Dat principe ligt ook ten grondslag aan de instrumentale bezetting van Get the Blessing: bas, drums en blazers. Maar waar bij Coleman de blazers de gang van zaken dicteren, is het bij GTB voornamelijk bassist Jim Barr die met zijn riffs, hooks en doorgecomponeerde lijnen de muziek een gezicht geeft. Hij speelt die patronen, heel ‘on-jazz’, rauw, vervormd en met een plectrum - precies zoals een rockbassist. Uit die scene komt hij, net als zijn ritmische evenknie Clive Deamer, dan ook. Beide musici speelden bijvoorbeeld ooit met, toeval bestaat niet, Portishead.
De melodieën zijn repetitief, de improvisaties veelal collectief, of zelfs afwezig, en de aandacht die het groovy klankbeeld afdwingt, is zuigend als een draaikolk. Ornette Coleman debuteerde in 1958 met het album Something Else!!!! - een titel OC DC-waardig.


