In Frankrijk strijden feministen voor genderneutrale ‘thé’

Het conservatieve Frankrijk stevent af op taalrevolutie

Als u altijd al Frans wilde leren is dit het moment. Om over twintig jaar ook nog verstaanbaar te zijn, kunt u misschien het best een handboek Inclusief Schrijven raadplegen. Het o zo conservatieve Frans krijgt vanuit feministische hoek handreikingen om de taal rechtvaardiger te maken. Volgens sommigen verminkt dit taalpolitieke initiatief de taal van Molière, Racine, en Céline. Vindt er een Franse taalrevolutie plaats?

Frans is een prachtige taal maar zo moeilijk, klinkt het vaak uit Nederlandse kelen. Wat dit betreft zitten ze met de Fransen op één hoogte. Ook mijn studenten op de universiteit worstelen met de juiste verbuigingen van werkwoorden, met het correct toepassen van de vermaledijde subjonctief, en met de wat stoffige maar mooie passé simple. Dat ook zij moeite hebben met het Frans schept een band.

Een willekeurige muur van onbegrip

Na de nodige jaren in Frankrijk heeft de taal nog de nodige verassingen voor me in petto. Als docent kom ik vooral in aanraking met het gepolijste Frans van de betere bladen, mooie lezingen, en wetenschappelijke artikelen. Als ik in de metro een willekeurig gesprek tussen jongeren probeer te verstaan, loop ik al snel tegen een muur van onbegrip op.

Argot (straattaal), verlan (het omdraaien van woorden) en een sterk door het Arabisch beïnvloed Frans gaan vaak langs me heen. Femme wordt hierin meuf, fou wordt ouf, tomber béton; de politie wordt les keufs genoemd, hashish kif, de gevangenis la taule en, om de lezer niet helemaal het idee te geven dat ik slechts aan de zelfkant van de maatschappij aan mijn kennis van het Frans werk. Een auto is een bagnole, werk is taf, en een feest een teuf.

Levendige doch conservatieve taal

Het gesproken Frans is een zeer levendige taal. Dit geldt niet voor het geschreven Frans dat zeer conservatief is. De Académie Française is de hoeder van het correcte Frans en houdt zeer streng zicht op de ontwikkelingen in de taal. Leenwoorden worden zo veel mogelijk uit het woordenboek gehouden, maar ook in de spreektaal ingeburgerde zegswijzen worden niet als zodanig geaccepteerd.

Dit conservatisme lijdt voor veel jongeren tot problemen. De multiculturele buitenwijken met haar bloeiende straatcultuur is de plek bij uitstek waar het Frans in beweging is, maar deze ontwikkelingen worden met argusogen bekeken. Hier zit het politieke probleem van de taal.

Franse feministen protesteren voor het Pantheon in Parijs. Beeld: ANP/EPA/Yoan Valat

Het verschil tussen un thé en une thé

Recent komt ook uit feministische hoek een aanval op het Frans, een taal waarin geslacht (mannelijk of vrouwelijk) sterk tot uitdrukking komt. Als je un thé bestelt krijg je een thee, als je une thé bestelt, krijg je – als je een knorrige ober treft – helemaal niks.

De politieke problemen beginnen bij de constatering dat mannelijke varianten vaak gangbaarder zijn dan vrouwelijke.

Het inclusieve schrijven

Een beweging die het inclusieve schrijven (l’écriture inclusive) aan de man probeert te brengen, verzet zich hiertegen. Het binaire denken dat de maatschappij verdeelt in man en vrouw, en die laatste onderdrukt, moet aangepakt worden, ook en vooral in de taal. Als de taal gezuiverd wordt van het grammaticale onderscheid tussen man en vrouw, zal dit onderscheid in de maatschappij ook verdwijnen, is de gedachte.

Een veel gehoorde klacht onder Nederlanders is dan ook dat Fransen zo streng zijn over hun taal en je vaak wijsneuzerig verbeteren, en dat is juist hierom: wie niet het juiste Frans spreekt, doet zichzelf te kort. Wie aan de taal komt, komt aan het heilige. Bij het verschijnen van een handleiding inclusief schrijven voor het onderwijs brak dan ook een rel los.

Geen homme of femme meer maar humain of personne

Geen homme of femme meer, maar humain of personne, en in meervouden niet langer de voorkeur aan de mannelijke variant maar aan de meest logische of inclusieve variant. Vormen als agriculteur-rice-s, acteur-rice-s, en  ‘les candidat-e-s à la Présidence de la République’ sluiten beide geslachten in.

De Académie Française (40 leden, waaronder vijf vrouwen) heeft gewaarschuwd tegen dit soort taalvernieuwing: ‘de wildgroei aan leestekens’ lijdt volgens hen tot ‘een taal zonder eenheid’, een warboel ‘die gelijkstaat aan onleesbaarheid’.

Geen Frans probleem

Het probleem beperkt zich niet tot het Frans. Ook enkele van mijn studenten op de afdeling Engelse Taal en Cultuur (een afdeling waar allerlei identiteitspolitieke theorieën traditiegetrouw nogal in zwang zijn) schrijven liever geen he of she meer, maar verkiezen they als derde persoon genderneutrale enkelvoud: they walks to school.

Als taaldocent- en liefhebber rijzen de haren mij te berge, maar uiteindelijk is het geen kwestie van goed of fout. Net als met veel in het leven gaat het om de praktijk en niet om de theorie: niet de grammatica beslist wat toelaatbaar is, maar de taalgebruikers.

Hoe meer aandacht voor gender in de maatschappelijke discussie, hoe meer onvrede haar weerslag zal krijgen in de taal.