De hand van Van Gaal is het boek dat geschreven moest worden. Of, in de woorden van Louis van Gaal zelf: “Tegenwoordig schrijft iedereen een boek, maar over het WK 2014 was helemaal nog geen boek geschreven. Dat is opmerkelijk. Zo’n proces, hoe wij gewerkt hebben, moet gedocumenteerd worden.”In een snikheet Compagnietheater te Amsterdam spreekt Van Gaal met journalist Wilfried de Jong. Aanleiding is het verschijnen van De hand van Van Gaal (Prometheus, 2018), een inkijk in de werkwijze van ’s Neerlands meest besproken voetbalcoach en zijn invloed op het Oranje dat tegen alle verwachtingen in derde werd op het Wereldkampioenschap voetbal in 2014.Auteur en onderzoeksjournalist Hugo Logtenberg is er in geslaagd om met een aaneenschakeling van sappige anekdotes – zoals over de Marlboro sigaretten van Wesley Sneijder, die tijdens het hele WK verstopt zitten in de binnenzak van Oranjes materiaalman – en interessante inkijkjes in de teambuilding en tactische besluitvorming een mooi beeld te schetsen van een jarenlang proces richting topprestatie onder leiding van Louis Van Gaal.
Het gesprek tussen Van Gaal en De Jong heeft bij vlagen veel weg van een geanimeerd spel tussen twee gelouterde en elkaar bekende mediafiguren. De hoofdpersoon schippert als vertrouwd tussen zelfspot, zelfverheerlijking en directe eerlijkheid. Hij heeft humor en voelt feilloos aan hoe de publieke opinie over hem is, die van arrogante schoolmeester. Daar speelt hij mee. Maar tegelijkertijd is hij streng en zodra zijn matige relatie met media aan bod komt toch venijnig. “Je irriteert mij nu,” bijt hij De Jong een keer toe.
‘Een vader ben ik geweest voor velen.’Wat maar weer eens opvalt en ook uit het boek blijkt, is de controle die hij graag heeft. Het is een duidelijke parallel tussen Van Gaal als mens en als coach. Interviewen mag, maar Louis wil alles kunnen corrigeren en uit zijn ongenoegen gemakkelijk en fel; zoals ook zijn spelers zich vrij mogen bewegen, maar alleen binnen het door hem gestelde kader.Zoals bekend houdt hij van strakke regels en is hij ervan overtuigd dat je mensen makkelijker tevreden houdt en verbindt met duidelijkheid en uniformiteit. Al voor zijn eerste dag als bondscoach tikte hij thuis drie A4’tjes vol met regels voor de spelersgroep.Als keeper Jasper Cillessen uit frustratie een waterzak omtrapt na zijn inmiddels beroemde wissel met reservekeeper Tim Krul in de kwartfinale tegen Costa Rica, schreeuwt Van Gaal: “Ik flikker ‘m eruit!” Op voorwaarde dat Cillessen zijn excuses aanbiedt aan de spelersgroep mag hij het toernooi toch afmaken. “Niemand is hier belangrijker dan de groep,” wordt Van Gaal geciteerd in het boek.De tekst loopt hieronder door. Deze strenge teambuilding blijkt in De hand van Van Gaal onmisbaar te zijn geweest voor de prestatie van Oranje op dat WK in 2014.Of Van Gaal wist van Sneijders ondermijnende sigaretjes? Het blijft onduidelijk. Hij draait en zegt zelfs dat hij vergeten was dat hij de onthulling heeft gelezen in de proefversie van het boek. Regels, zo legt hij uit, zijn er om te stellen, maar je moet niet alles controleren. Het gaat om het teambelang en het verantwoordelijkheidsgevoel van de spelers naar elkaar. “Het is bovendien niet de eerste zonde die Sneijder is begaan. Hij is een straatjochie en dat is ook kwaliteit.”








