Marjolein Moorman (52) ontvangt met een brede glimlach. Wat meteen opvalt: wat is haar werkkamer klein in het tijdelijke gebouw van de Tweede Kamer. Dat wordt geaccentueerd doordat het nogal vol staat met tafels en stoelen (en zelfs een bank) en nogal rommelig oogt. De laatste keer dat ik Marjolein Moorman sprak, resideerde zij als wethouder en locoburgemeester nog in een balzaal in de Stopera. De overgang van de hoofdstad naar Den Haag moet wel slikken zijn. Ze kijkt om haar heen en haalt haar schouders op. “Nou nee, ik vind het wel knus zo. Ik laat de deur open, dan zie ik mensen voorbijkomen die een praatje maken. Het is helemaal prima.”