De drie grootste linkse oppositiepartijen – GroenLinks, PvdA en SP – hebben slechts 31 zetels in de Tweede Kamer. Hun leiders Jesse Klaver, Lodewijk Asscher en Emile Roemer willen het regeerakkoord en Rutte III kritisch aanpakken, zeggen ze bij Pauw. Maar hoe gaan ze dan oppositie voeren?De drie grootste linkse oppositiepartijen – GroenLinks, PvdA en SP – hebben slechts 31 zetels in de Tweede Kamer. Hun leiders Jesse Klaver, Lodewijk Asscher en Emile Roemer willen het regeerakkoord en Rutte III kritisch aanpakken, zeggen ze bij Pauw. Maar hoe gaan ze dan oppositie voeren?
Ze zien er gedrieën een beetje koddig uit aan de tafel bij Jeroen Pauw en ze worden door Jort Kelder ook afgeserveerd als ‘seizoenskaarthouders die vanaf de tribune wat te klagen hebben’, maar Klaver, Asscher en Roemer zien een linkse samenwerking zitten. “De noodzaak is groot,” erkent de SP-leider, die aangeeft dat het trio partijen met initiatiefwetten en het kritisch volgen van Rutte III een bijdrage kan leveren voor het land.Concrete plannen – naast het voorbeeld van een laatst ingediende initiatiefwet – blijft uit. Roemer: “Met voorbeelden en standpunten kunnen wij een beter alternatief tonen voor het kabinet.”Klaver komt ook niet echt met een concreet plan. Hij ziet het wel als zijn verantwoordelijkheid om die samenwerking aan te jagen. “We moeten stoppen met praten en het laten zien,” zegt de GroenLinks-leider. Asscher maakt er een metafoor van. “Het is als pubers met seks,” zegt hij. “Die hebben het er de hele dag over. Tot ze er op een gegeven moment achter komen dat het ook heel leuk is.”






