Van homo sapiens tot homo smartphonicus

Sociaal zonder face-to-facecommunicatie

Veilig Verkeer Nederland (VVN) is de laatste tijd op de fietstour. Naast pleiten voor herenfietsen zonder stang wil VVN strenger straffen bij het gebruik van de smartphone op de fiets.

Volgens columnist Hans Schnitzler van Follow The Money mag smartphonegebruik nog harder aangepakt worden. Hij vindt dat het tijd wordt voor waarschuwingsplaatjes op smartphones. Hij vergelijkt het telefoongebruik met roken en suikers; smartphonegebruik is net zo verslavend. Hij noemt het een geestelijke verslaving, die net zo schadelijk is als de lichamelijke verslaving. Hij is bang dat de smartphone-cultuur in een mentale crisis dreigt te storten.

Maatschappelijke ontwikkeling

Uit een onderzoek van de Amerikaanse psycholoog Jean Twenge blijkt dat smartphonegebruik invloed heeft op de mentale gesteldheid van jongeren. De generatie geboren tussen 1995 en 2012 zou zich vaker eenzaam en depressief voelen. Een onderzoek van Sherry Turkle over smartphonegebruikers laat zien dat zij minder sociaal zijn en dat het inlevingsvermogen afneemt.

In plaats van minder sociaal, is het juist een andere vorm van sociaal contact. Het gebruik van een smartphone biedt ons juist veel mogelijkheden op het communicatievlak. Niet face-to-face, maar wel met mensen verder weg. Doordat we met de hele wereld contact kunnen maken, hoeven we minder bang te zijn dat we die ene vakantievriend niet meer spreken.

Bovendien is het gebruik van sociale media een hulpmiddel voor eenzame jongeren: een makkelijke manier om sociaal contact te maken via internet. Natuurlijk zijn er tegenstanders die zeggen dat te veel contact niet haalbaar is voor een mens, maar online sociaal contact kan wel steun bieden voor deze eenzame jongeren.

Gebruiksvriendelijk kennis vergaren

Kinderen die in de klas raar worden aangekeken omdat ze anders zijn, vreemde hobby’s hebben of niet sociaal zijn, kunnen via het internet vrienden maken die dezelfde interesses hebben. Daarnaast kan het gebruik van de telefoon een gebruiksvriendelijke manier zijn om kennis te vergaren.

Schnitzler vindt dat de zogenaamde homo smartphonicus gewaarschuwd moet worden voor de gevaren van de mobiele telefoon. Misschien dat we deze innovatie beter kunnen inzetten en juist kunnen gebruiken in het onderwijs. Leerlingen kunnen door middel van het effectief inzetten van de mobiele telefoon kennis delen met anderen in binnen- en buitenland.

Uit onderzoek blijkt echter dat lezen vanaf papieren teksten effectiever is, maar door interactieve opdrachten via de telefoon wordt leren leuker. En als leerlingen ziek zijn, kunnen ze via de cloud makkelijker vanuit huis met school bezig zijn.

In plaats van een waarschuwingsplaatje op de smartphones — of een slot tijdens het gebruik in het verkeer — kunnen we ook kijken naar de positieve invloeden van het telefoongebruik. Misschien moet de definitie van sociaal contact breder gezien worden. Een gesprek voeren hoeft niet meer face-to-face.

SmartphoneHomo smartphonicus

Contact leggen met elkaar was nooit zo makkelijk. We komen niet onder de nieuwe technologieën uit, dus laten we deze dan maximaal benutten. Waar Schnitzler wel een punt heeft, is dat de telefoon ook op verkeerde momenten gebruikt wordt, waardoor het een verslaving kan worden. In het verkeer kan de telefoon inderdaad beter in de broekzak blijven, tenzij je hem gebruikt als GPS.

We leven in een tijd waar een nieuwe diersoort onderdeel is van de maatschappij. De rechtopstaande mens zit anno 2017 vaker op zijn telefoon, heeft een zogenaamde text neck en heeft minder inlevingsvermogen. In dat kader evolueert onze homo sapiens misschien langzaam in de homo smartphonicus, maar maakt er voorlopig geen plaats voor.