Opstelten en Teeven: opstapeling affaires wordt law & order-duo fataal

Je wist dat het ging gebeuren, en toch kwam het nog onverwacht. Na een slopende ambtstermijn hebben minister Ivo Opstelten en staatssecretaris Fred Teeven (beiden VVD, Veiligheid en Justitie) dan toch het loodje gelegd. De bonnetjesaffaire inzake de deal met crimineel Cees H. heeft het Law & order-koppel doen besluiten op te stappen. Zonder in het debat met de Tweede Kamer verantwoording af te leggen over die kwestie.

De bonnetjesaffaire van vijftien jaar geleden was niet per se van aftredenswaardige omvang. Bovendien leken er juridische uitwegen mogelijk, constateerden we vorige week, en zijn de belangen om het kabinet-Rutte II te laten overleven enorm voor VVD en PvdA, gezien de peilingen en de op handen zijnde Provinciale Statenverkiezingen. Blijkbaar is er toch besloten dat ‘zitten blijven’ meer schade zou toebrengen, en was de optelsom te groot om nog geloofwaardig te kunnen opereren.

Want met recht kan worden gesteld dat er sprake was van een optelsom. Affaires en onhandigheden volgden elkaar in rap tempo op. Een aantal kwesties van twee jaar Opstelten en Teeven op Veiligheid en Justitie op een rij.

Ivo Opstelten: vergeetachtige opa met cirkelredenering
Afgelopen december viel Opstelten nog de twijfelachtige eer te beurt de Big Brother Award in ontvangst te mogen nemen. De minister werd door het publiek (wederom) verkozen als meest prominente privacyschender, maar kreeg ook forse kritiek van veiligheidsexperts. De onderscheiding kreeg Teeven voor het in stand houden van de bewaarplicht, het doorzetten van zijn hackplannen, het massaal willen opslaan van kenteken- en locatiegegevens, het structureel negeren van privacybezwaren en het verdacht maken van alle Nederlanders.

Verder moest de minister van de Nationale Ombudsman opheldering geven over de vele klachten over zijn departement. De Tweede Kamer wilde weten waarom zijn departement goed was voor twintig procent van het totaal aantal klachten, waarom het toenam en of ze gegrond waren. De minister reageerde laconiek als altijd op de kritiek door te stellen dat ‘klagen over politie nou eenmaal meer voorkomt dan over de ambassadeur in China’.

Echt vervelend werd het waar het de aanpak van jihadisten betrof. Een Kamerdebat hierover verliep zo dramatisch dat zelfs binnen de coalitie met ongemak werd gekeken naar de beelden van de minister, die er maar niet in slaagde adequate antwoorden te formuleren op de stroom van kritische vragen van de oppositiepartijen. Opstelten kreeg twee moties van wantrouwen aan zijn broek op het onderwerp.

Dan waren er nog de bijbaantjes. De Telegraaf en GeenStijl zaten Opstelten op de huid in het aantonen dat hij er een aantal ‘nevenfuncties’ op nahield. Na Kamervragen zei Opstelten alle bijbaantjes te hebben opgezegd, maar zijn rollen in comités van aanbeveling zoals die van de Coen Moulijncup en die van Stichting Vrienden van St. Petersburg bleek hij wel ‘vergeten’ te zijn.

En daar ging het vaker mis. ‘Opa’ Opstelten vergat dingen en had zijn zaakjes niet op orde, kende alleen hoofdlijnen en had een gebrekkige dossierkennis. Het was dit imago dat het afgelopen jaar hardnekkig aan de zeventigplusser was gaan kleven en hem meermaals in verlegenheid bracht. Hoongelach viel Opstelten ten deel toen hij beweerde dat Nederland de terreurorganisatie Islamitische Staat (IS) niet kon verbieden op de manier waarop Duitsland dat wilde gaan doen. IS kon alleen door de rechter worden verboden op aandringen van het OM. Pijnlijk genoeg bleek Opstelten een maand eerder te hebben geschreven dat IS al verboden wás. Naast zijn vermeende vergeetachtigheid wekten de (cirkel)redeneringen waarin hij verzandde regelmatig irritatie. Op internet circuleren complete soundboards met versprekingen van Opstelten, die in eerste instantie zijn imago goed deden, maar zich uiteindelijk tegen hem keerden.

