Peter R. de Vries heeft gelijk: die nationale DNA-databank moet er komen

Ik ben geen fan van Peter R. de Vries. Sterker, ik ben bang voor de man. Bang dat, wanneer hij weer eens ergens op televisie als ‘deskundige’ aanschuift – of het nu gaat over voetbal, misdaad of politiek: de media vragen, Peter R. draait – en ik het weer eens niet met hem eens ben, hij uit het plasmascherm stapt, mij van de bank tilt, met zijn sportschoolknuisten ongenadig in elkaar beukt en mij daarbij met zijn nasale stemgeluid keihard toeschreeuwt: “Zo, mafkees: wie denk jij eigenlijk wel wie jij bent!?”.

Gisteravond was hij weer op de treurbuis, bij DWDD, de goednieuwsshow van Matthijs van Nieuwkerk die, zo betoogde ik hier al eens eerder, zijn uiterste houdbaarheidsdatum al een tijdje is gepasseerd. Edoch: dit keer stond bij DWDD de uitreiking van de Nico Scheepmaker Beker op het programma, de prijs voor de schrijver van het beste sportboek van het jaar. Met als kanshebbers onder anderen Auke Kok, trouwe lezers van deze website wel bekend, en Thijs Zonneveld, schrijvers van respectievelijk 1936. Wij gingen naar Berlijn en Mijn gevecht, de biografie van oud-wielrenner Thomas Dekker. Als liefhebber van dit soort boeken was ik nieuwsgierig wie er met de eer zou gaan strijken.

Toen ik via Uitzending gemist op zoek ging naar dit item, zag ik plotseling de tronie van Peter – waarom er in vredenaam een R. achter zijn voornaam prijkt, geen idee. De misdaadverslaggever in ruste was door de redactie gevraagd zijn mening te geven over het plan van demissionair minister Schippers om in de zorg afgenomen lichaamsmateriaal zoals bloed en weefsel zonder toestemming van de betrokkenen beschikbaar te stellen aan Justitie. Dit als laatste remedie om de bewijsvoering rond te krijgen bij zware misdrijven.

Peter was voor. Het plan ging hem zelfs niet ver genoeg. Hij pleitte voor een landelijke DNA-databank die niet alleen Justitie ten dienste zou staan, maar ook kon worden gebruikt om sneller en gemakkelijker mensen te identificeren na rampen, zoals bijvoorbeeld die met de MH17 in Oost-Oekraïne. Daar pleitte hij al jaren voor, benadrukte hij. Dat Matthijs dit kennelijk niet wist en Schippers hem nog niet had gevraagd die klus op zich te nemen, was hem een raadsel.

Een landelijke DNA-databank, daar pleitte hij al jaren voor, benadrukte Peter. Dat Matthijs dit niet wist!

Het gekke: ik was het voor de verandering volslagen met Peter eens. Dat gold niet voor tafelgenoot Jeroen Soeteman. De voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Strafadvocaten sprak zelfs van ‘de moeder van alle slechte wetsvoorstellen’. Zijn vrees: dat bij een volgende stap de gehele overheid de beschikking zou krijgen over dit DNA-materiaal. Wat als er een verkeerd regime aan de macht zou komen, een fascistisch regime bijvoorbeeld? Of – om maar eens wat te noemen – ‘de overheid het zomaar in haar hoofd zou halen alle agressieve mensen op te sporen en bij elkaar te zetten, om zo de agressie te beteugelen’?

Soeteman klonk als een van geïnterviewden in Beter dan God, de driedelige VPRO-serie die documentairemaker Wim Kayzer in 1987 maakte over de begindagen van de genetische revolutie. Meeslepende televisie vol schrikbeelden en utopieën waarin vragen werden opgeworpen als: leidt genetische manipulatie tot een tweedeling van het menselijke ras? Of: weten we in de nabije toekomst al vóór de geboorte hoe oud een mens zal worden? Horrorscenario’s waarvan er tot nu toe gelukkig geen is uitgekomen.

Een databank met DNA-materiaal van alle Nederlanders: SS-baas Heinrich Himmler, grondlegger van de Lebensborn Vereniging, had er ongetwijfeld zijn vingers bij afgelikt

De angst voor oneigenlijk gebruik is niettemin begrijpelijk. Een databank met DNA-materiaal van alle Nederlanders: SS-baas Heinrich Himmler, grondlegger van de Lebensborn Vereniging, de beweging die een zuiver, arisch ras wilde scheppen in overeenstemming met nationaalsocialistische rassen- en gezondheidsideologie, had er ongetwijfeld zijn vingers bij afgelikt.

Maar de scepsis van Soeteman en de zijnen snijdt geen hout. In de eerste plaats vanwege zijn achtergrond. Die maakt hem ‘verdacht’. Soeteman is strafrechtadvocaat. Als Justitie kan beschikken over DNA-materiaal van een groot deel van de Nederlandse bevolking, kunnen er meer misdaden wettelijk en overtuigend worden bewezen en rest deze advocaten weinig meer dan te pleiten voor strafvermindering.

Bovendien heeft De Vries gelijk wanneer hij zegt dat de voordelen zwaarder wegen dan de nadelen. Een voordeel noemde hij gisteren niet: preventie. In de wetenschap dat Justitie ook beschikt over zijn DNA-materiaal zal iemand die met voorbedachte rade een misdaad wil plegen, daar waarschijnlijk eerder vanaf zien. De kans dat hij wordt gepakt, is immers levensgroot.

Stel, het genetisch materiaal van de bevolking is nog niet centraal in kaart gebracht, wat let een kwaadwillend regime dan om iedereen alsnog te verplichten via een bloedprik DNA af te staan?

Resteert het gevaar dat de databank in handen komt van een kwaadwillend regime. Die kans is inderdaad aanwezig. De techniek is er nu eenmaal. Stel, het genetisch materiaal van de bevolking is nog niet centraal in kaart gebracht, wat let zo’n regime dan om iedereen te verplichten via een bloedprik alsnog DNA af te staan en zelf zo’n databank op te bouwen? Dat is allerminst denkbeeldig. Onder de Duitse bezetters kreeg iedereen in 1941 verplicht een persoonsbewijs. Wie er geen bij zich droeg of er geen had, liep groot gevaar.

Kortom, Peter R. heeft gelijk. Voor deze keer dan.

(En de Nico Scheepmaker Beker voor het beste sportboek van 2016 ging naar Auke Kok. Terecht. 1936. Wij gingen naar Berlijn: leest dat boek!)