Kishna speelde al vijf jaar in Amsterdam, en als iemand alle jeugdspelers kent, dan wel hoofdtrainer Frank de Boer die hem op zijn negentiende liet debuteren. Maar in maart dit jaar moet er iets helemaal mis zijn gegaan. De Boer vond zijn warming up in Kiev onder de maat en Kishna zei doodleuk dat er niets aan mankeerde. De brutaliteit kwam Kishna op een disciplinaire schorsing te staan en nu mag hij weg.
Braafheid en volgzaamheid
De pas twintigjarige Hagenaar werd op De Toekomst al met de vroegere linksbuiten Piet Keizer vergeleken en met Angel Di Maria, maar het publiek zal het nu moeten stellen met nieuwkomer Amin Younes. Met, naar het zich laat aanzien, een correcte Duitse dreumes die onmiddellijk na zijn aankomst in Amsterdam de woorden ‘heel grote club’ paraat had. Ajax een heel grote club noemen, dan weet je het wel. Braafheid en volgzaamheid, in het tijdperk-De Boer synoniem aan professionaliteit, gaan op deze manier de toon weer zetten. Het zoveelste slaapseizoen lijkt in aantocht.Waar ontbreekt het alweer zo lang aan bij Ajax? Aan grootstedelijke flair. Aan straatjongens met een houding van ‘en wie ben jij dan wel?’ Aan iemand als Kishna. Misschien is hij een etter met een raar ego, maar etters met rare ego’s heb je nodig, ze kunnen wedstrijden vlot trekken, ineens voor vonken zorgen. Bijvoorbeeld tegen middelmatige knokkers in de Europa League, door wie de ideale schoonzonen van De Boer zich jaar in, jaar uit lieten afbluffen.
Het lek van Ajax
Het probleem is ouder dan De Boer. Ruim voor zijn aantreden eind 2010 werden in één jaar Nordin Amrabat, Jeremain Lens en Eljero Elia weggestuurd. Dat zijn junioren aan wie Ajax veel plezier had kunnen beleven. Sindsdien speelden er bij PSV, Feyenoord en FC Twente meer straatjongens op de vleugels dan bij de club die er een patent op meende te hebben. Het lek bij Ajax is nog lang niet boven, dat toont de transfer van Kishna wel aan.






