Politiek

Acht jaar JPB

Als de opiniepeilingen niet bedriegen, beleven we de laatste weken van Jan Peter Balkenende. Hij is acht jaar premier geweest en heeft er nog geen genoeg van; alleen Ruud Lubbers heeft het de laatste halve eeuw langer volgehouden. Dat is op zich al een prestatie, al had Balkenende er vier kabinetten voor nodig. Dat wordt hem kwalijk genomen. Jan Peter geldt als brekebeen die geen enkel kabinet tot een goed einde wist te brengen, hoewel het steeds de andere partijen waren (LPF, VVD, D66, PvdA) die voor de grootste problemen zorgden of voortijdig uit de regering stapten. Dat maakt het voornaamste verwijt aan Balken-ende - zijn veronderstelde gebrek aan regie en leiderschap - lachwekkend, zeker als wordt bedacht dat de leiders van de andere partijen niet eens hun eigen partij in de hand hadden. Maar hoe lachwekkend ook, het punt is eindeloos herhaald, waardoor ons land acht jaar een regeringsleider heeft gehad die nu algemeen een stuntel wordt gevonden. Wat zegt dat over Nederland?

04/06 | 2010
door De Redactie
Leestijd 2 minuten
Afbeelding

Ik heb me vanaf het begin gestoord aan alle hoon die over Balkenende werd uitgestort. Niet omdat ik met het CDA zou sympathiseren (ik ben geen calvinist), maar omdat geen enkele rekening werd gehouden met de moeilijke omstandigheden waarmee JPB te maken kreeg. Dat hoorde ook bij het stuurse Nederland, dat na de moord op Pim Fortuyn wel leiderschap eiste maar niet in de stemming was om zich ernaar te richten. Elke premier had er onder die omstandigheden slecht uitgezien, en we moeten niet vergeten dat Wim Kok - die toen nog wel over gezag beschikte - terugschrok voor de mogelijkheid om nog enige maanden als ‘stand-in’ te fungeren. Hij liet de verkiezingen gewoon doorgaan, terwijl de belangrijkste politicus van het moment was doodgeschoten, waardoor we in mei 2002 niet anders dan een onthoofde verkiezingsuitslag konden krijgen. Dankzij het rustige optreden van Balkenende en een andere ‘nobody’ - LPF-invaller Mat Herben - zijn de zaken toen niet uit de hand gelopen.

Wat bij de beoordeling van Balkenende werd gemist, en ook iets zegt over de kortademigheid van Nederland, is enig historisch of internationaal perspectief. Het verleden telt niet, het buitenland bestaat niet. Dat laatste gold ook voor al diegenen die vonden dat in Nederland de luiken weer open moesten, maar niet zagen dat andere Europese landen (Oostenrijk, Italië, België, Frankrijk) al eerder met onvrede over de zittende politieke elite te maken hadden. Als Nederland al een gezagscrisis kent, dan is dat ook een Europees fenomeen, waarbij Nederland nog een inhaalslag heeft te maken. Het idee dat een onervaren politicus als Balkenende die geest weer in de fles kan krijgen, was bij voorbaat te veel gevraagd. Intussen werd het wel geëist - door een goegemeente die alles deed om JPB onderuit te halen.


Vergeleken met zijn voorgangers heeft JPB het niet zo slecht gedaan. Over Joop den Uyl wordt nog steeds gemijmerd, maar Nederland heeft dertien jaar Lubbers nodig gehad om van zijn erfenis af te komen. Dries van Agt bewijst met zijn huidige kolderieke optredens in het Heilige Land dat hij de clown is waarvoor hij in zijn tijd al door links werd aangezien. Onder Lubbers werd de weg terug naar economisch herstel gevonden, maar dat duurde drie kabinetsperioden, waarbij hij als minister van Economische Zaken onder Den Uyl en als fractievoorzitter van het CDA deels ook zelf verantwoordelijk was voor de problemen die hij later mocht oplossen. Dan was Balkenende als hervormer echt sneller. Wim Kok komt de verdienste toe te hebben gebroken met de erfenis van Den Uyl, maar vergat zijn partij uit te leggen waar die koers goed voor was. Een gebrek aan ideëel leiderschap, waardoor het ‘neoliberalisme’ binnen de PvdA nu weer een slechte klank heeft.

Tot slot de plaats van Nederland in de wereld, waarover (Uruzgan) het laatste kabinet gevallen is. Ik blijf zeggen dat JPB behendig langs alle klippen rond de Irak-oorlog laveerde en alle bondgenoten - die lijnrecht tegenover elkaar stonden - te vriend wist te houden. Ook de commissie-Davids stelde vast dat van stiekeme deelname aan een illegale oorlog geen sprake was. En grove internationaal-politieke taxatiefouten zoals onder Lubbers (de aanloop naar ‘Maastricht’) en Kok (Srebrenica), kwamen onder JPB niet voor. Op het internationale podium werd hij gewaardeerd, meer dan in eigen land, en ondanks het Nederlandse ‘nee’ tegen de Europese Grondwet. Anders dan Wouter Bos is hij niet weggelopen, waardoor de kiezers de kans hebben om over acht jaar Balkenende een afgewogen oordeel te vellen. Ik weet dat ‘four more years’ te veel is, maar als JPB nog even aanblijft, desnoods als pispaal voor de natie, kan ik dat geen ramp voor het land vinden.