Tom Wolfe (1930 – 2018) zou nooit voor Metro hebben kunnen werken

De deze week overleden journalist en schrijver Tom Wolfe staat synoniem voor New Journalism. Ook in Nederland had deze stroming veel volgers. Volgens oud-hoofdredacteur van HP/De Tijd Daan Dijksman is zijn invloed nog altijd zichtbaar, zij het in mindere mate.

Het is 1976 als Daan Dijksman (72) in Amerika gestationeerd wordt voor wat dan nog de Haagse Post heet. Het is tijdens deze Amerikaanse periode dat hij een ontmoeting heeft met Tom Wolfe, vertelt hij aan de telefoon vanuit zijn appartement in Amsterdam.

“Ik wist dat Tom Wolfe op dat moment in Los Angeles verbleef,” vertelt Dijksman. “Zijn journalistieke werk was bij mij al bekend, omdat wij bij de Haagse Post altijd wel met een schuin oog bezig waren met wat er overzees gebeurde. Ik had een zekere bewondering voor de beste man, die toen al in zijn kenmerkende witte maatpak op onze afspraak verscheen. Hoe het me gelukt is om hem te spreken weet ik nog steeds niet. Hij was toen al best bekend. Ik heb hem waarschijnlijk gewoon opgebeld. Dat kon toen nog. Tegenwoordig krijg je een secretaresse aan de lijn die zegt: ‘Zet maar wat vragen op de mail.’”

Tom Wolfe
Tom Wolfe signeert tijdens de Book Fair in Buenos Aires. Beeld: ANP/EPA/Cezarop De Luca

Het toevoegen van narratieve elementen is kenmerkend voor New Journalism, een stijl waarin literaire technieken zoals het opvoeren van personages en het gebruik van dialoog, worden gebruikt om een nieuwsverhaal leesbaarder te maken. Wolfe, een van de grondleggers van deze journalistieke vorm, werd er bekend mee. Hij begon zijn carrière bij de Washington Post en schreef later onder meer voor de New York Herald Tribune en Esquire.

In laatstgenoemd magazine publiceert hij in 1963 het essay The Kandy-Kolored Tangerine-Flake Streamline Baby, een verhaal over de ‘hot-rod cultuur’. De gedramatiseerde manier waarop het verhaal is opgeschreven, betekent de doorbraak van Wolfe en New Journalism. Zijn invloed zie je nog altijd terug, stelt Dijksman.

Dijksman is redacteur voor Haagse Post in de periode dat New Journalism als stroming overwaait naar Nederland. “Natuurlijk heeft hij de journalistiek ook hier weten te beïnvloeden. Dat speelde misschien wat meer bij ons dan bij de kranten, waarbij de verslaggeving meer aan regels gebonden was. Het afvinklijstje zoals je dat leert op de School voor de Journalistiek, bijvoorbeeld. Wij bij HP waren wat experimenteler en dus wat vrijer in onze manier van schrijven. Daar komt bij dat ik en mijn collega’s sterk op Amerika georiënteerd waren. Wat daar gebeurde, daar sprak je met elkaar over in het café. Die kruisbestuiving is nooit weggeweest. Tot op de dag van vandaag is de bewondering voor hem gebleven.”

Toch kun je je afvragen in hoeverre de nalatenschap van Wolfe nog een rol speelt binnen de huidige journalistiek. Zijn stijl vraagt om veel tijd en geld, middelen die in steeds mindere mate aanwezig zijn op de redactievloer. Is er tegenwoordig nog wel ruimte voor zijn manier van journalistiek bedrijven?

Dijksman denkt van wel. “Er bestaat zeker een paradox tussen enerzijds geformatteerde standaarden die redacties hanteren en anderzijds het devies ‘probeer eens iets uit’. Ook is het een gegeven dat redacties krimpen en dat er steeds minder geld beschikbaar is. Zijn stijl hing samen met een vorm van vrijheid die er nu minder is. Aan de andere kant ben ik er van overtuigd dat er nog steeds een grote vraag is naar het soort verhalen die hij maakte. Er zijn dan ook nog steeds journalisten die de kunst van het verhalend vertellen verstaan. Marcel van Roosmalen en Joris van Casteren bijvoorbeeld.”

De tekst loopt hieronder door.

Tom Wolfe
Tom Wolfe tijdens het Trophee Des Arts Gala van 2012 in New York. Beeld: ANP/AFP Foto/Fernando Leon

Dijksman noemt het voorbeeld van Op pad met Pim, de reeks wekelijkse reportages die Van Roosmalen voor dit tijdschrift maakte over de verkiezingsbijeenkomsten van Pim Fortuyn. “Voor die tijd behoorlijk vernieuwend,” vertelt Dijksman.

“Toch moet je wel oppassen met vergelijken, de man heeft naast zijn journalistieke werk een bijzonder rijk oeuvre als schrijver nagelaten,” stelt hij. “En niet ieder nieuwsverhaal leent zich voor deze vrije vorm. Tegen bepaalde rigide redactierichtlijnen valt niet op te experimenteren. Wanneer jij ’s ochtends je stukje voor Metro tikt, moet je hem dan ook niet na willen doen. Maar zeggen dat zijn invloed helemaal verdwenen is, nee dat denk ik zeker niet.”