Mircea Lucescu, de Sander Boschker van het internationale trainersgilde

Eergisteren, terwijl de rest van de wereld met z’n hoofd in Manchester zat, keek ik naar Dortmund – Shaktar en hoopte op een glorieuze zege van de mannen van Mircea Lucescu. Dat kwam zo:

In een reportage op de Duitse televisie zag ik plots Mircea Lucescu door het beeld schuiven. Mircea Lucescu is de Sander Boschker van het internationale trainersgilde: zo lang ik mij kan heugen is hij wel ergens actief en ik raad hem aan daar nog tot het einde der dagen mee door te gaan, net zoals Boschker, die ik ieder jaar weer moet zien te overtuigen zijn contract te verlengen, enkel en alleen om het laatste restje smeltwater van mijn jeugd niet zomaar te laten verdampen.

Lucescu
Tegenwoordig is Mircea Lucescu alweer een paar jaar werkzaam bij Shaktar Donetsk, een van de talloze Oostblok-clubs waar een grauwe Dagobert Duck van een eigenaar aan het roer staat, druk bezig zijn imago wat op te vijzelen en tegelijk ook wat grijs en zwart geld in het legale circuit te pompen door jaarlijks de Braziliaanse voetbalscholen af te grazen, dan een zwerm sprinkhanen een maïsveld.

Daar, in een wereld waar men nog slechts het Esperanto van de oliedollar spreekt, bouwt Mircea Lucescu aan een prachtig team, een elftal huurlingen dat samenspeelt alsof het al vanaf de pupillen ongewijzigd is gebleven.
Los zand dat hard zand geworden is.

De Zaretsky’s
In die ZDF-reportage waren echter nauwelijks voetbalbeelden te zien. Kinderen zag ik, een huiskamer vol kinderen in iets te kleine pyjamaatjes en vuilgespeelde spijkerbroeken. Het bleek het huis van de familie Zaretsky, een ouderpaar dat enkele van de honderdduizend Oekraïense wezen in zijn gezin probeert op te nemen. De Zaretsky’s hebben net een nieuw, groter huis, waarin ze meer kinderen kunnen huisvesten. Met dank aan Mircea Lucescu.

Het was Lucescu die bij zijn aanstelling vond dat de in noodtempo op het miljonairschap afstevenende Shaktar-spelers wel eens om zich heen mochten kijken in de stad waaraan ze hun roem en hun salaris te danken hadden. Wat ze zagen, was een stad in de schaduw. Donetsk ligt al een mensenleven lang in de schaduw van zijn eigen staalindustrie. De pijpen van de staalfabrieken vormen een stakerige skyline van een stad waaruit elke andere kleur dan grijs is weggegumd.

De meeste inwoners van Donetsk zijn geen miljonair. Verre van dat.
Daarom richtte Lucescu een fonds op waar voortdurend gelden in gestort worden: giften, maar ook overwinningspremies van spelers en trainers van Shaktar. Bovendien gaan spelers af en toe langs bij de gezinnen en de tehuizen die ze met hun gulheid op de been houden.

Op de tribune
In de reportage kwam een handjevol spelers bij de familie Zaretsky op bezoek. Ze lunchten mee, dronken koffie en lieten tassen vol cadeaus achter.
Een vergeten knuffel in de hoek droeg een Shaktar-tenue.
Meer reden om te hopen dat Shaktar Donetsk binnen nu en drie jaar de Champions League wint, heb ik niet nodig. Wel onder leiding van Mircea Lucescu dan.
En de hele extended family Zaretsky op de tribune.
Het zal niet voor dit jaar zijn, helaas.

Meer leuke content? Like ons op Facebook