Spring naar de content
bron: SIRE

Dominee Don Arturo predikt: wolla, kappen met die vuurwerk

Arthur van Amerongen pleit voor een algeheel vuurwerkverbod, ook al weet hij dat hij zich daarmee niet populair maakt bij zijn rechtse vrienden.

Gepubliceerd op:
Geschreven door: Arthur van Amerongen

Mijn vader was chemicus bij de KEMA in Arnhem en werkte met radioactieve rommel. Ja, inderdaad: daarom zie ik er zo raar uit.

Abboneer op een lidmaadschap

Hoe sympathiek!

Dit artikel krijg je van HP/De Tijd cadeau. Om ons te steunen en meer artikelen van en uit HP/De Tijd te lezen, word je vanaf slechts vier euro per maand lid in minder dan een minuut. Voor dat luttele bedrag lees je ook alle stukken uit het maandelijkse magazine digitaal.

Kies een lidmaatschap

Zijn bijnaam bij de KEMA was Tony Uranium. Hij liep in een soort ruimtepak dat hij zelfs tijdens de schaft niet uitdeed. Zijn obsessie met veiligheidsvoorschriften hield niet op als hij om 1700 uren zijn kaart in de prikklok stak en naar huis fietste.

Op oudejaarsavond stak hij vuurwerk af: 20 lullige vuurpijltjes en 10 gillende keukenmeiden. Ik mocht niet mee naar buiten en keek in mijn streepjespyjama door het raam hoe papa in een gele oliejas en met een lasmasker (als een soort Heisenberg avant la lettre) die Chinese zooi aanstak. Alle jongens in de straat waren lekker aan het knallen en katten en telefooncellen aan het opblazen. Om de haverklap wees het schoftentuig naar papa met zijn masker en vervolgens naar mij en schreeuwde dan: ‘Homo, homo, homo, Tuurtje is een homo.’

Mijn vader hoorde dat gelukkig niet want die had watten in zijn oren gepropt.

Maar er was nog meer narigheid want wij hadden uit principiële redenen geen televisie en ik kon dus ook niet naar de oudejaarsconference kijken. Ons vermaak kwam uit de de liedbundel Kun je nog zingen, zing dan mee. Ik viste het versleten exemplaar ooit uit het grof vuil, kort voor het ouderlijk huis wegens sterfte geruimd werd. Sindsdien koester ik het boekje als een talisman hetgeen natuurlijk bespottelijk is omdat ik volstrekt niet bijgelovig ben.

Sterker nog, ik vind bijgelovige mensen zo mogelijk nog onnozeler dan gelovige mensen. De liedbundel overleefde Beiroet, Jeruzalem, Molenbeek, Rio de Janeiro en Asuncion en was getuige van taferelen die zelfs na mijn dood niet bekend mogen worden.

Alle jongens in de straat waren lekker aan het knallen en katten en telefooncellen aan het opblazen.

Ik neem aan dat de bundel inmiddels verboden is in mijn oikofobe moederland vanwege haatzaaiende liederen als: Alle man van Neêrlands stam voelen zich der Vaad’ren zonen; Waar de blanke top der duinen schittert in den zonnegloed; Wien Neêrlands bloed door d’ad’ren vloeit / Wien ’t hart klopt fier en vrij en Hollands vlag, je bent mijn glorie.

Nu moet ik vooropstellen dat ik nationalisme een treurige aangelegenheid vind. Daarom begrijp ik nooit zo goed dat allerhande idioten ziedend worden wanneer je hun land beledigt. Een Portugees mag van mij zijn gat afvegen met de Nederlandse vlag. Sterker nog: ik zal die Portugees mijn eigen vlag lenen als dat moet (als ik zijn uitzichtloze en door saudade verstikte bestaan daar tenminste even mee op kan fleuren). In Amerika eindig je overigens op de elektrieke stoel als je de Stars and Stripes als luier gebruikt.

Ik ben beslist geen kosmopoliet. Eerder ben ik een strontvlieg die zijn gastland vanaf de muur observeert en pas opvalt wanneer ie naar beneden flikkert na een fles medronho, maar ik koester de genoemde fascistische volksliederen zoals een Nederlandse boer in de outback van Australië zijn hagelslag en gestampte muisjes koestert (als die inmiddels niet gesmolten zijn).

Bon, heel Ede keek naar de oudejaarsconference van Wim Kan, Wim Sonneveld of Toon Hermans en mijn papa en mama zongen uit volle borst Nederlandse volksliederen, maar zaten desalniettemin nooit bij de NSB.

Overmand door nostalgie en spleen bladerde ik op oudjaarsavond in mijn Algarviaanse strandhut in de liedbundel naar gezang 160 van Rhijnvis Feith: ‘Uren, dagen, maanden, jaren vliegen als een schaduw heen.’

