In Tilburg hoef je niet aan te komen zetten met ‘batch brewing’

Als niet-koffiedrinker lees ik de rubriek ‘Koffiecriticus’ in de Volkskrant graag. Deze week bezocht koffierecensent Wineke de Boer mijn woonplaats Tilburg, waar ze drie koffietentjes langsging. De lead vermeldt een interessante term: batch brewingIn combinatie met een uitleg over koffiebonen uit Papoea-Nieuw-Guinea moest dat wel iets speciaals zijn. Het viel me vies tegen. Batch brewing blijkt geen met zorg samengestelde cocktail van koffieblends en diverse bonenstijlen, maar ‘een grote thermoskan met filterkoffie’. Welkom in het rijke en tegelijkertijd lege vocabulaire van de foodie.

Engelse leenwoorden zijn zeker geen nieuw verschijnsel, zo legde emeritus-hoogleraar Historische Nederlandse Letterkunde Herman Pleij nog uit in de afgelopen wintereditie van HP/De Tijd. Hij werd door mij gevraagd naar zijn modewoord van 2015. (Het antwoord was ‘graasdruk.)

Frans, Duits, Engels: het Nederlands neemt al eeuwen lang elementen van andere talen over. De laatste jaren lijkt het Nederlands echter in rap tempo te verengelsen. Of eigenlijk: ik zie het nu zelfs gebeuren in Tilburg.

Niet alleen op culinair niveau kunnen we er tegenwoordig wat van, ook de zakenwereld barst van de (holle) anglicismen. Cherry-pickingpeeling back the onionco-opetition. In 2013 verscheen de Global Language Monitor met daarin de Top Business Buzzwords. Het allerleegste internationale woord? Content. Iedereen wilde iets doen met content, maar wat het precies inhield en een idee over wat ermee moest gebeuren had niemand.

Maar menukaarten blijven toch de grootste visvijver. Het is bewonderenswaardig hoe mooi een simpele biefstuk wordt aangeduid zodra je er ‘slowfood‘ naast zet. Een nieuwe term viel me laatst op tijdens een lunch op een terrasje. Volgens de menukaart was er de mogelijkheid om van verschillende broodjes maar één sneetje te krijgen. Het wordt nog beter. Er was de optie om de verschillende sneetjes te mix’n’matchen.

In Tilburg hebben ze daar een wat exotische klinkend, pasklaar antwoord op: Des nen appetjoek. (Google is uw beste vriend.)