Een schouderklopje voor Andrés Guardado

De voetballer die PSV waarschijnlijk kampioen gaat maken is kwetsbaar. Dat weet niet iedereen, daarom zeg ik het er maar even bij. De basis onder het vrolijke en doeltreffende spel van Andrés Guardado is dat anderen hem waarderen, hem een zekere warmte geven. Pas daarna barst de Mexicaanse middenvelder los met zijn welbekende actieradius, zijn spelinzicht, zijn alomtegenwoordigheid op het veld. Het is een beetje de volgorde die je bij jonge voetballers tegenkomt: eerst het schouderklopje, dan het zelfvertrouwen. Terwijl Gaurdado toch al 29 is.

Is dat erg? Bij PSV vinden ze van niet. Toen de Mexicaanse krullenbol in 2014 overkwam van Valencia CF legden ze hem direct in een warm bad. Trainer Phillip Cocu vertelde hem dat hij de ontbrekende schakel was in een jong team dat hunkerde naar een leider. Guardado kon belangrijk worden, zei Cocu, en verder kreeg het loopwonder uit Guadalajara allemaal dingen te horen die hem het gevoel gaven dat hij oké was.

Ondanks een eindeloze reeks interlands met Mexico was Guardado’s loopbaan weggezakt in een moeras van veldposities die hem slecht bevielen en trainers die hem niet begrepen — of die hem niet de bevestiging gaven die hij nodig heeft. Na zijn laatste avontuur als huurling in Leverkusen kreeg hij de broodnodige bevestiging in Eindhoven en de rest is bekend. Nu hij niet meer hoeft te draven langs de linkerkant, maar hij als centrale figuur zo ongeveer mag doen en laten wat hij wil, is hij de patron van PSV over wie Frank de Boer zegt: hadden wij maar zo’n Guardado. De Ajaxtrainer voegde er nog aan toe dat het zijn scouts helaas niet was gelukt een dergelijke ervaren prachtvoetballer naar Amsterdam te halen.

Mr. Ajax Sjaak Swart zei deze week: “Guardado zou bij Ajax nog beter passen.”
Dat zijn nogal wat misverstanden. Bij Ajax zou Guardado, of welke zachtmoedige speler dan ook, die graag een voorbeeld wil zijn voor anderen, geen warm bad hebben gekregen. Die jongen — hoe heet die knakker ook weer? — had zich eerst moeten bewijzen en pas daarna zou hij mogelijk oké zijn bevonden.

De cultuur die al zo veel reputaties in Amsterdam om zeep heeft geholpen.

In Brabant kon Guardado zich tot de lust voor het oog ontwikkelen omdat ze hem bij voorbaat oké vonden. In zijn PSV-tijd werd hij beter dan ooit, werd hij aanvoerder van Mexico en toont hij als een van de weinigen in de eredivisie wat topvoetbal is. Alleen al vanwege Guardado gun je PSV het kampioenschap en succes tegen Atlético Madrid. En sprankelt Guardado volgende zondag tegen Ajax, dan is dat misschien wel vooral de triomf van vriendelijkheid over afzeiken.