Fred Teeven: waar rook is, is…
Waar rook is, is Teeven, schreven wij eind 2013. Waar schandalen en vermeende doofpotaffaires zijn, lijkt de voormalig officier van justitie er op een of andere manier altijd bij betrokken. Zo zou Teeven hebben geweten van een lijst met van misbruik verdachte mannen binnen justitie, waaronder topambtenaar Joris Demmink. De ex-bewindsman was destijds als officier van justitie betrokken bij het onderzoek en was volgens een voormalige medewerker aanwezig bij werkoverleggen waar de naam van Demmink ‘regelmatig’ werd genoemd.

Ook zijn rol in de zaak Jos van Rey is bijzonder curieus. Teeven had met de van corruptie verdachte Limburgse VVD’er gebeld in de periode dat hij werd afgeluisterd. Op onbegrijpelijke wijze was toevallig dat ene gesprek niet opgenomen, iets waarvoor collega-Opstelten uiteindelijk verantwoordelijk was.

In 2013 kreeg Teeven al een motie van wantrouwen aan z’n broek in de zaak-Dolmatov. De activist en raketingenieur pleegde zelfmoord in zijn cel in een detentiecentrum in Rotterdam. Wat voorafging was een keten aan missers door overheidsinstanties, zo oordeelde de Inspectie Veiligheid en Justitie. Zo zat Dolmatov ten onrechte in vreemdelingenbewaring, kreeg hij niet de goede rechtsbijstand en was de medische zorg ontoereikend.

Ook in de zaak rond de uitzetting van het zesjarige Georgische meisje Renata kwam Teeven flink onder vuur te liggen. Het zieke meisje werd met haar familie teruggestuurd naar Polen, terwijl niet werd opgemerkt dat ze aan acute leukemie leed. Teeven schreef aan de Kamer dat in de ruim vier maanden dat de familie in Nederland verbleef bij zijn diensten geen moment bekend was dat Renata acute leukemie had, en kwam weg met excuses.

Rond die tijd toonde Teeven zich ook van zijn vervelendste kant in de omgang met het Kinderpardon. Kinderombudsman Marc Dullaert bekeek de afwijzingen van Teeven nauwkeurig en concludeerde dat de manier waarop hij de regels toepaste ‘idioot’ was. Kinderen werden geacht onder ‘rijkstoezicht’ te hebben gestaan, en degenen die onder ‘gemeentelijk’ toezicht stonden, kwamen daarom niet in aanmerking voor het kinderpardon in het regelfetisjisme van Teeven.

Vorig jaar mei raakte de staatssecretaris in opspraak vanwege het in de cel zetten van kinderen. De Hoge Commissaris voor de Mensenrechten hekelde het Nederlandse asielbeleid. De reactie van Teeven: het moet ‘zo veel mogelijk worden voorkomen’, bovendien zou het slechts om ‘een tiental’ kinderen gaan. Het was een terugkerend probleem bij Fred Teeven: de stoere woorden van de ‘hardliner’ deden het goed bij de rechtse VVD-aanhang, maar ze wekten daarbuiten veel irritatie. Bovendien moest Teeven in de praktijk zijn harde woorden nog weleens terugnemen.

Zo sprak Teeven voor zijn beurt toen het de vervroegde vrijlating van Volkert van der Graaf betrof. De VVD’er stelde dat een dergelijk verlof er voor Van der Graaf niet in zat. Zijn veiligheid zou niet kunnen worden gegarandeerd, aangezien ‘de meest gehate man van Nederland’ continu werd bedreigd. Daarbij was het risico op maatschappelijke onrust ook nog eens heel groot, en dus, aldus Teeven, zou hij geen toestemming geven als hij de vraag voor z’n kiezen kreeg. Uiteindelijk moest Teeven inbinden.

Door de zaak Cees H. is een einde gekomen aan een opvallend duo in het Haagse. Voor de opvolging zal ongetwijfeld naar een minder geprofileerd alternatief worden gezocht. In de tussentijd neemt minister Stef Blok (Wonen & Rijksdienst) de taken waar op het nu o zo verlaten ministerie van Veiligheid en Justitie.