De FNV haalt aartsvader Marx links in met opeisen robotwinsten

De FNV wil dat bedrijven die automatiseren en robotiseren de efficiëntiewinsten die zij daarmee behalen delen met hun werknemers. Dat zei vicevoorzitter Mariëtte Patijn deze week in de Telegraaf. Een opvallende eis. Daarmee passeert de vakvereniging zelfs aartsvader Karl Marx op links.

Marx stond samen met Friedrich Engels in 1864 aan de basis van de Eerste Internationale, de eerste internationale vereniging van vakbonden in Londen. Maar Marx geniet natuurlijk vooral bekendheid als auteur van Het Kapitaal, zijn belangrijkste werk.

In deze driedelige bijbel van het communisme zette hij onder meer zijn meerwaardetheorie uiteen. Hij stelt daarin dat de waarde die arbeid toevoegt aan de productie, boven de waarde die als loon wordt uitgekeerd de meerwaarde is. Volgens Marx komt dit deel van de winst (uitbuiting!) de werknemers toe en niet de ondernemer.

Meerwaardetheorie

Ik moest eraan denken toen ik hoorde van de plannen van de FNV om de extra winsten die bedrijven maken door automatisering en robotisering af te romen in de vorm van een robotiseringsfonds. Uit dit fonds zouden onder meer de bijscholing en de Werk-naar-werktrajecten moeten worden betaald voor werknemers die door de robotisering (al dan niet deels) hun baan verliezen.

Volgens Marx hebben ‘slachtoffers’ van robotisering helemaal geen ‘recht’ op deze winst.

Merkwaardig. Die plannen stroken niet met de meerwaardetheorie van Marx. Immers, de efficiencywinst ontstaat niet doordat werknemers meer produceren. Er gebeurt eerder het tegendeel: werknemers gaan minder werken. De extra winst vloeit geheel voort uit investeringen in machines en computers. Oftewel: volgens Marx hebben ‘slachtoffers’ van robotisering helemaal geen ‘recht’ op deze winst.

Daar komt nog bij dat er allerminst consensus bestaat over de vraag of robotisering per saldo wel tot minder banen leidt. Zowel het Centraal Planbureau (CPB) als de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) hebben daarover zo hun twijfels. Robotisering vernietigt banen, maar het werk blijft, betoogde Bas ter Weel — voormalig onderdirecteur van het CPB — al in 2015. Onder meer doordat er nieuwe banen bijkomen (websitebouwer, SEO-specialist, data-analist).

Dubbelop

De Sociaal-Economische Raad vreest daarentegen wel voor aantasting van de werkgelegenheid, maar ziet ook kansen. Volgens dit adviesorgaan zijn automatisering en robotisering geen kwestie van óf nieuwe mogelijkheden óf banenverlies, maar van allebei.

Een robotfonds is dubbelop.

Bovendien: werkgevers zíjn werknemers die op straat komen te staan en langer dan twee jaar bij hen hebben gewerkt al een transitievergoeding verschuldigd. Die vergoeding bedraagt maximaal 75.000 euro en is ook al bedoeld voor (om)scholing en professionele begeleiding van werk naar werk. Zo’n robotfonds is dus in feite dubbelop. Het fonds komt dan bovenop de al verkregen transitievergoeding.

Als de werkgever al een extra vergoeding is verschuldigd of wil verstrekken, waarom dan niet de vorm van een ouderwetse ‘oprotpremie’? Dan kan de werknemer zelf beslissen wat hij met dit geld gaat doen. Voor zichzelf beginnen. Of – indien mogelijk – aandelen kopen in het bedrijf dat het hem heeft geloosd. Als schrale troost.

Meer leuke content? Like ons op Facebook