Spring naar de content
bron: anp

Waarom de Nederlandse regering Italië subiet ruimhartig te hulp moet schieten

Vanuit zijn woonplaats Genua beschouwt Ilja Leonard Pfeijffer wekelijks een onderwerp dat het nieuws beheerst. Deze week: waarom de Nederlandse regering Italië subiet ruimhartig te hulp moet schieten bij ongekende catastrofe die het land nu teistert. “Europa kan niet zonder Italië.”

Gepubliceerd op:
Geschreven door: Ilja Leonard Pfeijffer

Korte samenvatting van het voorafgaande: afgelopen maandag schreef ik op deze plek een uit bittere noodzaak speciaal ingelast artikel, dat gisterenavond in Italiaanse vertaling in La Repubblica verscheen, over de schandalige opstelling van de Nederlandse regering inzake de organisatie van Europese financiële noodhulp aan het zuiden. Nederland is binnen de Europese Unie de felste tegenstander van Eurobonds, waarmee het financiële noodpakket gefinancierd zou kunnen worden, van versoepeling van de begrotingsregels en van inzet van het Europees Stabiliteitsmechanisme. 

Abboneer op een lidmaadschap

Hoe sympathiek!

Dit artikel krijg je van HP/De Tijd cadeau. Om ons te steunen en meer artikelen van en uit HP/De Tijd te lezen, word je vanaf slechts vier euro per maand lid in minder dan een minuut. Voor dat luttele bedrag lees je ook alle stukken uit het maandelijkse magazine digitaal.

Kies een lidmaatschap

De Nederlandse regering schiet in de oude reflex van begrotingsdiscipline. Ze wil haar triple-A-status niet opofferen aan het armlastige zuiden. Eventuele hulp zou volgens haar gekoppeld moeten zijn aan strenge voorwaarden. Het huis staat in de brand, maar voordat we kunnen blussen, dringt de Nederlandse regering erop aan dat er aan strenge voorwaarden moet worden voldoen omdat zij niet wil opdraaien voor de kosten van de blusoperatie. Hulp kan niet zomaar zonder voorwaarden worden geboden, we zijn gekke Henkie niet. 

De Nederlandse regering ziet niet in dat de huidige noodsituatie van een dusdanig ongekende omvang is, dat de oude reflexen hopeloos tekortschieten en ronduit kortzichtig zijn. De toekomst van Europa staat op het spel. Als Nederland volhardt in zijn egoïstische blokkade van onvoorwaardelijke steun aan het zuiden, is er straks geen Europa meer. De zuidelijke lidstaten van de Unie zijn terecht in woede ontstoken. Ik schreef daar maandag al over. 

Als Nederland volhardt in zijn egoïstische blokkade van onvoorwaardelijke steun aan het zuiden, is er straks geen Europa meer.

Inmiddels heeft de Italiaanse premier Giuseppe Conte het nog beter geformuleerd dan ik. “We zijn hier geschiedenis aan het schrijven, geen pagina uit een handboek voor economie,” zei hij in een interview met de Duitse televisie. “We staan voor de grootste uitdaging van onze tijd en dit is het moment waarop Europa moet laten zien wat het waard is.” En in een interview met De Telegraaf zei hij: “Dit is onze afspraak met de geschiedenis. We moeten onmiddellijk handelen, anders sterft de patiënt.”

Maar deze gepassioneerde noodkreten van de Italiaanse premier worden in Nederland met schouderophalen begroet. VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff zegt bijvoorbeeld het volgende tegen een journalist van NRC Handelsblad: “We moeten ons niet door de dramatiek van Zuid-Europese landen van de wijs laten brengen. Wij hebben hier nu eenmaal een nuchtere politieke cultuur. Geert Wilders, onze meest uitgesproken politicus, zou in Italië een beginneling zijn. Er worden in Europa snel grote woorden gebruikt, daar moeten wij niet zo van in de stress schieten.”

Deze reactie deed mij denken aan wat er afgelopen maandag gebeurde, toen ik in het radioprogramma Dit is de dag op Radio 1 over de noodsituatie en de Nederlandse blokkades van hulp mocht discussiëren met de door mij bewonderde historicus Geert Mak en de Europarlementariër Derk Jan Eppink (FVD). Dat Eppink de kortzichtigheid en het egoïsme van de Nederlandse regering prees, was geen verrassing. Hij was door de Nederlandse radio, vanwege zijn vermoeiende obsessie met discussies waarin ook de debielste standpunten moeten worden gehoord, opgebeld om het tegengeluid te vertolken. Maar op een gegeven moment tijdens de uitzending zei Geert Mak, zonder twijfel met de beste romantische bedoelingen, dat Italië eigenlijk dat leuke kleine nichtje is, op wie we allemaal stiekem een beetje verliefd zijn, maar dat een gat in haar hand heeft en met slechte mannen omgaat. Eppink sloot zich daar gretig bij aan. Hij had helemaal niets tegen Italië, zei hij, hij had zelfs Italianen in zijn fractie zitten, maar ze zijn eigenlijk gewoon niet goed genoeg voor de euro. Die munt is gewoon een beetje te sterk voor Italië, aldus Eppink. 

Moet je je voorstellen dat iemand zoiets over Afrikanen zou zeggen. Ik heb helemaal niks tegen zwarten, hoor, ik heb zelfs zwarten onder mijn vrienden, maar ze zijn gewoon een beetje te onderontwikkeld om met serieuze landen mee te komen. Zo’n uitspraak zou iemand zijn baan en zijn reputatie kosten en terecht. Maar de neerbuigendheid jegens Italië kan zelfs romantische trekken krijgen, zoals in de uiterst beledigende vergelijking van Geert Mak. Italië als het leuke kleine nichtje van Nederland? Italië heeft de rest van Europa beschaving bijgebracht. Meer dan de helft van de kunstschatten van de wereld bevindt zich op Italiaanse bodem. Rome heeft de fundamenten gelegd voor het rechtssysteem waaraan wij ons tot op de dag van vandaag vastklampen. Of zoals mijn vriend Massimo dat laatst tegen mij zei: “Toen jullie nog in berenvellen rondliepen, waren wij al homoseksueel.”

Het zelfingenomen Nederland is een onbeduidende dwergstaat in vergelijking met Italië.

En een politicus als Klaas Dijkhoff zou in Italië een beginneling zijn. Hij kan, ondanks zijn memorabele optreden in tv-quizzen, niet tippen aan de cultuur van de meeste van zijn Italiaanse collega’s. En desondanks denkt hij het recht voor zichzelf te mogen opeisen om Italianen af te schilderen als hysterische heldentenoren uit het zuiden, die je vooral niet al te serieus moet nemen. Terwijl hij zich tijdens carnaval in Brabant met een glas pils in de polonaise stond te laven aan de hoogste vorm van cultuur die hij kent, waren Italiaanse politici als Giuseppe Conte al alle zeilen aan het bijzetten om de epidemie het hoofd te bieden en de rest van Europa te behoeden voor een nog grotere ramp. 

Italië is niet dat leuke kleine nichtje, Italië is de zevende economie van de wereld en de derde economie van Europa. Het zelfingenomen Nederland is een onbeduidende dwergstaat in vergelijking met Italië. Alleen daarom al zou het Nederlandse politici sieren niet te hoog van de toren te blazen met hun ongepaste veto’s en belachelijke voorwaarden en respect te betonen aan een land dat in alle opzichten de meerdere is van Nederland. Europa kan niet zonder Italië. Dat zou reden genoeg moeten zijn om Italië subiet ruimhartig te hulp te schieten bij deze ongekende catastrofe.

Word lid van HP/De Tijd