Laten we voor de veiligheid het briefkaartje voorlopig maar in ere houden

Nu we weten dat de Amerikaanse overheid (en waarschijnlijk niet alleen die) alles kan lezen en controleren wat wij per email, Twitter, Facebook of Whatsapp versturen kan het misschien geen kwaad om eens te kijken naar alternatieven.

Een niet voor jou bedoeld papieren briefje uit een gesloten envelop halen is volgens onze grondwet niet toegestaan. Maar e-mails en chatberichten mag iedereen vrijelijk inzien. Was ik een terrorist met snode bedoelingen dan zou ik een papieren brief sturen naar mijn medestrijders. De Amerikanen maken gebruik van een maas in onze wet.

Briefgeheim
Toen ruim 200 jaar geleden (in 1799) de briefpost een staatsaangelegenheid werd hoorde daar al snel een Postwet bij die de privacy en de prompte bezorging van die door de burgers verzonden brieven regelde. Het Briefgeheim waarbij het voor iedereen verboden is om post te openen staat zelfs in onze Grondwet en wel als Grondregel 13. Datzelfde geldt ook voor de (helaas) overleden Telegraaf. Alleen als een rechter vond dat er gerede grond was om post te controleren mocht de politie daartoe overgaan. Dat gebeurde maar zelden.

Inmiddels hebben we in dit land al bijna twintig jaar internet en is de voormalige staatstrots, de Koninklijke PTT Nederland, verworden tot een kwijnend bedrijf dat nu, geloof ik, PostNL heet en voornamelijk met niet-gekwalificeerde freelancers werkt die geen postbodes meer heten maar postbezorgers. Kwam de PTT vroeger wel drie keer per dag langs (echt waar, jonge lezers), nu heeft de minister onlangs besloten dat er op maandag geen bezorging meer hoeft plaats te vinden, behalve dan dwangbevelen en rouwbrieven. Valt te billijken, dunkt me, communicatie op papier is een aflopende zaak. Ik zelf heb ook al in geen maanden een brief gestuurd.

Wetgeving laat nog jaren op zich wachten
Maar regel 13 in onze Grondwet staat nog steeds keihard overeind. De overheid garandeert mijn recht op privacy en mijn briefgeheim. Dat betekent dus dat ik er op kan rekenen dat de informatie die ik aan een ander stuur alleen terechtkomt op de plek van mijn bestemming. Die garantie heb ik niet wanneer ik digitaal communiceer met buren, vrienden of mede-terroristen. Het is bijna niet te geloven, maar pas eind vorig jaar is er een begin gemaakt met een voorstel om ook e-mail en dergelijke onder een soort privacywetgeving te laten vallen. Zoals het altijd gaat in dit land is dat voorstel eerst de inspraak in gestuurd dus het kan nog wel enige jaren duren voor het door de wetgevers in de beide kamers van de Staten-Generaal wordt behandeld.

Onder het mom van terrorismebestrijding leest de overheid – ook de Nederlandse, daar ben ik van overtuigd – alles wat wij schrijven en lezen en er is geen wet die dat verbiedt. Laten we daarom het ouderwetse alternatief, dat wel wettelijk beschermd is, nog maar even in ere houden. Voorlopig is een briefkaartje veiliger dan een e-mail.