Ik hoorde mijn vader beuken op het traporgel in de voorkamer die blauw stond van de sigarenrook. Mijn moeder probeerde maat te houden met haar enigszins valse meisjesstemmetje. Op de tafel stond een schaal met opengereten appelflappen en oliebollen. Omdat ik geen vuurwerk mocht afsteken en daarom voor homosueel werd uitgescholden, terwijl er op dat moment nog geen enkel concreet bewijs voor was want ik zat toen nog niet bij de padvinderij, verpestte ik de sfeer in huize Van Amerongen door luidkeels te zingen: ‘Uren, dagen, maanden, jaren, vliegen als een schaap door ’t veen. / Ambtenaren uitgezonderd, geldt deez’ regel iedereen.’

‘s Anderendaags stond ik voor dag en dauw op en ging ik niet ontploft vuurwerk zoeken op straat. In die tijd sneeuwde het nog met kerst en de jaarwisseling, dus meestal bestond mijn buit uit een zielig zakje vol natte kanonslagen. Die droogde ik dan thuis in mijn rukbunker en ergens op 10 januari stak ik die dan af op de Ginkelse Heide.

Wraak is een gerecht dat koud wordt opgediend, vrienden.

Met terugwerkende kracht ben ik mijn ouders dankbaar dat ze niet meededen aan de vuurwerkmanie. Het was toch vooral iets voor tokkies, al werd het falderappes uit de ghetto’s van Ede toen nog niet zo genoemd. Ik meen dat mama ze asocialen noemde.

Marokkanen waren er nog niet in die tijd. Van een maatschappelijk werker heb ik begrepen dat veel boefjes die de afgelopen tien jaar Ede opbliezen rond de jaarwisseling, afgereisd zijn naar de Islamitische Staat. De zogeheten stepping stone-theorie dus: je begint met een gillende keukenmeid en eindigt met een bomgordel in een Amerikaans convooi. En de naffertjes van Ede staan op het moment dat ik dit schrijf op 1 bij de Twittertrends!

Ik heb nooit begrepen hoe volidioten een maandsalaris de lucht in kunnen knallen. Koop dan liever coke, crack of crystal meth, denk ik dan, daar heb je tenminste nog lekker lang lol van.

Je begint met een gillende keukenmeid en eindigt met een bomgordel in een Amerikaans convooi.

De afgelopen decennia bracht ik oudejaarsavond altijd door in het buitenland. Een keer of vijf in Tel Aviv en Jeruzalem, maar jodenmensen hebben hun eigen jaartelling dus die deden niks feestelijks op 31 december. De afgelopen zeven oudejaarsavonden bracht ik door in de Algarve, waar helemaal niets maar dan ook niets gebeurt. Ja, een armoedig siervuurwerk in Albufeira en Tavira, maar als je zoals ik twee keer het vuurwerk in Rio de Janeiro hebt meegemaakt, dan word je vanzelf blasé. Geen knallen dus in de Algarve en dat is fijn voor mijn drie hondjes en alle andere beestjes.

U weet dat ik lijstduwer was van de Partij voor de Dieren, maar omdat Thieme mij dumpte voor de schathemeltjerijke Vegetarische Slager ben ik er mee gestopt. Desalniettemin heb ik aan het verkiezingsprogramma meegeschreven en er voor gezorgd dat de dierenrechten zoals in 1965 beschreven door de commissie Brambell zijn meegenomen. 

Dieren zijn moeten vrij zijn:

  1. van dorst, honger en onjuiste voeding;
  2. van fysiek en fysiologisch ongerief;
  3. van pijn, verwondingen en ziektes;
  4. van angst en chronische stress;
  5. om hun natuurlijke (soorteigen) gedrag te vertonen.

Kijk, dat mensen zichzelf opblazen door dommigheid vind ik niet eens zielig. Vandaar deze twiet.

Maar kom godverdomme niet aan de beestjes. Ik heb de meest gruwelijke berichten voorbij zien komen over verminkte katten, honden, paarden en wat dies meer zij. En dan heb ik het nog niets eens over de vogelen.

Dus daarom eis ik een algeheel verbod op vuurwerk in 2020.

Zelfs de Tweep des Vaderlands is om!

Nu hoor ik mijn rechtse fans denken: maar dat is toch een hartstikke links standpunt, doctorandus Van Amerongen. Hiermee speelt u Klaver in de kaart!

Vuurwerk is inderdaad rechts want de gehele mohammedaanse gemeenschap van Nederland en maar liefst 76 procent van de CDA-kiezers onderschrijft de stelling dat het ‘afsteken van vuurwerk een mooie traditie is die we in stand moeten houden’. Daarna volgen VVD (69 procent) en PVV (67 procent), 50Plus (67 procent) en Forum voor Democratie (64 procent).

Dan ben ik maar effekes lekker links, in het belang van de beessies. Ik ben in principe tegen petities maar deze heb ik ondertekend. Doet u dat ook, ook al is het zinloos?

En op de valreep heb ik nog een leuk nieuwtje voor u, over mijn lieve stalker Sybren Kooistra, die op 31 december beloofde nooit meer iets over mij zou twieten en op 1 januari al een bericht naar Pieter Klok, mijn geliefde hoofdredacteur van de Volkskrant, stuurde met de oekaze dat ik ontslagen moest worden.

Word lid van HP/De Tijd