Onze kerken worden verkwanseld

Kerk

Sinds een maand is het Nederlands Philharmonisch Orkest / Nederlands Kamer Orkest ondergebracht in de Majellakerk in de Amsterdamse Indische Buurt.

Dat is goed nieuws voor het orkest, dat er een bijzondere eigen behuizing heeft gekregen, en voor de voormalige katholieke kerk, die op de nominatie stond voor sloop maar aan een nieuw leven kon beginnen. De nieuwe bewoner wil dat de NedPhO-koepel ook weer een buurtfunctie krijgt en gaat proberen allerlei groeperingen uit de samenleving met muziek in aanraking te brengen.

In mijn woonplaats gaan de komende jaren tien van de negentien rooms-katholieke kerken op slot. Een trend die zich overal in het land afspeelt. De kerkgang daalt, net als het aantal priesters, en de onderhoudskosten zijn niet meer op te brengen.

Wat er met die vaak markante kerkgebouwen gaat gebeuren, is meestal nog niet duidelijk. Hopelijk krijgen ze net als de Majellakerk een zinnige bestemming en worden ze niet, zoals wel eens voorkomt, verkwanseld aan een koopman die er een tapijthal in begint of aan een farizeïsch advocatenkantoor. Als ze al niet worden gesloopt omdat zich geen koper aandient.

De Majellakerk heeft een zinnige bestemming gekregen

Een nog functionerende kerk wordt steeds meer een schaars verschijnsel in onze steden en dorpen. Daarbij gaat het niet alleen om het godshuis zelf. Eeuwenlang impliceerde een kerk een plein met een pastorie, een patronaatsgebouw voor jeugd- en buurtwerk en een kroeg waar het kerkvolk na de zondagse mis weer fris aan de zonde kon beginnen en de R.K. Harmonie St. Caecilia in de achterzaal voor de processie oefende.

Fysiek zal dat kerkplein niet snel veranderen, maar het raakt wel zijn sociologische betekenis kwijt. De samenleving is erbij gebaat dat rond dat oude kerkplein nieuwe, eigentijdse initiatieven groeien, dat mensen elkaar blijven ontmoeten om vorm te geven aan cultuur en verdieping. Of de kerk nu doorgaat als muziektempel, tentoonstellingsruimte of boekenzaak, zoals de prachtige winkel Selexyz Domicanen in Maastricht.

Zulke ‘doorstarts’ zijn veel beter dan de onttrekking van kerken aan het maatschappelijke leven door ze te slopen of er een particulier met een exotische woonwens of een gesloten firma in te huisvesten. Met zulke vormen van teloorgang vervliegen plekken van fluistering en inspiratie temidden van het stadsgewoel, en dat is – om in stijl te blijven – eeuwig zonde. Als het echt niet anders kan, maak er dan laaggeoutilleerde en door vrijwilligers bijgehouden stiltehuizen van. Met hun bijzondere architectuur vol hoogte en diepte en hun daglicht dat door glas-in-lood wordt gefilterd, kunnen ze ook goddelozen inspireren om de hectiek van alledag even te ontlopen, om even te overdenken, te mediteren, of gewoon maar wat te dagdromen.


  • luck

    Met gemengde gevoelens zien we nu historische gebouwen, zoals kastelen en kerken, aan de ene kant mooi en met deskundigheid gebouwd, smaakvol en minder concessies aan economische wetmatigheden zoals vandaag de dag.
    Aan de andere kant kleeft aan o.a. godsdienstelijke bouwwerken een schaduw van menselijk leed, ook voordat de eerste gebruikers en bewoners kwamen waren er al de nodige bouw ongelukken gebeurd, ook na ingebruikneming was het niet al rozengeur.
    Of we over honderd jaar nog, al is het maar een minimaal aantal historische gebouwen zullen hebben, weggestopt tussen mega-gebouwen, wie het weet………