Lef krijgt weer de ruimte van de Filmacademie

Het was de afgelopen jaren niet altijd een feest om naar de afstudeerfilms van Filmacademiestudenten te kijken. In 2015 noemde filmredacteur Nico van den Berg deze films nog ‘braaf en bescheiden’. Maar Lichting 2018, zoals de groep afgestudeerde bachelorstudenten dit jaar wordt genoemd, is er één om in de gaten te houden.

Filmacademie
Een still uit At Midnight Plays A Dance Tune.

Zagen we eerder vooral technisch goed gemaakte films, dit jaar kregen een paar studenten zo te zien ook de ruimte om qua vorm wat meer uit te pakken, met de spannende en snelle montage in At Midnight Plays A Dance-Tune als ultiem voorbeeld. Ook krijgt de Filmacademie weer wat kleur op de wangen na een paar grijze jaren.

Zo gooide Filmacademie-directeur Bart Römer al in januari een steen in de Hofvijver door te stellen dat ‘Den Haag geen cultuurvisie heeft’. En in Römers openingsspeech vlak voor de vertoningen van Lichting 2018 afgelopen maandag kon hij trots aankondigen dat niet alleen de nieuwe VR Academy (een deelopleiding voor Virtual Reality films) state-of-the-art is, maar dat ook het propedeuseprogramma volledig op de schop gaat, met een grotere nadruk op ‘individuele ontplooiing’.

Het klinkt als het zoveelste cliché uit het Handboek voor Managers, maar hopelijk betekent dit in de praktijk vooral meer creatieve vrijheid. Nu alleen nog de bureaucratische benadering van de filmfondsen overboord gooien om de creativiteit niet in een later stadium alsnog te laten stranden.

Toegegeven: één beter Filmacademiejaar maakt nog geen zomer. En ook dit jaar zitten er tussen de zes korte documentaires en zeven fictiefilms wederom een aantal mindere goden bij. Zo zakt de film DRIFT over een moeizame vader-zoon relatie langzaam weg in een poel van platgetreden paden. Stroef acteren, geforceerde dialogen en een totaal ongeloofwaardig plot zorgen ervoor dat elke vorm van inleving en identificatie meteen de kop wordt ingedrukt.

Filmacademie
Een still uit Pure Lucht.

Ook de film Pure Lucht, over een jongen die merkt dat hij mensen met een prik kan laten leeglopen, begint aardig, maar loopt daarna zelf futloos leeg. Het lukt de makers niet om van het grapje een echt verhaal te maken En de documentaire The Long Road Home over een moeizame vader-dochter relatie heeft zo’n monotoon en navelstaarderig karakter, dat je blij bent als eindelijk de eindcredits verschijnen.

Veel Filmacademiestudenten zoeken het dicht bij huis en nemen hun eigen leefwereld als onderwerp voor hun afstudeerfilm. Soms levert dat gemakzuchtige en narcistische films op ,maar soms ontstaan er ook persoonlijke pareltjes. Eén van de beste voorbeelden van deze laatste categorie is de documentaire At Midnight Plays A Dance-Tune van de zeer getalenteerde Roy Seerden.

De tekst loopt hieronder door.

Het gaat hier opnieuw om een persoonlijk verhaal van de filmmaker: iemand die na de dood van zijn moeder zijn toevlucht zoekt bij een wat vreemde buurman en daarmee zijn seksualiteit en zijn ‘anders-zijn’ ontdekt. Alleen blijft hij niet steken in het persoonlijke en in zichzelf gekeerde, zoals The Long Road Home wel doet. Integendeel, als kijker identificeer ik me door de energieke beeldenstorm meteen met de angsten en lusten van de hoofdpersoon.

De experimenteerdrift zit niet alleen in zijn leven, maar past hij ook in de film continu toe: snelle montage, doorsnijden van gewone scènes met poëzie en muziek en het kort maar expliciet laten zien van een neukscène tussen twee mannen.

De tekst loopt hieronder door. 

Het thema van de ontluikende mannen- of jongensliefde staat ook centraal in de gevoelige fictiefilm Dante vs. Mohammed Ali. Qua camerawerk en montage is het wat minder uitbundig dan At Midnight, maar qua zeggingskracht is de film minstens zo geslaagd. Acteurs Bas Keizer en Gijs Blom spelen op overtuigende wijze twee om elkaar heen draaiende plattelandsjongens, de één dromerig en artistiek, de ander wat onbehouwen. Er hangt een mooie tijdloosheid in deze zeer sfeervolle film.

Een andere film die zeer hoog scoort op de sensiviteitsmeter is Tot Het Einde van de Wereld, die door filmjournalisten tot beste afstudeerfilm werd uitgeroepen. En in tegenstelling tot het vader-dochterdrama The Long Road Home weet deze film wel te raken. Dat komt vooral door het fantastische acteerwerk van het achtjarige hoofdrolspelertje Linde van der Storm en de chemie die ze heeft met acteur Juda Goslinga. Ook een film als Bladgoud, een sober drama over een jongen die door schaamte en angst steeds vaker wegzakt in de schulden, is een opmerkelijk volwassen eindexamenfilm. Net als de film Sisters die zonder dialoog maar helemaal met dans je meeneemt in de fantasie van drie zusjes.

De tekst loopt hieronder door.

Niet alle afstudeerfilms hebben een eigen persoonlijk verhaal als rode draad. Zo draait de docu Het Zaad van Karbaat – tevens winnaar van de VPRO Documentaire Prijs – om het schandaal rond spermadokter Jan Karbaat die jarenlang ongemerkt zijn eigen sperma bij vrouwen erin schoof. In strak gekadreerde shots en zonder interviewvragen laten de makers zonder sentiment de slachtoffers hun verhaal vertellen. Ambitieus is ook de enige animatiefilm, The Library of Things, dat er ondanks het kleine budget prachtig uitziet en menig kort Disney voorfilmpje naar de kroon steekt.

De Filmacademie bestaat dit jaar precies zestig jaar. Naast het vooruitkijken is het met zo’n rijke geschiedenis goed om af en toe ook terug te blikken en creativiteit en talent van oud-studenten als Martin Koolhoven, Dana Nechushtan, Lodewijk Crijns en Tim Oliehoek te laten voortleven. Niet alleen als Wall of Fame van oud-leerlingen die de Filmacademie heeft aangekondigd, maar ook als bewustwording dat filmmaken vooral een creatief proces moet zijn, veel meer dan puur een ambacht waar de laatste jaren vooral de aandacht op lag.

Meer filmverhalen van Nico van den Berg? Volg ons op Facebook