Spring naar de content
bron: ANP/REMKO DE WAAL

Ronald de Boer en het WK 2022 in Qatar #ZININ

In Qatar gaat een hele hoop mis in de aanloop naar het WK van 2022, maar Ronald de Boer ziet de boel nog wel rooskleurig in. Bewonderenswaardig, vindt Frank Heinen.

Gepubliceerd op:
Geschreven door: Frank Heinen

De afgelopen weken was het nodige te doen om Ajax, dat in de winterstop geld gaat tanken in Qatar, door daar WK-stadions te gaan testen die er zo solide uitzien omdat ze zijn gebouwd op de fundamenten van duizenden gestorven Nepalese arbeiders. Veel mensen vonden dat toch een beetje ongemakkelijk.

Tegen voetballen in Qatar bestaat al langer oppositie; Qatar is een land waar slavernij alledaags is en homoseksualiteit verboden. Ik was er ook niet zo enthousiast over, maar dat is voorbij. Ik kijk er echt naar uit nu.

Met dank aan Ronald de Boer.

Ronald de Boer doet het allemaal voor de Qatari, die hij geluk en voorspoed gunt.

Ooit was Ronald de Boer een schitterende voetballer, misschien nog wel beter dan hij zelf doorhad. Hij bezat een stijl en klasse die je zelden aantreft op een voetbalveld. Tegenwoordig bekleedt hij de verantwoordelijke functie van uithangbord voor het WK van 2022. In die hoedanigheid zet hij zijn stijl en klasse in om de wereld ervan te overtuigen dat Qatar een landje met ongekende mogelijkheden is. Keihard werken, onmenselijk bijna. Moderne slavernij. Maar Ronald de Boer doet het allemaal voor de Qatari, die hij geluk en voorspoed gunt.

Gisteren zat Ronald bij het FOX-programma Goedemorgen Eredivisie. Het gesprek kwam op voetballen en werken in het Midden-Oosten, zijn specialiteit. Er volgden kritische vragen. Over de omstandigheden. Over de dode arbeiders – volgens bepaalde bronnen wel 1.400. Over de hitte. Over het vreemdsoortige regime van emirs en andere sjeiks. Over het totale gebrek aan enige vorm van voetbalcultuur.

Van mensenrechten kun je geen Maserati kopen.

Ronald de Boer ziet de dingen anders. Helderder. Scherper. Hij is, in tegenstelling tot veel critici, vaak in Qatar geweest. Volgens hem willen de meeste van die Nepalese arbeiders niet terug, omdat ze in Qatar veel meer verdienen dan in hun eigen land. Dat hebben ze hem zelf verteld. Dat die mensen ook niet weg kunnen, omdat hun paspoort in veel gevallen in bewaring ligt bij hun werkgever, en dat ze hun geld soms helemaal niet krijgen, tja, dat hoort erbij. Het geld is toch goed? Ik knikte deemoedig. Zo is de wereld inderdaad ingericht. Van mensenrechten kun je geen Maserati kopen. Wie goed verdient, moet niet zaniken als-ie van een steiger lazert of dodelijk bevangen wordt door de hitte. Meestal lukt zaniken dan ook niet meer, maar dit terzijde.

Trouwens, met die aantallen doden viel het trouwens hartstikke mee, begreep ik van Ronald. Allemaal enorm overdreven. De precieze aantallen wist hij niet, maar meer dan een stuk of dertig konden het niet wezen.

Dat stelde me gerust. Een schoolklasje doden, daar kunnen we ons wel overheen zetten. Ook voor de lekkerste uitsmijter moet je een eitje breken. Als de stadions dan ook maar écht heel erg mooi zijn. Maar dat komt vast in orde.

De kritiek die als een muffe deken over het toernooi ligt, vond Ronald de Boer ‘makkelijk’. Ik voelde me aangesproken. Was het inderdaad makkelijk? Om eerlijk te zijn: moeilijk was het niet. Het enige wat ik deed, was dingen lezen, horen en zien, even langs de stempelpost van mijn geweten en hup, daar was de kritiek al. Ik beken: enkele van mijn meest kritische Qatar-columns heb ik liggend op de bank geschreven. Ronald de Boer neemt rapporten van Amnesty en Human Rights Watch, onderzoeken en reportages van talloze onderzoeksjournalisten, getuigenverklaringen, foto’s en filmbeelden en bekentenissen van de FIFA niet klakkeloos voor waar aan. Liever vliegt hij naar de plek des heils en laat zich grondig informeren door de sjeiks die hem betalen. Vervolgens beziet hij de zaak van alle kanten en komt dan tot een afgewogen oordeel. In dit specifieke geval: het is allemaal echt zo erg niet. Bovendien, zei hij laatst tegen Özcan Akyol op Radio 1: ‘In Qatar gaat veel fout, maar in Nederland ook.’

Je moet er niet aan denken hoe de omstandigheden zouden zijn geweest als Ronald de Boer níet af en toe poolshoogte was gaan nemen op de bouwplaatsen.

Ik zat met een bezwaard gemoed te knikken bij de radio. Laten we inderdaad verdorie eerst eens naar onszelf kijken. Hier gaat de hele dag van alles fout. Laatst nog was bij ons in de straat de stoep de hele ochtend opgebroken. Er vielen geen doden, maar voor hetzelfde geld (nee, voor veel meer geld) was het heel anders afgelopen. 

Van alle mooie dingen aan Ronald de Boer is het mooiste dat hij zich totaal niet laat compromitteren. Wanneer hij in Qatar iets ziet wat hem niet bevalt, zegt hij dat. Naar hem wordt geluisterd. Je moet er niet aan denken hoe de omstandigheden zouden zijn geweest als Ronald de Boer níet af en toe poolshoogte was gaan nemen op de bouwplaatsen. De toekomst zal Ronald ongetwijfeld gelijk geven, hij zal de geschiedenis ingaan als de Domela Nieuwenhuis van de Golfstaten. De Bevrijder van Doha.

En mocht het allemaal toch net effe anders zitten, dan heeft hij er in elk geval fijn aan verdiend.