Wetenschappelijk drugsadvies wordt vaak genegeerd

We kunnen ons in een delirium drinken met alcohol uit de supermarkt, maar een strip lsd is illegaal. Een situatie die volgens Ghaith Aljayyoussi, postdoctoraal onderzoeker aan de universiteit van Liverpool, is ontstaan omdat wetenschappelijk advies over drugs opvallend vaak genegeerd wordt. Stuurt de onderbuik ons drugsbeleid?

In de Britse wetenschapswereld staat op dit moment grootschalig onderzoek naar de schadelijkheid van legale en illegale drugs in de schijnwerpers. Uit een indexering van neurofarmacoloog David Nutt blijk dat alcohol de meeste schade aanricht wanneer de gevolgen voor de gebruiker en anderen meegewogen worden. Politici blijven echter dit wetenschappelijke advies negeren, stelt postdoctoraal onderzoeker Ghaith Aljayyoussi. “Natuurlijk hadden deze wetenschappers gelijk, maar politici blijven wetenschappelijk advies negeren,” oppert hij.

Aljayyoussi geeft drie redenen waarom dit advies in zijn ogen terzijde wordt geschoven. Dit zijn kapitalisme, een slecht begrip van risico’s en verwarring tussen het effect en de giftigheid van alcohol. Hoe gaan we hier in ons land mee om?

Drugsproblemen in Groot-Brittannië. Beeld: The Lancet

Drugsranking

Ook in Nederland berokkenen alcohol- en tabaksgebruik meer schade aan ons lichaam dan de zogenaamde harddrugs, blijkt uit de Ranking van Drugs uit 2009 van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). In deze rapportage worden negentien verslavende middelen gerangschikt naar schadelijkheid op basis van de acute giftigheid, chronische giftigheid, verslaving, sociale schade op gebruikersniveau en sociale schade op bevolkingsniveau.

De RIVM-onderzoekers stellen dat ‘de scores van het Nederlandse expertpanel goed overeenkomen met de eerdere bevindingen van de Britse experts’. Alcohol en tabak zijn volgens het Nederlandse onderzoek schadelijker dan veel van de illegale drugs, met uitzondering van heroïne en crack, in ons land.

Feiten en praktijk

De feiten rond de gevaren spreken voor zich. Toch zijn ze niet bepalend voor de praktijk. Bier en sigaretten zijn immers nog steeds verkrijgbaar bij de supermarkt om de hoek. Floor van Bakkum kan dit bevestigen. “Het beleid op het gebied van alcohol en drugs wordt zelden gemaakt op basis van feiten, maar ontstaat uit onderbuikgevoelens,” stelt de teammanager preventie van verslavingszorginstelling Jellinek.

Wanneer er bijvoorbeeld een ongeval met een nieuwe drug is, wordt er volgens Van Bakkum ‘paniekvoetbal’ gespeeld. In plaats van uit te gaan van wetenschappelijke feiten, wordt negatieve aandacht aan het ongeluk gegeven en komen drugs op basis daarvan op een opiumlijst, stelt ze. “De media helpen daar — door heftige koppen boven hun verhalen te zetten — daar deels aan mee.”

Vaak ontstaan er hierdoor te snel vragen vanuit de politiek vragen om een middel aan banden te leggen. Dat gebeurt vaak voor er gedegen onderzoek heeft plaatsgevonden. Van Bakkum: “Wanneer er eerst degelijk onderzoek zou worden gedaan, kan ook blijken dat een verbod helemaal niet zinnig is.”

Commercie

Daarnaast is het gebruik van tabak en alcohol veel geaccepteerder dan een snuifje cocaïne. De commercie speelt een rol in het paradoxale beleid, bevestigen Aljayyoussi en Van Bakkum. Wanneer een product makkelijk te commercialiseren is, is het aantrekkelijker om het legaal te houden. “Er zitten achter onze alcohol en tabak hele industrieën,” ziet Van Bakkum.

De sigaret heeft het op dit moment zwaar, maar voor alcohol wordt er nog altijd reclame gemaakt tijdens sportevenementen. Van Bakkum: “Dat zouden wij natuurlijk liever niet zien, maar het is nog niet gelukt het te veranderen.”

Al werden we vroeger ook opgevoed om te roken. De tekst gaat verder onder de video.

Gebrek aan perspectief

Toch is er iedere keer weer ophef bij acute dreiging en verliezen we de langetermijngevaren uit het oog. Een sterfgeval door de gevolgen van ecstasygebruik, veelal in combinatie met andere middelen, zullen de media niet aan de aandacht laten ontglippen. De dood als gevolg van alcohol- of tabaksgebruik treedt vele malen vaker op, maar kent vaak een lang proces.

Van Bakkum: “Als je puur naar de cijfers kijkt over hoeveel mensen aan het gebruik overlijden, zijn tabak en alcohol koplopers. Toch wordt er veel meer aandacht besteed aan incidenten met harddrugs.”

Volgens Van Bakkum is de relatie tussen risico’s en beleid zoek. “Het is raar dat bepaalde middelen die laag scoren op de risicoschaal verboden zijn en dat we daar heel resoluut mee omgaan, maar dat middelen die veel hogere risico’s vormen voor de volksgezondheid nog steeds legaal zijn.”

Het slechte risicobegrip is volgens de Britse onderzoeker Aljayyoussi een welbekend fenomeen. Van nature zouden we milder reageren op gevaren die niet acuut zijn. “Mensen zullen over het algemeen het risico van 14 procent op het ontwikkelen van longkanker door roken als minder ervaren dan de 0,01 procent kans op onmiddellijke dood als gevolg van een partydrug,” stelt hij.

Wilde verhalen

Het is aannemelijk dat hoe groter het psychologische effect van een middel is, hoe groter de gezondheidsrisico’s zijn die het met zich meebrengt. Plotselinge en ongewone psychologische veranderingen associëren we vaak met angst. De effecten van alcohol en tabak zijn subtiel en geleidelijk in vergelijking met bijvoorbeeld hallucinerende middelen.

Een voorbeeld daarvan is de perceptie van de drug lsd. Dit is een van de minst gevaarlijke psychoactieve stoffen, maar zijn de effecten diepgaand en intens. Mensen hebben inderdaad altijd het idee dat als iets heel heftig qua werking is dat het ook wel heel slecht voor je zal zijn. “Maar dat hoeft helemaal niet altijd zo te zijn,” zegt Van Bakkum. “Over lsd doen hele wilde verhalen de ronde, terwijl we weten dat de risico’s heel beperkt zijn. We zien zelden mensen op de eerste hulp door lsd-gebruik en in de verslavingszorg zien wel sowieso geen mensen die problemen hebben met dit middel.”

Op het gebied van informatievoorziening over de effecten van legale verslavende middelen kan volgens Van Bakkum nog een hoop gedaan worden. “Maar het is ook meteen de moeilijkste boodschap, want mensen willen het niet horen.” Dat laatste zal nog wel even zo blijven. Uit de Nationale Drug Monitor van het Trimbos instituut blijkt 81 procent van de volwassen Nederlanders (weleens) drinkt. Een op de tien is een ‘zware’ drinker.