Spring naar de content
bron: anp

Leve George Kooymans en de Golden Earring!

Arthur van Amerongen was regelmatig backstage bij optredens van de Golden Earring: “Wat mij vooral opviel, was het totale perfectionisme van de band.”

Gepubliceerd op:
Geschreven door: Arthur van Amerongen

Wat een vreselijk verdrietig nieuws om de dag te beginnen, lieve vrienden. George Kooymans is ernstig ziek en stopt met optreden.

Abboneer op een lidmaadschap

Hoe sympathiek!

Dit artikel krijg je van HP/De Tijd cadeau. Om ons te steunen en meer artikelen van en uit HP/De Tijd te lezen, word je vanaf slechts vier euro per maand lid in minder dan een minuut. Voor dat luttele bedrag lees je ook alle stukken uit het maandelijkse magazine digitaal.

Kies een lidmaatschap

Manager Rob Gerritsen wil nog geen uitspraken doen over de toekomst van Golden Earring. “George is te ziek om nog te spelen en dat zou kunnen betekenen dat de band ophoudt te bestaan. Maar daarover is nog geen definitief besluit genomen.” Woensdagavond zijn de bandleden bij elkaar gekomen. Als de band ophoudt te bestaan, heeft die precies zestig jaar bestaan. Golden Earring scoorde wereldwijd hits met nummers als Radar Love, Another 45 Miles en Twilight Zone. De groep trad tot het uitbreken van de coronapandemie nog regelmatig op.

Wie is er niet groot geworden met de Golden Earring, vroeger nog de Golden Earrings geheten?

Mag ik u even mee terugnemen in de tijd?

En deze!

Ik spaarde alle singletjes en lp’s van de Golden Earring en zag ze als pubertje optreden in Ede. Ik was toen nog flink aan het genderen en vermoedelijk was ik verliefd op Barry Hay, maar dat was ik ook op Cliff Richard, Michael Jackson en Mieke, die samen met Vader Abraham Een klomp met een zeiltje zong.

Barry Hay en Herman Brood waren mijn enige Nederlandse idolen. Overigens werd ik groupie van Brood nadat ik hem had zien optreden in het Marnix College in Ede. Dat epische concert was voor mij, samen met een optreden van de Earring in de Markthallen van Ede en Les Poppys in het Openluchttheater begin jaren zeventig, het muzikale hoogtepunt van mijn treurige jeugd in Ede. Ik heb die dag twee uur met Brood zitten praten in Mr. Cockers tegenover de Hema, de Les Deux Magots van Ede zal ik maar zeggen, en heb toen de eerste Herman Brood-fanclub opgericht. Er is een nulnummer verschenen, en had een doos met Brood-parafernalia liggen, tekeningen en teksten enzo maar die heeft mama destijds bij het grof vuil gezet.

Barry Hay kwam weer terug in mijn leven toen ik verkering kreeg met Carrie. Zij kookte samen met haar ex Hans jarenlang voor de Earring. Ik ben heel vaak backstage geweest en heb regelmatig een vorkje mee geprikt met de mannen, voor ze gingen optreden. Ik vond dat een onbeschrijfelijke eer. Ze eten allemaal erg gezond, en tijdens de maaltijd observeerde ik het viertal. Ze waren natuurlijk wel een dagje ouder geworden, maar wat mij opviel was het jeugdige elan van de rockhelden. Wat mij vooral opviel, was het totale perfectionisme van de Earring. Iedere soundcheck, of het nou in het Westland was, Limburg of Oost-Groningen, werd met een aan waanzin grenzende geestdrift uitgevoerd. Barry, die grotendeels op Curaçao woont, heeft net als ik een bloedhekel aan Nederland. Hij vindt het er veel te koud en mijn verloofde vertelde me eens dat ze moesten optreden in Apeldoorn of iets in die geest, midden in de winter, en dat Barry toen geëist heeft dat de schouwburgdirecteur de kachel op de hoogste stand moest zetten. Hay stond daar die avond lekker te swingen in een übercoole outfit terwijl het publiek letterlijk peentjes zweette.

Wie is er niet groot geworden met de Golden Earring, vroeger nog de Golden Earrings geheten?

De Earring zijn typische babyboomers. Ik heb louter positieve associaties met babyboomers. De lijst van helden, voorbeelden en inspirators is schier oneindig: Peter J. Muller, Peter Flik, Ischa Meijer, Willem de Ridder, Bob Visser, Ad Visser, Barry Hay, Herman Brood, Theodor Holman, Wim T. Schippers, Theo van Gogh, Clous van Mechelen, Emma Brunt, Phil Bloom, Frits Barend en Henk van Dorp en dan vergeet ik er nog een stuk of honderd.

De babyboomers hebben mijn leven gered. Ik was veertien en wilde dood. Het milieu waarin ik opgroeide was zo mogelijk nog saaier en verstikkender dan dat van De Avonden van Gerard Reve. Nergens was de verveling zo te snijden als in Ede. Op een blinde muur tegenover de Hema had een gefrustreerde hippie met vette letters gekalkt: “Waarom gebeurt hier niets?”.

Het vermaak bestond uit de jaarlijkse Airborne-herdenking op de Ginkelse Heide, brommers kiek’n, voetbal en erotische films op vrijdagavond in bioscoop Buitenlust. Uit principiële redenen hadden mijn ouders geen televisie. Wel een pick-up van het merk TrioTrack en een bescheiden platencollectie: Eine kleine Nachtmusik van Mozart, diverse werken van de legendarische organist Feike Asma, stichtelijke liederen van Aafje Heynis en het Urker Mannenkoor, singeltjes van de Biotex-vrouwtjes (waarover praten zij, ‘t is over Biotex), Piggelmee en het tovervisje – voorgelezen door Jos Brink – en mijn eerste twee plaatjes: Les Poppys met Non, non, rien n’a changé en het door de ziel snijdende Isabelle, je t’aime.

En toen kwamen de Golden Earring en Herman Brood dus.

Het was dan ook een waanzinnig grote eer dat Barry Hay samen met René van der Gijp het eerste exemplaar van het Tweede Grote Foute Jongensboek in ontvangst mocht nemen. Oom Rob Hoogland heeft hier in geuren en kleuren over geschreven.

Arthur, Barry en Rob

De kwajongens van GeenStijl waren er ook, bij deze happening, ach, wie waren er niet? Sunny Bergman en Rosanne Hertzberger!

Nogmaals, ik ben behoorlijk van slag van dit slechte nieuws. Het ziet dat er naar uit dat de Golden Earring nooit meer optreedt, want Barry Hay heeft eens gezegd ‘We spelen door tot er één van de vier omvalt’.

Ik sluit deze treurige column af met het prachtige nummer dat Kooymans voor Anouk schreef.