Terugkijken: een makkelijke avond voor Abou Jahjah

Uitgeverij De Bezige Bij gaat een boek uitgeven van de Libanees-Belgische activist Dyab Abou Jahjah (lees hier wat Arthur van Amerongen daarvan vond). Enkele auteurs kwamen daarop in opstand en vergaderden maandag over de ‘identiteit van de uitgeverij’. ’s Avonds verdedigde Abou Jahjah zich bij Jeroen Pauw. Kritische vragen waren er nauwelijks, of ze kwamen niet uit de verf.

De man die aanleiding was voor de vergadering had deze zelf aan zich voorbij laten gaan, omdat hij er ‘niet zo een charmant gevoel bij had’. “Ik dacht aan een inquisitieverhaal en voor een inquisitie zou ik nooit gaan staan.” Pauw haalde enkele niet zo vleiende quotes van Leon de Winter en Marcel Möring aan. “U begrijpt dat ik niet al te graag op dat niveau wil gaan discussiëren,” lachte Abou Jahjah.

Of hij spijt had van iets dat hij ooit had geschreven, vroeg Pauw. “Niet iets dat ik ooit heb gepubliceerd. Ik heb ooit zo een boze tweet gestuurd over Bart de Wever in België, maar dat was op twitter en wie heeft dat nooit gedaan? Als ik de tijd heb om te denken en om te schrijven, dan sta ik achter wat ik schrijf.”

Pauw wilde nog even terug naar de tweet, waarin Abou Jahjah de burgemeester van Antwerpen een zionistenpijper had genoemd. “Ik heb dat later veranderd naar zionistenknechtje, ik vond het onder mijn niveau. En dat gebeurde op twitter, niet in kranten en columns zoals sommige collega’s dat onlangs hebben gedaan (-) Het is een tweet, he. Je moet mijn columns niet reduceren, mijn boeken niet reduceren, mijn debatten niet reduceren door een tweet die ik ooit heb gestuurd.”

Vervolgens deden Pauw en zijn redactie een nieuwe poging, maar daar brachten ze niet hun gast maar zichzelf mee in verlegenheid. Ze wilden Abou Jahjah confronteren met een uitspraak die hij zou hebben gedaan op Facebook. Het bleek een door het Vlaams Blok in elkaar gephotoshopte afbeelding. “Bad research,” zei de ondervraagde, en daar had hij gelijk in.

“Er wordt van u gezegd dat u zeer grove antisemitische uitspraken doet,” probeerde de eveneens aangeschoven Gerard Spong later. “Leugens,” riposteerde Abou Jajah “Kijk: ik ben tegen het beleid van de staat Israël, dat is duidelijk. Ik ben tegen het zionisme en tegen de staat Israël. Het erkennen van de staat Israël is hetzelfde als Zuid-Afrika erkennen onder de Apartheid. Ik wil wel samenleven met de joden in Palestina, in een pluralistische, democratische staat.”

Abou Jahjah vond juist dat hij op zijn plek was bij de verzetsuitgeverij die De Bezige Bij van origine is: “Moest ik in Nederland hebben geleefd in de jaren veertig, onder Duitse bezetting, dan zou ik vanuit mijn linkse ideeën – wat een hoop mensen flauwekul vinden natuurlijk – maar vanuit mijn analyse van de maatschappij, zou ik mij aansluiten bij het verzet in Nederland, tegen de Duitsers.”

Een hedendaagse verzetsheld, vindt hij zichzelf. “Maar ik leef niet in de jaren veertig, ik leef vandaag. En wat is verzet vandaag? Verzet is betekent: je kijkt waar bezettingen zijn – een bezetting die bekend is, is de bezetting van Palestina door Israël (-) Een andere vorm van verzet, die ik ook heel belangrijk vind, ik wil mij verzetten tegen asociaal beleid, die van besparingen bijvoorbeeld. Ik wil mij verzetten tegen het afbouwen van de sociale zekerheid, tegen het afbouwen van de democratie. Dat zijn zaken van verzet. Daarom vind ik: iemand zoals ik hoort wel bij een verzetsuitgeverij.”

Tot welk verzet Abou Jahjah oproept, weten we op ‘de eerste september’, dan komt het boek uit.