Zestien jaar lang was dit het belangrijkste interview dat Cees Priem ooit gaf. In de brandende zon, tegen een journalist die vele malen beroemder was dan hijzelf. Hij verdween in het gevang, mocht vier maanden Frankrijk niet uit en was voor het leven getekend als een onbetrouwbare uitwas van het wielerbedrog.
Hier be’k behonnen
Inmiddels is de forse man nog wat forser geworden. Zijn haar, toen nog zwart als zijn gedachten, is grijs geworden. Het is met brillantine naar achteren gekamd en het glinstert in de Zeeuwse zon. Cees Priem spreekt met een accent van gewapend beton: hij toont de camera waar hij ooit begon met fietsen. ‘Hier be’k behonnen.’ Lange, rechte dijken. Vlak land, zo ver je kijken kunt. Dan loopt hij naar een schuur. De verf bladdert van de deur. Binnen staan ploegleidersauto’s, bedolven onder het stof van de vergetelheid. Overal in de schuur liggen rekwisieten die herinneren aan vervlogen tijden.
Cees Priem vertelt. Hoe hij in het vroege voorjaar van 1998 op wijnreis was toen hij een telefoontje kreeg. Een vervelend telefoontje. Er was dope gevonden in de bus van de ploeg waar hij ploegleider van was. TVM. EPO. De afkortingen die de rest van zijn leven zouden bepalen. Priem zou maanden later, toen de Franse hysterie een hoogtepunt bereikt had, beschuldigd worden van het runnen van een dopingnetwerk in het vriendenploegje dat hij leidde. ‘TVM was een familie,’ zegt Jeroen Blijlevens. Je hoorde dat vaker, over die ploeg. Een echte familie. Maar dan wel een familie waar ze zieke oma een kussen in het gezicht duwen en onmiddellijk de erfenis beginnen te verdelen.
Familie
Zestien jaar na de hel van Priem bekenden Bart Voskamp en Jeroen Blijlevens gisteren in ‘Andere Tijden Sport’ dat zij (onder meer) de ampullen in Spanje hadden aangeschaft (‘Da’s hetzelfde als wijn kopen daar,’ aldus Blijlevens, een wat ongelukkige vergelijking in dit verband) en vervolgens in de TVM-bus hadden verstopt. Zelf waren ze vervolgens fijn op eigen houtje naar huis gereisd. Op de vraag aan Bart Voskamp of hij ooit doping heeft gebruikt, zei hij gisteren: ‘Helaas. Ja.’ Vorig jaar nog had hij dat ontkend, evenals talloze malen in het decennium ervoor. Hij was bang voor z’n baan, zei hij nu. Dan toch liever Priem en verzorger Moors onschuldig in de bak achterlaten. Er werden beelden vertoond van Priems thuiskomst, na vier helse maanden. De massieve gestalte lusteloos in een huiskamer met een laag plafond. Er hangen vlaggetjes. De volgende dag zou hij naar het water fietsen en op de pier gaan staan. De vrijheid inademen. Bart Voskamp en Jeroen Blijlevens vertrokken rond die tijd naar het Italiaanse Polti, Ongetwijfeld voor veel geld. Later zouden ze, in andere functies, in de koers actief blijven. Cees Priem niet. Cees Priem was een onbetrouwbaar sujet, iemand die op de Nederlandse televisie de ene leugen aan de andere geknoopt had.
Gisteren, zestien jaar te laat, biechtten Voskamp en Blijlevens op dat Cees P. de waarheid gesproken had. Tenminste: over dit specifieke geval. Cees Priem mompelde: ‘Beter laat dan nooit.’ Van je familie moet je het maar hebben.
De uitzending van Andere Tijden Sport is hier te bekijken.






