Cultuur

Komrij is geen oorzaak van antimoslimpopulisme, maar symptoom van een periode waarin de taal verhardde

Historicus Lotfi El Hamidi gebruikte een beruchte zin van Gerrit Komrij als titel voor zijn boek over antimoslimpopulisme. Biograaf Arie Pos verweet hem de dichter postuum te bezoedelen. In HP/De Tijd verscheen vervolgens een verdediging van Komrij. El Hamidi wilde niet meer reageren, maar deed het toch. Als Nederlander met islamitische achtergrond word je immers afgerekend op wat je zegt én wat je niet zegt. In zijn dupliek: Komrij is geen oorzaak van antimoslimpopulisme, maar symptoom van een periode waarin de taal over moslims verhardde.

30/03 | 2026
door Lotfi El Hamidi
Leestijd 3 minuten
Afbeelding
foto: anp

“Dupliek, daar doen we niet aan”, riep een gewaardeerde collega bij de opinieredactie van NRC zodra een publicist wilde reageren op een reactie op zijn oorspronkelijke bijdrage. Je wist dan dat die andere auteur ook weer het recht meende te kunnen opeisen om een reactie in de krant te publiceren. Iedereen wil het laatste woord.

Het antwoord van Arie Pos, biograaf van Gerrit Komrij, wilde ik eigenlijk laten passeren. Ik snap de opwinding van een biograaf die een perfecte aanleiding heeft gevonden om oneerbiedig gezegd zijn dode schrijver te reanimeren. Vooruit, ik ben ook niet vies van wat pr voor mijn boek, zoals HP/De Tijd de hand er niet voor omdraait om een relletje te creëren. It’s all part of the game, zullen we maar zeggen.

Toch wil ik gebruik maken van de gelegenheid om enkele misverstanden recht te zetten, al is het maar omdat je als Nederlander met een islamitische achtergrond niet alleen wordt afgerekend op wat je zegt maar ook wat je niet zegt.

Komrij is voor mij niet het kwaad of de oorzaak van de endemische vreemdelingenhaat die zich vooral op moslims richt. Hij is hooguit een symptoom.

Allereerst de Rushdie-affaire, waar ik in mijn eerdere reactie op Pos inhoudelijk geen aandacht aan besteedde waardoor het overkomt alsof ik de kwestie bagatelliseer. In mijn tijd bij NRC was ik degene die het relevant vond om dertig jaar na dato terug te blikken op de gebeurtenissen van 1989. De Rushdie-affaire is een schandvlek en ik snap heel goed dat veel Nederlanders destijds schrokken van de haat en geweldsoproepen in Den Haag en Rotterdam. Het waren weliswaar duizenden moslims op een bevolkingsgroep van bijna een half miljoen, maar zij bepaalden wel de beeldvorming.

Toen Salman Rushdie in 2022 ernstig werd verwond door een geradicaliseerde moslim was ik dan ook verbaasd dat er zo weinig ophef was. Zijn Duivelsverzen, waar de hele kwestie in 1989 om te doen was, werd toevallig net herdrukt door mijn uitgeverij Pluim. In NRC schreef ik een mini-essay over het boek en de affaire, die in de jaren negentig een lange schaduw wierp over moslims in het Westen.

De Rushdie-affaire was niet alleen de coming-out van het oprukkende moslimfundamentalisme in Nederland, het werd ook het startschot van het antimoslimpopulisme. Pos meent dat ik Komrij als “initiator en inspirator” van die beweging neerzet, maar volgens mij was ik wel duidelijk dat hij lang niet de enige was die met een schot hagel op de moslimgemeenschap schoot. Pos blijft ook maar hameren dat ik heel bewust een ‘niet-gebundelde’ column heb “opgevist” om Komrij postuum aan het kruis te nagelen. Alsof het een obscure middeleeuwse tekst betreft. Nooit van naslagwerken gehoord? Of het internet? Na 9/11 en vooral na de moord op Theo van Gogh las ik de woorden online maar al te vaak terug, onder andere op de destijds veel bezochte site van GeenStijl, waar Komrij werd beschouwd als een profeet.

(Overigens werd ik er zojuist op gewezen dat zijn column wel degelijk is gebundeld en wel in De ondergang van het regenwoud uit 1993, nota bene uitgegeven door Stichting P.C. Hooft-prijs).

Pos maakt het dan ook veel groter dan ik met mijn titel beoog. Komrij is voor mij niet het kwaad of de oorzaak van de endemische vreemdelingenhaat die zich vooral op moslims richt. Hij is hooguit een symptoom. De frase “we hebben ze als stakkers verwend en krijgen ze als wolven terug” vat voor mij een periode samen, een stukje Nederlandse cultuurgeschiedenis waar we nog steeds onderdeel van uitmaken. Het idee van ‘het was niks, het is niks, het wordt nooit wat’ met die moslims, of de kwaadaardige variant dat zij de boel hier ondermijnen of zelfs dreigen over te nemen is intussen gemeengoed geworden. Komrij was er gewoon heel vroeg bij toen hij al in 1980 in NRC Handelsblad voorspelde: “De mohammedaanse golf is in volle aantocht. Europa islamiseert.” Dan kan Pos wel zeggen dat Komrij daarmee specifiek stelling nam tegen “moordzuchtige moslimdictators”, maar een ‘mohammedaanse golf’ klinkt verdacht veel op de ‘tsunami van islamisering’-uitspraak van Wilders.

Afijn, we kunnen eindeloos pingpongen over interpretaties, intenties en polemiek. Het laatste is zeker nog niet gezegd en ik waardeer het inhoudelijke engagement van Arie Pos en anderen die zich ontfermen over de nalatenschap van Gerrit Komrij. De schrijver is dood; lang leve de schrijver.