Mart Smeets mag nog één keer iets zeggen (over de koers)

Elke keer als het de laatste weken koers was – en dat was het met grote regelmaat – stemde ik af op ‘de Belg’. (Leest u vooral de columns van collega Frank Heinen om te begrijpen waarom.) Michel Wuyts, Karl Vannieuwkerke en Renaat Schotte; ze vertelden me alles en meer over De Ronde, over Parijs-Roubaix, over Gent-Wevelgem. Tijdens de Amstel Gold Race moeten ze het zonder mij doen, zondag staat de digitale ontvanger op 1, waar Mart Smeets afzwaait.

Voor de allerlaatste keer wurmt De Mart zijn grote lichaam in de te kleine Limburgse commentaarpositie om verslag te doen van Nederlands belangrijkste wielerwedstrijd. De NOS neemt daarmee na Jack van Gelder voor de tweede keer in een jaar definitief afscheid van een icoon. Want Smeets mag dan een wat verwaande man zijn, to say the least, zijn kundigheid als het over fietsen gaat, staat buiten kijf.

De mastodont speelde vanaf 1973 – mijn geboorte liet toen nog dertien jaar op zich wachten – een belangrijke rol in de wielerverslaggeving van de publieke omroep. Na enkele seizoenen achterop de motor in een microfoon te hebben gepraat, verplaatste hij zich naar het commentaarhokje, waar hij jarenlang een illuster duo vormde met wijlen Jean Nelissen. Nog weer later trok hij als presentator van de Avondetappe langs de mooiste Franse dorpjes en dito kasteeltjes om zijn licht te laten schijnen op de koers.

Mart Smeets was, voor mij in ieder geval, jarenlang het wielrennen. Zijn haast bezwerende stem als hij verslag deed van een etappe, het speelse gemak. De duiding die hij gaf, met die gekende overtuigingskracht. De senk joes aan het adres van Lance Armstrong als de twee elkaar weer eens vriendschappelijk hadden gesproken. De soms krakkemikkige uitleg over dopinggebruik in het peloton (‘ik wist dat het gebeurde, maar kon het niet aantonen’). Hij mocht het van mij allemaal zeggen.

Misschien wel zijn meest iconische moment in de koers vond plaats bij de wedstrijd waar Smeets zondag ook zijn 43-jarige carrière afsluit: de Amstel Gold Race. In 1985 ving de NOS-verslaggever vlak na de finish winnaar Gerrie Knetemann op. Er ontspon zich een fascinerend gesprek tussen twee volwassen mannen die overmant waren door emoties, zichzelf daarmee het collectieve geheugen in snikkend (hier op prachtige wijze uitgeschreven).

Ik gun Smeets – en mezelf – zondag nog zo een moment. Het ultieme afscheid. Tom Dumoulin die breekt als hij in de ogen van de senior kijkt. Robert Gesink die de tranen over de wangen heeft biggelen als hij Smeets ontwaart na de meet. Bauke Mollema die zijn wielertrui als tissue gebruikt na een knuffel van de beer uit Haarlem.

En daarna is het afgelopen, neemt Herbert Dijkstra het over, en schakel ik naar Sporza.

Meer leuke content? Like ons op Facebook