Sint-Maarten: waarom een nationale actiedag in ’95 niet nodig was

Het geldinfuus voor de wederopbouw van Sint-Maarten begint langzaam te druppelen. Organisaties als het Rode Kruis collecteren op volle toeren en vrijdag is er een nationale actiedag. Alleen de Nederlandse regering laat het vooralsnog afweten. Alle mooie woorden van minister-president Rutte – ‘Die financiële steun, daar doen we niet kneiterig of zuinig over’ – ten spijt.

Het Nederlands instituut voor Beeld en Geluid vormt komende vrijdag het epicentrum van de nationale actiedag voor Sint-Maarten. De uitzendingen op Radio 2 staan de gehele dag in het teken van de ramp die tot nu toe vier eilandbewoners het leven kostte, een vijftigtal mensen verwondde en ruim 90 procent van de huizen heeft beschadigd.

’s Avonds presenteert Art Rooijakkers een live-uitzending met daarin — ongetwijfeld hartverscheurende — gesprekken met ooggetuigen. Met Nederlanders die spontaan zelf acties zijn begonnen – van het inzamelen van zaklampen en kleding tot fundraising voor het onttakelde ziekenhuis. En, met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid, net als bij de laatste nationale actiedag tegen de honger in Afrika, wederom een batterij BN’ers die aan de telefoon alle donaties van particulieren en bedrijven inventariseren

Allemaal goedbedoelde initiatieven. Maar ze hebben tegelijkertijd ook iets beschamends, iets van borstklopperij. Als een selfie. Een Arjen van der Horstje, de NOS-verslaggever die afgelopen zondag — weggedoken in een vervaarlijke capuchon — verslag deed van orkaan Irma vanaf het strand van Tampa Bay (Florida). Hij suggereerde dat het ook daar een ramp van nationale omvang betrof, terwijl op het strandje achter hem voorbijgangers gewoon in T-shirt en korte broek paradeerden. Meedoen aan zo’n actiedag heeft iets van een Van der Horstje, maar dan omgekeerd: de gever in zwembroek of bikini staat lachend op de voorgrond, terwijl op de achtergrond de huizen en auto’s door de lucht vliegen.

De tekst gaat hieronder verder.

Ontoereikend

Temeer omdat zo’n actiedag materieel weinig hout snijdt. Immers, de noodhulp komt al op gang. Dat verloopt weliswaar niet geheel vlekkeloos. Maar in de meest acute behoeften – voedsel, veiligheid, medische hulp, onderdak – wordt inmiddels voorzien. Waar het aan ontbreekt is geld voor de wederopbouw. Daarmee is naar schatting minimaal 1 miljard euro gemoeid. Ook al wordt de nationale actiedag een groot succes, dan nog is de bij lange onvoldoende om dit daarvan te bekostigen.

Ook al wordt de nationale actiedag een groot succes, dan is de opbrengst bij lange na niet toereikend om de wederopbouw te betalen.

Wie dat geld dan moet gaan betalen? Van hun eigen regering hebben de eilandbewoners weinig te verwachten. Sint-Maarten staat financieel onder curatele. Het land moet tot en met 2018 alleen al een kleine 240 miljoen Antilliaanse gulden (114 miljoen euro) aan betalingsachterstanden en eerdere tekorten wegwerken.

Kneiterig

Dus zijn alle ogen gericht op Nederland. Dat is niet helemaal onbegrijpelijk. Sint-Maarten behoorde tot 2010 tot de Nederlandse Antillen, een land binnen het Koninkrijk der Nederlanden dat vanaf 1815 een Nederlandse kolonie was. Enig moreel verantwoordelijkheidsbesef is hier dus wel op zijn plaats.

Maar wat concrete toezeggingen voor die herstelwerkzaamheden betreft, laat de regering het afweten. “Daar doen we niet kneiterig of zuinig over,” zei minister-president Rutte dinsdag nog volmondig. “Op dit moment is geld niet het probleem,” verzekerde vice-premier Dijsselbloem. Daaraan een bedrag koppelen, al was het maar als een soort van gebaar, om de gedupeerde eilandbewoners een hart onder de riem te steken, wilden zij echter desgevraagd niet. Liever laten de demissionaire bewindslieden de Europese Unie en de hulporganisaties de kolen uit het vuur halen.

In 1995 zegde het Nederlandse kabinet onmiddellijk 10 miljoen gulden toe, een paar dagen later gevolgd door nog eens 15 miljoen gulden

Hoe anders was dat in 1995 toen de orkaan Luis huishield op Sint-Maarten. Nog diezelfde dag zegde het Nederlandse kabinet 10 miljoen gulden toe, een paar dagen later gevolgd door nog eens 15 miljoen gulden. De regering van de Antillen beloofde binnen no time eveneens 25 miljoen gulden. Ook dat was weliswaar nog lang niet voldoende. Maar het getuigde wel van daadkracht en betrokkenheid.

Andere verhoudingen

Zeker, de verhoudingen zijn veranderd. Sint-Maarten is, net als Curaçao en Aruba, inmiddels een zelfstandig land binnen het Koninkrijk. Een land waar corruptie en fraude helaas nog steeds hoogtij vieren. En een land waar het met de normen en waarden soms beroerd is gesteld – de aanhoudende plunderingen vlak na de orkaan zijn een teken aan de wand. Begrijpelijk dat de Nederlandse regering in zo’n land zeker wil weten dat het geld voor de wederopbouw ook werkelijk daar terechtkomt waar het terecht moet komen. Al mag dat geen excuus zijn; daar is wel een oplossing voor te bedenken.

Blijft dus de vraag waarom het huidige demissionaire kabinet-Rutte II kiest voor een andere, minder ruimhartige aanpak dan Paars II destijds.

Een ding lijkt zeker: als we de komende dagen gul geven, dan moet het kabinet vrijdag wel over de brug komen – lees: de opbrengst verdubbelen.

Is het de straffe neoliberale wind die na de val van de Muur vanuit de Angelsaksische wereld ook het politieke tij in Nederland heeft gekeerd? Lang leve de marktwerking! Alles wat geprivatiseerd kan worden, moet geprivatiseerd, de goedertierenheid incluis. Werpt het christelijke smaldeel in Rutte III – CDA, CU – dat hecht aan het subsidiariteitsbeginsel – wat je zelf kunt oplossen, moet je zelf oplossen — alvast zijn schaduw vooruit? Of is het toch ordinaire kneiterigheid? Een soort studentikoos synoniem voor gierigheid waar ik eerlijk gezegd nog nooit eerder van gehoord.

Een ding lijkt zeker: de gemiddelde Sint-Maartenaar zal het worst zijn. Die wil zo snel mogelijk weer een thuis met een gewoon dak boven zijn hoofd.

Door gul te geven kunnen u en ik daarbij helpen. Op giro 5125 of, desnoods, tijdens de actiedag.

Dan moet het kabinet de portemonnee wel trekken – lees: de opbrengst verdubbelen. Kneiterig of niet.