Archief

Badkamerweelde

Voor doorsnee-Nederland stond een witte badkamerjas decennialang gelijk met overbodige luxe en rijkdom.

10/01 | 2004
door Erik Zwaga
Leestijd 1 minuut
archief HP/De Tijd

Het beste voorbeeld: actrice Joan Collins, die in de rol van zakenbitch Alexis Carrington in dé tv-soap van de jaren tachtig, Dynasty, in haar penthouse de trap afdaalde, slechts gehuld in een weelderige, ruim vallende, hagelwitte kamerjas. Met - to top it off - een bijpassende handdoek om haar hoofd gedrapeerd. Ze kwam net uit haar met roze marmer betegelde badkamer - zeg maar gewoon badzaal - waar ze voor zichzelf even een spa-moment had gecreëerd. Ook dat was nieuw voor veel kijkers: de badkamer niet alleen gebruiken voor het noodzakelijke privé-poetswerk, maar ook als ‘onthaastingsoord’ waar je omringd door de meest etherische verzorgingsproducten al badderend, douchend, scrubbend en masserend tot rust en dus tot jezelf kwam.

Nederland heeft de afgelopen jaren op verzorgingsgebied een inhaalslag gemaakt: menige hypotheek werd verhoogd om het badhok te transformeren tot een van alle gemakken voorzien douchedomein om de gebruikers ervan ‘dat kleine beetje extra luxe’ te schenken. Geen hip interieurblad of het geeft op jaarbasis minstens één badkamerspecial uit waarin je kunt lezen dat je ‘privéspa’ pas af is als daar netjes naast elkaar twee ‘vers gestreken’ ochtendjassen van witte badstof hangen. Hoe zwaarder de kwaliteit, hoe beter - en ook hoe rijker het welbevinden en het comfort. Om de ochtendjassen smetteloos wit te houden, stop je deze - net zoals ze dat in de betere hotels doen - na elke douche- of badbeurt in de wasmachine, of nog beter, breng je ze naar de stomerij. En elk seizoen vervang je ze natuurlijk door splinternieuwe exemplaren, want er is niets zo detonerend als een vale, kale ochtendjas in een glimmende ‘privé-spa’.