Wanneer wordt het levenswerk van R. Kelly, Woody Allen en Michael Jackson afgeserveerd?

Vannacht at ik een verjaardagstaart met het gezicht van R. Kelly erop. Uit de kruin van mijn zojuist dertig geworden vriendin – dubbel zo oud als een van de minderjarige speeltjes van de zanger – steeg zijn gedaante op. Onder zijn wijd gespreide armen ging voor dertig personen aan hazelnootkrokant schuil.

Lachen, het was immers International R. Kelly Day, een feestdag die vijf jaar geleden in het leven werd geroepen om de kitchcultstatus van de jarennegentigster, met hits als Pussy, Naked en Feelin’ on Yo Booty, te vieren. In de aanloop ernaartoe was al druk gedebatteerd over de vraag of zijn muziek in de categorie guilty pleasure of full-blown out-in-the-open pleasure thuishoort. Een kritische noot die voorbijkwam: verdient iemand die naar verluidt minderjarigen onderplast wel zo’n wereldwijd spektakel?

De overeenkomst tussen R. Kelly, Woody Allen, Bill Cosby, Kempi, Roman Polanski, Jimmy Savile, Michael Jackson, Graham Ovenden en Gary Glitter is dat ze allemaal een smet op hun al dan niet goede naam hebben. Sommigen zitten inmiddels achter slot en grendel. Anderen kwamen er genadiger van af. Maar hoe ver kun je als kunstenaar of artiest gaan tot ook je werk besmet raakt? Wat moet je doen voordat mensen niet langer meedeinen op je muziek, gieren om je films en mijmeren bij je kunstwerken? En heelt tijd alle wonden?

De schijn voor of tegen hebben
Toen bleek dat de Britse kunstenaar Graham Ovenden seks had gehad met zes van zijn minderjarige naaktmodellen, werd zijn werk direct uit de Tate Gallery verwijderd. Ian Watkins, de zanger van Lostprophets die zich onder meer aan een zuigeling heeft proberen te vergrijpen, verdween voor 29 jaar achter de tralies. En Kempi, of, zo u wilt, Jerreloyd Gramma Boy, vonden we vreselijk aandoenlijk toen hij bij Matthijs aan tafel Het is een nacht zong. Tot hij veroordeeld werd voor het prostitueren van een minderjarig meisje en het mishandelen van de moeder van zijn kinderen.

Maar soms loopt het anders. De Franse modefotograaf Guy Bourdin behandelde zijn modellen notoir slecht, beeldde ze doods, passief wijdbeens of anderszins de suggestie van misbruik wekkend af. Drie van zijn vrouwen pleegden zelfmoord. Maar zijn werk, dat veel andere fotografen beïnvloedde, wordt er niet minder om bewierookt. Roman Polanski ontloopt al tien jaar een Amerikaans opsporingsbevel vanwege seksueel misbruik, en liep bijna tegen de lamp toen hij nota bene een Lifetime Achievement Award kwam ophalen in Zwitserland. Misbruik is oké, als er maar iets moois tegenover staat, lijkt de tendens.

Degenen bij wie de beschuldigingen niet bewezen zijn – Bill Cosby, op de een of andere manier, daargelaten – genieten het privilege van onschuld tot het tegendeel bewezen is. Michael Jackson werd vrijgesproken van kindermisbruik. Terecht, of omdat de waarheid zoveel jaar na dato niet meer te achterhalen was? Hij is in ieder geval nog altijd The King of Pop. En heeft Woody Allen zijn geadopteerde dochter Dylan Farrow als zevenjarige misbruikt? Dat weten alleen zij. Vinden we zijn films er minder goed om? Nee hoor.

Onschuldig tot het tegendeel bewezen is – het is een grondbeginsel van ons strafrecht dat sommige mannen in dergelijke zaken goed uit zal komen. En door ze het voordeel van de twijfel te geven, geef je de eventuele slachtoffers het nadeel ervan. Het is, kortom, nooit écht helemaal goed. En R. Kelly-hazelnootkrokant overstemt de vieze smaak maar tijdelijk.

Meer leuke content? Like ons op Facebook