er enkele tienduizenden militairen bij. Dat gaat wat worden met de beoogde uitbreiding van onze strijdkrachten, als defensie ten opzichte van vergelijkbaar werk in de burgermaatschappij zo beroerd blijft betalen.
Dat soldaten relatief slecht betaald worden is trouwens van alle tijden. Romeinse soldaten verdienden rond het begin van onze jaartelling één denarius per dag; dat is omgerekend zoiets als ons minimum jeugdloon. De hardnekkige mythe dat ze dit (deels) in zout betaald kregen is apekool. De soldatenvergoeding werd inderdaad salarium genoemd, wat betekent dat ze geld kregen om onder andere zout (en andere etenswaren) te kopen, maar dat ze met zakjes zout werden vergoed is flauwekul.
Zout was in de Romeinse tijd wel een kostbaar product. Het was schaars beschikbaar en noodzakelijk om voedsel, zoals vlees en vis, te bewaren. In China werd rond 6000 v.Chr. al zout gewonnen uit pekelmeren en in Egypte was zout ook nog eens essentieel voor mummificatie. Tot in de middeleeuwen was zout strategische handelswaar, waar steden als Venetië en Genua grote rijkdom aan ontleenden en waar soms complete oorlogen over werden gevoerd. Tegenwoordig is een vaatje zout zo ongeveer het goedkoopste wat je in de supermarkt kunt krijgen.
We zijn de afgelopen decennia ook steeds zouter gaan eten. Voorgefabriceerde kant-en-klaar gerechten zoals soep uit een pakje of blikje, goedkope pizza’s of andere diepvriesmaaltijden en vegaburgers zitten tjokvol zout. Want in werkelijk alles stoppen fabrikanten bakken zout, van groentesoep tot gerookte kipfilet, van speculaasjes tot softijs, van zilveruitjes tot zalm.
Zout is voor goedkoop fabrieksvoedsel een belangrijke smaakmaker.
Gezondheidsorganisaties en overheid proberen al jaren grote voedselproducenten over te halen minder zout in hun producten te stoppen, maar ondanks alle mooie beloftes en convenanten geeft de industrie daar maar mondjesmaat gehoor aan. Zogenaamd omdat zout cruciaal zou zijn om de houdbaarheid van hun producten te verbeteren (wat tegenwoordig nauwelijks nog waar is), maar vooral omdat zout voor het goedkope pulpvoedsel dat ze fabriceren een superbelangrijke smaakmaker is.
Want hoe gek het ook moge klinken, zout is gewoon erg lekker. Het prikkelt de zoutreceptor op onze tong, wat een plezierig en bevredigend ‘mondgevoel’ geeft. Daarnaast verhoogt het de smaak van veel andere ingrediënten door bitterheid te onderdrukken en de balans tussen zoet en zuur te verbeteren. Ten slotte verbetert het de structuur van bijvoorbeeld vlees, maar ook brood.
Tegenwoordig eten we gemiddeld tien gram zout per dag, en dat is meer dan het dubbele van wat goed voor je is. Te veel zout jaagt de bloeddruk op, wat schade toebrengt aan je bloedvaten en de kans op een beroerte, hartinfarct of forse verslechtering van je nierfunctie aanzienlijk doet toenemen. Hoe beroerd zout voor ons lichaam is wordt treffend geïllustreerd door West-Afrikanen, zoals Ghanezen of Nigerianen, die toch al gevoelig zijn voor hoge bloeddruk. Als zij naar Europa verhuizen en overgaan op ons zoutrijke dieet, ontwikkelen veel van hen in korte tijd een volledig ontspoorde bloeddruk en daarbij behorende hart- en vaatziekten of ernstig nierfalen.
Als het je lukt je zoutinname een beetje in te perken, daalt het risico op levensbedreigende hart- en vaatziekten gemakkelijk met meer dan tien procent. Dat komt aardig in de buurt van wat je kunt bereiken met cholesterolpillen of met flink wat kilo’s afvallen. De eerste waanzinnig eenvoudige stap is het radicaal stoppen met toevoegen van zout aan alles wat je eet. Veel voedingsmiddelen bevatten al genoeg zout van zichzelf, dus het eten wordt echt niet meteen flauw. Bovendien ben je vaak al binnen één of twee weken gewend aan het stoppen met extra zout. In 2010 brachten alle Nederlandse bakkers tegelijk de hoeveelheid zout in het brood terug en dat heeft vrijwel niemand gemerkt.
En dan is het natuurlijk opportuun om zoveel mogelijk te minderen met het eten van voorverpakte kant-en-klare maar tegelijkertijd vies-en-vette maaltijden, ingevroren kunststof-pizza’s, in plastic verpakte hondenbrokken-to-go die zich voordoen als menselijk voedsel en ander ingeblikt veevoer. Dat is alleen al om de meest basale culinaire redenen een puik idee, maar tegelijk een simpele manier om de zoutinname aanzienlijk te reduceren.
Zout is een cruciaal ingrediënt in ons dieet en een essentieel mineraal om ons lichaam in goede conditie te houden. Te veel zout daarentegen is een bedreiging voor onze gezondheid. Het beperken van de zoutconsumptie is een van de eenvoudigste ingrepen die je kunt doen om fit en gezond te blijven.





